- Decision of April 17, 2012

17/04/2012 - M11-7-0256/8041

Case law

Summary

Samenvatting 1

Decision - Integral text

(...)

I. Feiten

Verzoekster kende de genaamde Danny Z. (° 1981) uit de wijk waar ze als kind had gewoond. Maar gedurende vele jaren had ze hem niet meer gezien.

In 2009, verzoekster was toen 25 jaar, ontmoette ze hem terug. Ze wisselden hun gsm-nummers uit.

Toen verzoekster naar een warenhuis ging en terug buiten kwam, stond Z. haar plots op te wachten. Verzoekster ging in op zijn aanbod om van ... naar ... te rijden en er een motorfiets te gaan bekijken. Op de terugweg reed Z. plots een bosweg in. Ondanks het verzet van verzoekster heeft hij haar seksueel misbruikt. Dit heeft zich later herhaald in haar woning.

II. Vervolging

Bij vonnis dd. 2 december 2010 van de rechtbank van eerste aanleg te ... werd de onmiddellijke internering bevolen van Danny Z. (° 1981) voor onder meer de volgende bewezen verklaarde tenlasteleggingen:

"I. De misdaad van verkrachting, zijnde elke daad van seksuele penetratie van welke aard en met welk middel ook, gepleegd te hebben op de persoon van X. Kelly, geboren op ../../1984, die daar niet in had toegestemd, hetzij doordat de daad is opgedrongen door middel van geweld, dwang of list, hetzij mogelijk is gemaakt door een onvolwaardigheid of een lichamelijk of een geestelijk gebrek van het slachtoffer, namelijk:

A. te ... op 18 maart 2009

B. te ... op 19 maart 2009

III. Aanranding van de eerbaarheid met geweld of bedreiging gepleegd te hebben op een persoon van het mannelijke of vrouwelijke geslacht, namelijk:

A. te ... en te ..., op 18 en 19 maart 2009, meermaals:

op de persoon van X. Kelly, geboren op ../../1985

[...] "

PS: in totaal stelden zich 8 vrouwelijke slachtoffers burgerlijke partij voor gelijkaardige feiten.

Op burgerlijk vlak werd Z. bij zelfde vonnis veroordeeld tot betaling aan verzoekster de hoofdsom van euro 1.000 meer de intresten en een RPV van euro 400.

Dit vonnis bekwam kracht van gewijsde.

III. Mogelijkheden tot schadeloosstelling

III-1. De instrumenterende gerechtsdeurwaarder laat weten dat er lastens de veroordeelde geen enkele uitvoeringsmogelijkheid bestaat. Hij werd geïnterneerd en is gedomicilieerd op het adres van de hulpgevangenis te Leuven.

III-2. Verzoekster heeft een rechtsbijstandverzekering afgesloten bij EUROMEX. De waarborg ‘insolventie van derden' is enkel van toepassing op verkeersongevallen.

IV. Begroting van de gevraagde hulp

Verzoekster vraagt om de toekenning van een hulp van euro 1.478,66.

- hoofdsom volgens vonnis van 2/12/10 euro 1.000,00

- intresten euro 78,66

- RPV euro 400,00

V. Beoordeling door de Commissie

Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd.

De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 nageleefd te worden.

De Commissie verzekert geen integrale schadeloosstelling. Ze kan, naar billijkheid, een financiële hulp toekennen voor de schadeposten die limitatief zijn opgesomd in artikel 32, § 1, van de wet van 1 augustus 1985.

‘Intresten' zijn daarbij niet opgenomen en komen dus niet in aanmerking voor een financiële hulp. Het principe dat de bijzaak de hoofdzaak volgt is hier niet van toepassing; immers de schuldenaar van de toegekende hulp, zijnde de Belgische Staat, is niet de veroorzaker van de schade. De zienswijze van de Commissie ten aanzien van de intresten werd bevestigd bij arrest nr. 165.787 van de Raad van State d.d. 12 december 2006.

Verzoekster beschikt over een familiale polis met luik rechtsbijstand. De waarborg ‘onvermogen van derden' is enkel van toepassing op verkeersongevallen.

Dat deze clausule een beperkte draagwijdte heeft, staat volledig los van het principe dat de rechtsbijstandverzekeraar de procedurekosten ten laste moet nemen.

Indien een advocaat tussenkomt voor een slachtoffer, voor wie hij zich burgerlijke partij stelde voor de correctionele rechtbank, in opdracht en op kosten van een verzekeringsmaatschappij, dan komt de rechtsplegingsvergoeding, indien deze betaald zou worden, toe aan de maatschappij (die ook de ereloonstaat van de advocaat ten laste neemt).

Kortom, het bedrag dat voor de rechtsplegingsvergoeding betaald wordt, komt nooit het slachtoffer ten goede. In die omstandigheden een hulp toekennen voor de rechtsplegingsvergoeding zou indruisen tegen de filosofie van de wet van 1 augustus 1985.

Ter rechtszitting is gebleken dat verzoekster nog steeds therapie volgt, verzwarende medicatie neemt en verhuisd is om uit de buurt van de veroordeelde te blijven. De geleden morele schade valt dus hoger te percipiëren dan hetgeen in gemeenrecht is toegekend. Dienaangaande verklaarde verzoekster uitdrukkelijk zich te gedragen naar de wijsheid van de Commissie.

Rekening houdende enerzijds met de ernst van de feiten, de opgelopen schade en de gebruikelijke tarieven gehanteerd door de Commissie in analoge dossiers inzake morele schade en anderzijds met de door de wet uitgesloten schadeposten, meent de Commissie aan verzoekster in billijkheid een hulp te kunnen toekennen begroot op euro 15.000.

*

* *

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op:

- de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken;

- de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009;

- het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 december 2006,

Verklaart het verzoek ontvankelijk en kent verzoekster een hulp toe van euro 15.000.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 17 april 2012.

De plv. secretaris, De voorzitter,

B. VAN BEURDEN C. DELESIE

Free keywords

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 8 maart 2011 waarbij verzoekster om de toekenning heeft gevraagd van een financiële hulp voor schade als gevolg van een opzettelijke gewelddaad.