- Decision of January 12, 2012

12/01/2012 - M70470/5451

Case law

Summary

Samenvatting 1

Decision - Integral text

(...)

I. Feiten

Paul X. heeft te ..., in de nacht van 6 op 7 november 2001 zowel zijn echtgenote, mevrouw Nicole Y., als hun beide kinderen, Glenn X. en Brenda X., vermoord.

II. Vervolging

Bij arrest van het Hof van Assisen van de provincie ... d.d. 4 oktober 2004 werd Paul X. veroordeeld tot levenslange opsluiting wegens het met voorbedachten rade opzettelijk, met het oogmerk om te doden, gedood te hebben.

Bij arrest van het Hof van Assisen van de provincie ... d.d. 5 oktober 2004 werd hij veroordeeld om aan de burgerlijke partijen volgende bedragen te betalen:

- aan de heer Henri Y. (†): EUR 35.000,00: morele schade;

- aan mevrouw Maria V.: EUR 35.000,00: morele schade;

- aan het echtpaar Henri Y. - Maria V.: EUR 13.936,50: materiële schade;

- aan mevrouw Olga Y.: EUR 15.000,00: morele schade

EUR 858,54: materiële schade;

- aan mevrouw Diane Y.: EUR 15.000,00: morele schade.

EUR 1.358,54: materiële schade;

Bovenvermelde arresten zijn in kracht van gewijsde getreden.

III. Mogelijkheden tot schadeloosstelling

- Paul X. verblijft thans in de penitentiaire instelling ... . Sporadisch werd op de rekening van de raadsman een bedrag van EUR 35 gestort. Tot september 2011 werd slechts EUR 1.680 gestort. Dit bedrag komt niet integraal toe aan verzoekster vermits het een onderdeel vormt van een veel groter schuldenbedrag dat werd toegekend aan verzoekster en haar dochters, mevrouw Olga Y. en mevrouw Diane Y.. Verzoekster kreeg hiervan EUR 1.213,97. Er werd reeds

EUR 2.518,08 gestort aan het Ministerie van Financiën.

- De verzoekster en haar dochters werden - in hun hoedanigheid van rechtsopvolgers van hun vooroverleden familieleden - het slachtoffer van beslagen gelegd op goederen die toebehoorden aan het gezin X.-Y.; dit ingevolge openstaande schulden in hoofde van Paul X. aan derden.

- Zij zagen zich dan ook genoodzaakt om de nalatenschap van hun vooroverleden dochter/zuster onder voorrecht van boedelbeschrijving te aanvaarden. Dit blijkt uit de akte neergelegd op de griffie bij de Rechtbank van Eerste aanleg te ... d.d. 1 maart 2007.

- Ingevolge het PV van sluiting van rangregeling in hoofde van de heer X. kwam een bedrag van EUR 12.869,15 toe aan verzoekster wegens morele schadevergoeding. Daarnaast werd een bedrag van EUR 5.124,31 toegekend aan de nalatenschap van wijlen de heer Henri Y. en verzoekster wegens materiële schadevergoeding.

- De verzekeraar KBC heeft EUR 16.841,50 uitbetaald aan de heer en mevrouw Maria V. - Henri Y., dit voor de materiële schade ingevolge de insolvabiliteit van de aansprakelijke partij.

IV. Gevolgen voor de nabestaanden

Het arrest van het Hof van Assisen van de provincie ... d.d. 4 oktober 2004 vermeldt: "Overwegende dat uit de uitermate zwaarwichtige feiten de duidelijke wil van de beschuldigde is gebleken om zijn echtgenote en kleine kinderen eenvoudigweg te liquideren; Dat zij daarbij op een uitzonderlijk gruwelijke, als het ware beestachtige wijze zijn gepleegd, waarbij de term ‘afslachting' bijna eufemistisch te noemen is;

Dat de beschuldigde op volstrekt emotieloze en gevoelloze wijze is te werk gegaan, zonder enig respect voor personen die hem het dierbaarst moesten zijn, in het bijzonder zijn weerloze kinderen, en hij ook nadien geen blijk van enige emotie daaromtrent heeft gegeven:... ."

V. Begroting van de gevraagde hulp

Verzoekster vraagt een financiële hulp conform de bedragen toegekend bij arrest d.d. 5 oktober 2004 van het Hof van Assisen van de provincie .... Zij vraagt bovendien intresten.

VI. Beoordeling door de Commissie

Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd. Aan de ontvankelijkheidsvoorwaarden werd voldaan. De kansen op verhaal tegenover de dader werden grondig nagegaan.

De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd.

Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 nageleefd te worden.

1. Mevrouw Maria V. kan geen financiële hulp krijgen voor haar overleden echtgenoot, de heer Henri Y.. Een verzoeker kan slechts een financiële hulp bekomen voor een overledene indien het overlijden het rechtstreeks gevolg is van een opzettelijke gewelddaad. In casu is dit niet het geval.

De parlementaire bescheiden wijzen immers uit dat de formule van indeplaatsstelling van de Staat ingegeven was door een streven naar billijkheid, een aanvullend karakter had en in feite een solidariteitsgebaar was maar geenszins in hoofde van de aanvragers een "recht" inhield (Parl. Hand., Kamer, zitting van 23 juli 1985, blz. 3480).

De Minister van zijn kant heeft verklaard dat het niet de bedoeling was een recht in het leven te roepen doch dat de door het ontwerp voorziene tussenkomst, mutatis mutandis, kan worden vergeleken met de wet op de rechtshulp en dus eerder afgestemd is op de idee van een waarborgfonds met het doel het lijden van de slachtoffers te verlichten waarbij niettemin rekening wordt gehouden met de beschikbare financiële middelen (verslag in naam van de Senaatscommissie van Justitie door de Heer VAN ROMPAEY - Documenten Senaat 1984-85, blz. 873).

Uit wat voorafgaat kan worden gesteld dat de wet geen burgerlijk recht tot schadeloosstelling toekent en dat mevrouw Maria V. geen titularis is van een overdraagbaar recht zodat haar vraag tot het bekomen van een hulp namens haar overleden echtgenoot niet kan ingewilligd worden.

2. Intresten worden niet voor vergoeding in aanmerking genomen.

De zienswijze van de Commissie ten aanzien van de intresten werd reeds eerder bevestigd bij arrest nr. 165.787 van de Raad van State, afdeling administratie, d.d. 12 december 2006 (G. Bijnens t./ Belgische Staat).

3. Ingevolge proces-verbaal van rangregeling (blz. 17) werd aan verzoekster, na aftrek, EUR 12.458,68 toegekend en, aan de nalatenschap van de heer Henri Y., na aftrek, EUR 4.960,87 (: 2) =

EUR 2.480,435. In totaal bekwam verzoekster: EUR 12.458,68+ EUR 2.480,435 = EUR 14.939,115.

4. Artikel 32 § 2, 4e van de wet van 1 augustus 1985 juncto artikel 2 van het K.B. van 18/12/1986 voorziet dat de begrafeniskosten voor maximaal EUR 2.000 (per overledene) in aanmerking kunnen genomen worden. In casu heeft verzoekster recht op EUR 6.000 in totaal. In voormeld artikel werd de schadepost "materiële schade" bewust weggelaten voor wat betreft de nabestaanden.

5. De uitkering door de verzekeraar (EUR 16.841,50) wordt in eerste instantie aangerekend op de posten die niet voor vergoeding in aanmerking komen, nl. de materiële kosten, inclusief de begrafeniskosten. Vermits volgens het arrest de materiële kosten zijn begroot op EUR 13.936,50 en de verzekeraar

EUR 16.841,50 heeft uitgekeerd, oordeelt de Commissie om de resterende EUR 2.905 in mindering te brengen van de morele schade.

6. Rekening houdend met bovenvermelde opmerkingen komt de Commissie tot volgende berekening:

begrafeniskosten EUR 0

morele schade EUR 35.000

nalatenschap - EUR 14.939,115

verzekering - EUR 2.905

EUR 17.155,885

Aan verzoekster wordt in billijkheid EUR 17.500 toegekend.

*

* *

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op:

- de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken;

- de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009;

- het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 december 2006;

- Verklaart het verzoek van mevrouw Maria V. voor haar overleden echtgenoot, de heer Henri Y., onontvankelijk.

- Verklaart het verzoek van mevrouw Maria V. ontvankelijk.

Kent haar een hulp toe van EUR 17.500.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 12 januari 2012.

De secretaris, De voorzitter,

M. STEYAERT P. DRAULANS

Free keywords

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 22 mei 2007, waarbij verzoekster de toekenning heeft gevraagd van een financiële hulp voor schade ten gevolge van het gewelddadig overlijden van respectievelijk haar dochter, Nicole Y. en van haar kleinkinderen, Glenn X. en Brenda X.;

  • ten gevolge van bovenvermelde feiten vraagt zij tevens een hulp voor haar overleden echtgenoot, de heer Henri Y., overleden te ... op ../../2006.