- Decision of August 20, 2012

20/08/2012 - M10-3-0490/7383

Case law

Summary

Samenvatting 1

Decision - Integral text

- (...)

I. Feiten

Uit het vonnis van de Rechtbank van Eerste Aanleg te ... d.d. 16 mei 2008:

"Uit de stukken blijkt dat de heer Z. zich op op 18 juni 2005 samen met wijlen de heer C. heeft begeven naar het appartement van de moeder van verzoeker, Gerardine J.. Z. en C. beweerden dat de heer X. hen nog een bedrag van 60.000 BEF verschuldigd zou zijn, waarop zij deze laatste verbaal en fysiek hebben aangevallen. Eisers (Eddy X. en Gerardine J.) stellen dat de heer C. het appartement is binnen-gestormd en dat hij X. heeft vastgepakt en bedreigd hem te slaan met de vuist waarin hij een bos sleutels vast had. Gerardine J. heeft Z. en C. uiteindelijk uit haar appartement kunnen verdrijven, doch eenmaal buiten gekomen bleven de heren bedreigingen uiten aan het adres van X.. X. en J. hebben strafklacht neergelegd tegen Z. en C..

Tijdens zijn aanwezigheid in het bureel van de Politie ... diezelfde dag, werd de heer X. onwel waarop de dokter van wacht, Dr. R. B., werd verwittigd. Zij concludeerde dat de heer X. in shock was. Eisers stellen dat X. niet alleen in shock was maar een groot hartinfarct ontwikkelde. Eisers stellen dat de bedreigingen en geweldplegingen van de heren Z. en C. ernstige gevolgen hebben gehad en voornamelijk een negatief effect heeft gehad op de gezondheidstoestand van de heer X.."

II. Gevolgen van de feiten

Uit het deskundig verslag van de gerechtsdeskundige:

"In de anamnese van Eddy X. vinden we nergens klachten die kunnen wijzen op enige cardiovasculaire aandoening in het verleden. Dit werd bevestigd door zijn huisdokter, H J.. Op 24 juni 2005 werd een urgente inplanting van een pacemaker met dubbele geleiding uitgevoerd.

Het plaatsen van de pacemaker op deze datum kan in verband gebracht worden met de vooraf bestaande toestand.

Op 29 juni 2005 werd hij getransfereerd naar het V. ziekenhuis te ... waar een coronaire interventie werd uitgevoerd. Na hospitalisatie in het ziekenhuis te ... werd hij ontslagen met de nodige medicaties. Patiënt heeft een ernstige ischemische cardiomyopathie.

Betrokkene kende een weinig betekenisvolle vooraf bestaande coronaire toestand, die alhoewel ernstig in de latere gevolgen, stilzwijgend verliep.

- De blijvende gevolgen van de vooraf bestaande toestand bestaan in een toenemende ischemie van de hartspier waardoor cardiomyopathie.

- De eventuele invaliditeit van deze voorafbestaande toestand volgt het verloop van coronaire insufficiëntie, eventueel met angor klachten bij stressvolle situaties. De arbeidscapaciteit is duidelijk beperkt. Er is een plotse verergering naar aanleiding van de feiten. De mate van verergering die zich heeft voorgedaan kan bekeken worden als een tijdelijk voorval vermits die ook had kunnen gelijk wanneer optreden.

- Met enig voorbehoud kan men stellen dat de algehele invaliditeiten als volgt verlopen:

- een tijdelijke volledige werkonbekwaamheid van 100 % van 18/06/'05 tot 04/07/'05;

- een gedeeltelijke invaliditeit van 50 % vanaf 05/07/'05 tot 15/08/'05, alhoewel het aandeel van het gebeuren hierbij niet evident is."

Consolidatiedatum: 16 augustus 2005. Verzoeker was op dat ogenblik 48 jaar.

III. Aangaande het causaal verband tussen fout en schade

Hieromtrent vermeldt het vonnis van de Rechtbank van Eerste Aanleg te ... d.d. 16 mei 2008:

"Dr. R. B. stelt dat de plotse stress en hevige emoties door de fysieke en verbale geweldpleging ten aanzien van de heer X. een bijdrage hebben kunnen geven tot uitlokking van een verergering van een bestaand coronair lijden. De door verweerder gepleegde feitelijkheden dateren van 18 juni 2005. Het door Eddy X. ontwikkelde hartinfarct dateert van diezelfde datum.

Gelet op de verklaringen van de dokters alsmede het tijdsverloop, meent de rechtbank dat het naar voldoening van recht vaststaat dat er een oorzakelijk verband bestaat tussen de door Z. gepleegde fouten en de door X. geleden schade, zodat verweerder aansprakelijk dient te worden geacht voor de schade en de gevolgen hiervan.

Verweerder is aldus tot algehele schadevergoeding gehouden."

IV. Vervolging

- Kwalificatie in het vonnis van de Correctionele Rechtbank te ... d.d. 4 december 2007 t.a.v. Karel Z.: "gepoogd te hebben met behulp van geweld of bedreiging, hetzij

gelden, waarden, roerende voorwerpen, af te persen waarbij het voornemen om de misdaad of het wanbedrijf te plegen zich geopenbaard heeft door uitwendige daden die een begin van

uitvoering van die misdaad of dat wanbedrijf uitmaken en alleen ten gevolge van omstandigheden van de wil van de dader onafhankelijk werden gestaakt of hun uitwerking

hebben gemist, met de verzwarende omstandigheid dat het geweld of de bedreiging hetzij een ongeneeslijk lijkende ziekte, hetzij een blijvende fysieke of psychische ongeschiktheid, hetzij het volledig verlies van het gebruik van een orgaan, hetzij een zware verminking ten gevolge heeft, nl. 60.000 oude BEF, ten nadele van Eddy X.."

- Het ten laste gelegde feit (afpersing) werd niet bewezen verklaard en Karel Z. werd voor deze tenlastelegging bij verstek vrijgesproken. De rechtbank verklaarde zich onbevoegd om uitspraak te doen ten aanzien van de burgerlijke partijen E. X. en G. J..

- Bovenvermelde partijen dagvaardden Karel Z.. Bij vonnis van de Rechtbank van Eerste Aanleg te ... d.d. 16 mei 2008 werd Dokter J. V. aangesteld als gerechtsdeskundige.

- Bij vonnis van de Rechtbank van Eerste Aanleg te ... d.d. 5 februari 2010 werd Karel Z. bij verstek veroordeeld tot betaling van euro 111.485,50 aan verzoeker, als volgt:

- verplaatsings- en administratiekosten euro 378,77

verplaatsingen: euro 125,00

administratie: euro 75,00

ambulance: euro 178,77

- medische kosten vóór consolidatie euro 1.431,12

- medische kosten vanaf consolidatie tot medio ‘07 euro 1.368,11

- medische kosten vóór consolidatie vanaf medio '07 tot + euro 22.100,00

- morele schade TAO/TI euro 1.425,00

- economisch verlies huishouden tot consolidatie euro 1.032,50

- BAO/BI euro 68.750,00

- economisch verlies huishouden na consolidatie euro 15.000,00

euro 111.485,50

Dit vonnis is in kracht van gewijsde getreden.

V. Mogelijkheden tot schadeloosstelling

- Gelet op de ambtshalve schrapping van Karel Z. op 17 december 2007 werd het vonnis van de Rechtbank van Eerste Aanleg te ... d.d. 5 februari 2010 door de gerechtsdeurwaarder betekend aan de Procureur des Konings. Er is geen uitvoering mogelijk.

- Uit de briefwisseling met de griffie van de Rechtbank van Eerste Aanleg te ... d.d. 19 augustus 2008 blijkt dat de dader niets meer van zich heeft laten weten. De advocaat van verzoeker diende verzoeker te vragen om het provisie - gedeelte van de tegenpartij te betalen.

- Verzoeker verklaart dat hij niet beschikt over een rechtsbijstandverzekering noch over een familiale polis.

VI. Begroting van de gevraagde hulp

- morele schade TAO/TI euro 1.425,00

van 18/06/'05 t.e.m. 04/07/'05: euro 37,50 x 17 d. x 100 % = euro 637,50

van 05/07/'05 t.e.m. 15/08/'05: euro 37,50 x 42 d. x 50 % = euro 787,50

- medische kosten euro 25.278,00

- BAO/BI euro 1.375 x 50 euro 68.750,00

- verlies of vermindering van inkomsten euro 15.000,00

- procedurekosten ex aequo et bono) euro 2.000,00

euro 1.000 voor de deskundige

euro 1.000 voor de RPV

Verzoeker herleidt het bedrag tot de maximale hulp die de Commissie kan toekennen nl. euro 62.000.

VII. Beoordeling door de Commissie

Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd. Aan de ontvankelijkheidsvoorwaarden werd voldaan. De kansen op verhaal tegenover de dader zijn quasi onbestaande.

De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 nageleefd te worden.

De Commissie verzekert geen integrale schadeloosstelling. Ze kan, naar billijkheid, een financiële hulp toekennen voor de schadeposten die limitatief zijn opgesomd in artikel 32, § 1, van de wet van 1 augustus 1985.

Wat de gevraagde schadepost ‘inkomstenverlies' betreft, merkt de Commissie op dat de pleger van het misdrijf bij verstek veroordeeld werd om verzoeker de som van euro 15.000 te betalen voor economisch verlies huishouden na consolidatie waarbij de rechtbank uitdrukkelijk opmerkte "nu deze schade niet gelijkstaat met een uitgave of een inkomstenverlies". De schadepost ‘economisch verlies huishouden' is niet opgenomen in de limitatieve lijst en komt dus niet in aanmerking voor een financiële hulp.

Wat de begroting van de schadeposten betreft merkt de Commissie op dat uit de ganse economie van de wet van 1 augustus 1985 duidelijk blijkt dat de financiële tegemoetkoming die door de Commissie wordt toegekend geen recht op schadeloosstelling uitmaakt, voorzien in het burgerlijk recht, zoals bijvoorbeeld de toepassing van art. 1382 B.W. of een vorm van tegemoetkoming voorzien in het sociale zekerheidsrecht.

Dat het een volledig op zich staande tegemoetkoming betreft, blijkt uit diverse elementen:

• De tegemoetkoming wordt toegekend vanuit de filosofie van een solidariteit van de maatschappij ten aanzien van de slachtoffers, of hun nabestaanden, van opzettelijke gewelddaden.

• De bevoegdheid tot toekenning van deze financiële tegemoetkoming werd niet aan de gewone rechtbanken toegekend, doch aan een specifiek daartoe opgericht administratief rechtscollege.

• Een specifieke rechtspleging is voorzien.

• Er is een limitatieve opsomming zowel wat betreft de rechthebbenden, als de schadeposten waarvoor tussenkomst kan worden gevraagd.

Het is dus duidelijk dat de wet van 1 augustus 1985 afwijkt van het gemeen recht.

Uit artikel 33, § 1 van de wet van 1 augustus 1985 volgt daarenboven dat het bedrag van de hulp naar billijkheid wordt bepaald. Volgens de voorbereidende werken is die beoordeling naar billijkheid zelfs het basisbeginsel van het stelsel (Parl.St. Senaat 1984-85 nr. 873/2/1°,8). Dit uitgangspunt verleent aan de Commissie een appreciatiebevoegdheid, zowel inzake de opportuniteit van de toekenning van een financiële hulp als inzake de bepaling van de omvang van het hulpbedrag.

Het is de Commissie beslist geoorloofd om de indicatieve tabel als leidraad te hanteren bij het begroten van de hulp (hetgeen zij in bepaalde gevallen effectief doet) maar zij is niet gebonden door deze tarieven noch door de erin opgenomen schadeposten.

Rekening houdende met de ernst van de feiten en de zware gevolgen ervan voor verzoeker meent de Commissie in billijkheid aan verzoeker een globale som te kunnen toekennen.

*

* *

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op

de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken;

- de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985, houdende fiscale en andere bepalingen, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009;

- het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 december 2006;

Kent de verzoeker een hulp toe van euro 50.000.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 20 augustus 2012..

De secretaris a.i., De voorzitter,

M. STEYAERT P. DRAULANS

Free keywords

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 22 april 2010, waarbij verzoeker om de toekenning heeft gevraagd van een financiële hulp voor schade als gevolg van een opzettelijke gewelddaad.