- Decision of March 27, 2012

27/03/2012 - M11-3-0734/8305

Case law

Summary

Samenvatting 1

Decision - Integral text

I. Feiten

Verzoekster werd op 14 december 2008 bij het uitoefenen van haar werk als busbestuurder uitgescholden en geslagen door een vrouwelijke passagier.

De feiten vonden plaats te ..., Nederland.

II. Vervolging

- Kelly Z. (geboren op ../../1983 te ...) werd vervolgd wegens te ..., Nederland op 14 december 2008, opzettelijk verwondingen of slagen te hebben toegebracht aan X. Veronique, die voor deze een ziekte of ongeschiktheid tot het verrichten van persoonlijke arbeid ten gevolge hadden, met de verzwarende omstandigheid dat het misdrijf gepleegd werd tegen een chauffeur van een uitbater van een netwerk voor openbaar vervoer.

- Bij vonnis d. d. 10 januari 2010 van de Correctionele rechtbank te ... werd zij bij verstek veroordeeld tot een gevangenisstraf van vier maanden en een geldboete van euro 550.

Op burgerlijk gebied werd zij veroordeeld om de verzoekster de som van euro 972,50 te betalen meer de intresten en een rechtsplegingsvergoeding.

De som van euro 972,50 wordt door de rechtbank als volgt begroot:

T.A.O. moreel euro 425,00

(van 14.12.2008 tot en met 30.12.2008: 17 d à euro 25,00)

Morele schade wegens fysische en psychische bedreiging euro 250,00

Economisch verlies huishouden (17 d à euro 25,00) euro 297,50

Tegen dit vonnis werd geen rechtsmiddel aangewend.

III. Beoordeling door de Commissie

Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd.

De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 nageleefd te worden.

1. Territorialiteitsbeginsel

Artikel 31bis,§ 1, 1° van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen luidt als volgt:

"1° De gewelddaad is in België gepleegd.

Hiermee wordt een in het buitenland gepleegde opzettelijke gewelddaad, waarvan een in artikel 42, § 3, bedoeld persoon in bevolen dienst het slachtoffer is, gelijkgesteld."

Het voormeld artikel 42, §3 luidt als volgt:

"§ 3. De bijzondere vergoeding wordt toegekend :

1° aan de personeelsleden van het operationeel kader en van het administratief en logistiek kader van de politiediensten bedoeld in artikel 116 van de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus;

2° aan de leden van de buitendiensten van de afdeling « Veiligheid van de Staat » van het bestuur openbare Veiligheid van de federale overheidsdienst Justitie;

3° aan de personeelsleden van de Krijgsmacht en de burgerlijke personeelsleden van het ministerie van Landsverdediging;

4° aan de leden van de diensten van de civiele bescherming;

5° aan de leden van de openbare brandweerdiensten;

6° aan de leden van de buitendiensten van het bestuur der Strafinrichtingen."

2. Ontvankelijkheid

De gewelddaad werd niet in België gepleegd en verzoekster behoort niet tot één van de beroepsgroepen voorzien in artikel 42, §3. Zodoende dient het verzoekschrift als onontvankelijk te worden beschouwd.

*

* *

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op:

- de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken;

- de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009;

- het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 december 2006.

Verklaart het verzoek onontvankelijk.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 27 maart 2012.

De secretaris a.i., De voorzitter,

M. STEYAERT P. DRAULANS

Free keywords

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 14 april 2011, waarbij verzoekster om de toekenning heeft gevraagd van een financiële hulp voor schade als gevolg van een opzettelijke gewelddaad.