- Decision of August 21, 2012

21/08/2012 - M10-5-0099/7157

Case law

Summary

Samenvatting 1

Decision - Integral text

(...)

I. Feiten

In het PV van verhoor van verzoeker, afgelegd voor de Lokale Politie ... d.d. 19 oktober 2009, lezen we het volgende:

"Inzake de feiten op 18/10/2009 kan ik het volgende verklaren.

Op die datum rond 14.00 uur kwam mijn zoon X. Christopher bij mij langs in de Veerbootstraat te .... Hij had een bak bier bij zich en heeft die helemaal alleen opgedronken.

Rond 17.00 uur hadden wij dan een discussie. Dit omdat ik vroeg of de baby van zijn vriendin wel van hem is.

Christopher is toen beginnen slaan op mijn gezicht met zijn volle vuist. Ik ben toen op de grond gevallen. Christopher heeft toen nog diverse malen in mijn gezicht getrapt toen ik op de grond lag.

Verder heeft hij ook nog mijn inboedel in de living vernield.

Hierna is hij weggegaan en heeft hij de voordeur van mijn appartement afgesloten. Hierdoor was ik dus opgesloten in mijn eigen woning. Gelukkig had ik nog een reservesleutel.

[...]

Het is trouwens niet de eerste keer dat er problemen zijn met Christopher. In het verleden kreeg ik ook al klappen van hem. Toen echter zonder veel erg.

Mijn zoon is drug- en alcoholverslaafd. Hierdoor komt hij regelmatig in de problemen.

Op het moment van de feiten was hij zeker onder invloed van alcohol en ik vermoed dat hij ook drugs zal genomen hebben.

Christopher heeft een geestelijke achterstand. Hij heeft school gelopen in De V... .

Christopher woont in Knokke bij mijn ex, samen met zijn vriendin en hun dochtertje.

Ik wens dat mijn zoon me in de toekomst met rust laat."

II. Vervolging

In deze zaak werd nog geen definitieve rechterlijke beslissing uitgesproken.

III. Gevolgen van de feiten

Na de feiten werd verzoeker per ambulance overgebracht naar het AZ Koningin F. te ..., alwaar hij werd gehospitaliseerd van 19 oktober 2009 tot 26 oktober 2009.

Verzoeker liep diverse fracturen op t.h.v. het aangezicht en de neus. Hij diende te worden geopereerd.

Luidens het medisch attest d.d. 14 januari 2010 van Dr. O. Van L. (AZ Koningin F.) werd verzoeker tijdens de hospitalisatie zowel op fysisch als op psychisch vlak opgevolgd. De klachten verdwenen grotendeels, al staat verzoeker toch nog een moeilijke periode op psychisch vlak te wachten.

Verzoeker werd gedurende een tweetal jaar eenmaal per maand behandeld door een psychiater en tweemaal door een psycholoog (kostprijs euro 15 per maand).

In zijn brief van 1 juni 2012 deelt verzoeker mee dat hij thans in behandeling is bij psychiater Dr. Philippe S. ( euro 42 per consultatie). In diens verslag d.d. 10 oktober 2011 is er sprake van angst-, paniek- en zweetaanvallen alsook van klachten van slapeloosheid.

Verzoeker deelt mee dat zijn kosten voor medicatie maandelijks euro 99,10 bedragen.

IV. Mogelijkheden tot schadeloosstelling

Verzoeker beschikte ten tijde van de feiten over een polis rechtsbijstand (LAR) met dekking voor "insolventie van de aansprakelijke", maar luidens de polisvoorwaarden is deze dekking uitgesloten in geval van opzettelijke gewelddaden.

Bij beslissing van de vijfde kamer van de Commissie d.d. 4 mei 2010 werd aan verzoeker reeds een noodhulp van euro 600 toegekend ter dekking van de medische kosten.

V. Begroting van de gevraagde noodhulp

Verzoeker vraagt om de toekenning van een noodhulp van euro 1.000 ter dekking van de medische kosten (consultatie psychiater + medicatie).

Verzoeker legt een kopie neer van een getuigschrift voor verstrekte hulp door Dr. S. ( euro 42) alsook van een apotheekfactuur ( euro 99,10).

VI. Beoordeling door de Commissie

De voorwaarden tot toekenning van een noodhulp worden vermeld in artikel 36 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen:

"Onverminderd de toepassing van de artikelen 31 tot 33, § 1, kan de commissie een noodhulp toekennen wanneer elke vertraging bij de toekenning van de hulp de verzoeker een ernstig nadeel kan berokkenen, gelet op zijn financiële situatie.

De noodhulp wordt per schadegeval en per verzoeker toegekend voor schade boven 500 euro en is beperkt tot een bedrag van 15 000 euro.

Het verzoek tot toekenning van een noodhulp kan worden ingediend zodra de verzoeker klacht heeft ingediend of zich burgerlijke partij heeft gesteld.

Wanneer het gaat om de kosten bedoeld in artikel 32, § 1, 2°, is de dringendheid altijd verondersteld. Artikel 33, § 1, is niet van toepassing wanneer de commissie zich uitspreekt over het verzoek tot tenlasteneming van deze kosten. Het reële bedrag van de kosten wordt door de commissie in aanmerking genomen, zonder toepassing van de beperking die bepaald wordt in het tweede lid."

Luidens de eerste alinea van het hierboven geciteerd artikel 36 kan de Commissie aan het slachtoffer een noodhulp toekennen indien het in financiële moeilijkheden verkeert. Een uitzondering op deze voorwaarde wordt gemaakt voor de medische kosten en de ziekenhuiskosten, met inbegrip van de prothesekosten (zie het laatste lid van artikel 36: "de kosten bedoeld in artikel 32, § 1, 2°"): voor deze kosten wordt de dringendheid verondersteld.

Uit de dossierstukken blijkt dat verzoeker ter bestrijding van zijn lichamelijke klachten nog steeds dure medicatie moet nemen.

Aangezien voor de medische kosten de dringendheid wordt verondersteld, kan hiervoor aan verzoeker zonder meer een noodhulp worden toegekend. Het bedrag hiervan wordt in billijkheid begroot op euro 750.

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken, de artikelen 31 tot 40quater van de wet van 1 augustus 1985, zoals gewijzigd door de wetten van 26 maart 2003, 22 april 2003, 27 december 2004, 13 januari 2006, 27 december 2006 en 30 december 2009, en de artikelen 28 tot 34 van het K.B. van 18 december 1986,

Verklaart het verzoek ontvankelijk en kent een noodhulp toe van euro 750.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 21 augustus 2012.

De secretaris a.i., De voorzitter,

G. VAN DEN ABBEELE D. DESMET

Free keywords

  • Verzoekschrift van 1 juni 2012, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 4 juni 2012, waarbij verzoeker om de toekenning heeft gevraagd van een (bijkomende) noodhulp van euro 1.000.