- Decision of March 1, 2012

01/03/2012 - M11-5-0135/7968

Case law

Summary

Samenvatting 1

Decision - Integral text

(...)

I. Feiten

Op 12 november 2004 bevond verzoeker zich in bed op zijn kamer in de ouderlijke woning te ..., toen de heer Osman Z. aanbelde. Deze laatste vroeg aan het nichtje van verzoeker waar hij deze kon vinden, begaf zich naar diens kamer, opende de deur en loste twee schoten. Eén van de kogels doorboorde een long van verzoeker en raakte zijn ruggengraat.

II. Vervolging

Bij arrest van het Hof van Assisen van de provincie ... d.d. 10 december 2008 werd de heer Osman Z., wegens het plegen van onder meer de sub I vermelde feiten (gekwalificeerd als moordpoging op verzoeker) veroordeeld tot levenslange opsluiting.

Op burgerlijk gebied werd hij bij arrest d.d. 22 april 2009 veroordeeld tot betaling van een provisioneel bedrag van euro 1.000.000 meer intresten aan verzoeker, voor schade van om het even welke aard.

Tegen deze arresten werd geen cassatieberoep aangetekend.

III. Gevolgen van de feiten

Verzoeker werd opgenomen op de afdeling Intensieve Zorgen van het Sint-Lucasziekenhuis te ..., alwaar hij verbleef tot 26 november 2004. Nadien werd hij overgebracht naar de afdeling Intensieve Zorgen van het UZ ... en vervolgens naar de afdeling longziekten. Daarna verbleef hij maandenlang in het Revalidatiecentrum van hetzelfde ziekenhuis.

Luidens het deskundig verslag d.d. 20 maart 2006 van Prof. Dr. Els De L. (aangesteld door Onderzoeksrechter C. te ...) liep verzoeker volgende letsels op:

- tetraplegie met volledige motorische en sensiebele uitval vanaf C 3 links en vanaf C 4 rechts: volledige verlamming onder het niveau van de schouders - sterke hinder in zijn algemeen functioneren en volledig afhankelijk van derden voor dagdagelijkse zaken zoals eten, drinken, persoonlijke hygiëne - man heeft ad vitam kinesitherapie nodig teneinde de mobiliteit van de gewrichten te bewaren - man kan zich voortbewegen via een aangepaste rolstoel die hij bedient met het hoofd, de bewegingen van het hoofd zijn echter eveneens beperkt;

- zenuwpijn op diverse plaatsen van het lichaam onder het niveau van het letsel;

- ademhalingsproblemen, vnl. bij het eten en spreken;

- obstipatieproblematiek;

- neurogene blaas, waarvoor dagelijks sondage en tapottage;

- een visusprobleem (dubbelzicht en accommodatiestoornissen);

- psychologische problemen (nachtmerries).

De deskundige besluit tot een tijdelijke én blijvende arbeidsongeschiktheid van 100 % ad vitam (met een fysiologisch deficit van minstens 95 %, met voorbehoud voor infecties die levensbedreigend kunnen zijn).

IV. Mogelijkheden tot schadeloosstelling

* De kansen op verhaal tegenover de heer Osman Z. zijn nagenoeg onbestaande. Hij werd veroordeeld tot levenslange opsluiting voor o.a. vier moorden en heeft geen bezittingen.

In het verbandhoudend dossier M10-5-0507 werd door gerechtsdeurwaarder P. De S. een attest van onvermogen afgeleverd betreffende de heer Z.: "Osman Z. is gedomicilieerd en verblijft in de gevangenis te ..., ... . Volgens inlichtingen DIV bezit hij geen voertuig ingeschreven op eigen naam. Hij bezit geen onroerende goederen in België en is evenmin gerechtigd in een onroerend goed."

* Ingevolge zijn volledige arbeidsongeschiktheid ontvangt verzoeker een maandelijkse uitkering van ca. euro 1.300 van de mutualiteit. Ingevolge zijn volledige invaliditeit, met permanente behoefte aan hulp van derden, ontvangt hij een Persoonlijk Assistentie Budget van maximaal euro 3.000 per maand. Daarnaast geniet hij van de Vlaamse Zorgkas een maandelijkse uitkering van euro 125.

* Luidens het verzoekschrift beschikt verzoeker niet over enige verzekering die tussenkomst zou kunnen verlenen.

V. Begroting van de gevraagde hulp

Verzoeker vraagt om de toekenning van een hulp van euro 47.000, zijnde het wettelijk voorziene maximumbedrag van euro 62.000, verminderd met de reeds ontvangen noodhulp van euro 15.000 (beslissing van de Commissie d.d. 28 juli 2005 inzake dossier M 50358).

VI. Beoordeling door de Commissie

Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd.

Aan de ontvankelijkheidsvoorwaarden werd voldaan.

De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen nageleefd te worden.

Rekening houdend met alle omstandigheden van de zaak, zoals hierboven geschetst, meent de Commissie dat de toekenning van het gevraagde hulpbedrag van euro 47.000 zonder meer gerechtvaardigd is.

*

* *

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op:

- de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken;

- de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009;

- het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 december 2006.

Verklaart het verzoek ontvankelijk en kent een hulp toe van euro 47.000.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 1 maart 2012.

De secretaris, De voorzitter,

G. VAN DEN ABBEELE L. VULSTEKE

Free keywords

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 10 februari 2011, waarbij verzoeker om de toekenning heeft gevraagd van een financiële hulp voor schade als gevolg van een opzettelijke gewelddaad.