- Decision of October 11, 2012

11/10/2012 - M10-3-0567/7426

Case law

Summary

Samenvatting 1

Decision - Integral text

(...)

- de beslissing van de Commissie d.d. 17 april 2007 waarbij aan verzoeker een noodhulp werd toegekend van euro 3.146;

- de beslissing van de Commissie d.d. 21 oktober 2008 waarbij aan verzoeker een noodhulp werd toegekend van euro 1.153,83;

(...)

*

* *

I. Feiten

De feiten vonden plaats op 16 oktober 2004 te ... . Toen verzoeker samen met zijn kinderen een restaurant verliet, werden deze laatste verhinderd een kruispunt over te steken door een wagen die aan hoge snelheid reed. De bestuurder van de wagen reed plots achteruit, stapte uit en begon de zoon van verzoeker te bedreigen. Toen verzoeker de bestuurder trachtte te kalmeren kwam een andere auto met een groep jongeren aangereden. Verschillende jongeren kwamen uit de auto. Er ontstond een schermutseling waarbij de zoon van verzoeker werd aangevallen. Toen verzoeker wou tussenkomen kreeg hij eveneens klappen.

II. Vervolging

- Op 18 oktober 2004 legde verzoeker klacht neer bij de lokale politie. De zaak werd zonder gevolg geklasseerd door het parket te ....

- De Procureur des Konings te ... meldt dat de zaak zonder gevolg geklasseerd werd op 5 juli 2005.

III. Mogelijkheden tot schadeloosstelling

Uit de polis burgerlijke aansprakelijkheid van ING Insurance blijkt dat deze geen tussenkomt verleent in geval van deelname aan twist- en vechtpartijen.

IV. Gevolgen van de feiten voor verzoeker

- Uit het verslag van de Gerechtelijk-geneeskundige Dienst:

"Betrokkene had op 31 augustus 2009 een radiofrekwente facetdenervatie uitgevoerd.

Omwille van onvoldoende effect werd op 15 september 2009 werd de procedure voor een neurostimulatie uitgelegd. Verder vonden er geen consultaties meer plaats tot Dr. Ph. D. op 18 oktober 2011 een medisch attest heeft opgesteld voor Slachtofferhulp.

De aangehaalde feiten kunnen niet aan de oorsprong liggen van de ernstige nek- en rugklachten.

Het slachtoffer kan hoogstens enkele zware kneuzingen overgehouden hebben aan de feiten. Hij is ten val gekomen toen hij zijn evenwicht verloor. Uit de medische bundel blijkt dat het slachtoffer een degeneratieve wervelzuil vertoont met discartrose en facetartrose. De degeneratieve afwijkingen komen zowel cervicaal als lumbaal voor.

Hier is sprake van "Failed Back Surgery".

De huidige klachten staan niet in causaal verband met de feiten van 16 oktober 2004.

Besluit:

De heer Gerard X. heeft geen blijvende letsels opgelopen te wijten aan de gewelddaad op hem gepleegd op datum van 16 oktober 2004. De letsels die in verband kunnen staan met de feiten zijn kneuzingen van tijdelijke aard.

Hij heeft ten gevolge van deze voorgaande letsels een tijdelijke fysiologische en economische invaliditeit van 10 % van 16/10/2004 tot en met 31/10/2004.

Hij heeft geen blijvende fysiologische en economische invaliditeit.

Hij dient geen verdere medische zorgen te ontvangen, die in relatie staan tot de feiten van 16/10/2004. Er is geen esthetische schade ten gevolge van de feiten van 16/10/2004.

- Uit de brief van Dr. Van I. (Algemeen Stedelijk Ziekenhuis) dd. 19 april 2012: "Ik behandel deze patiënt sinds 1977. Wegens hardnekkige lage rugpijn met uitstraling in been werd in 1990 een fusie uitgevoerd L4 tot S1. Ik heb patiënt nog af en toe teruggezien met een variëteit van orthopedische klachten die niets meer te maken hadden met de lage rug ingreep van 1990. Ik heb wel patiënt terug gezien op 17 oktober 2004. In de tussentijd had patiënt op regelmatige basis zeer zwaar werk verricht zonder onderbrekingen. Ik heb patiënt inderdaad op 17 oktober 2004 terug gezien: patiënt gerust gesteld en een afwachtende houding aangenomen. Patiënt is zonder mijn medeweten een andere collega gaan consulteren die op 11 januari 2005 een ingreep heeft uitgevoerd t.h.v. de lage rug via anterieure weg. Deze ingreep heeft zeker de klachten van patiënt niet verbeterd. Ik heb toen geprobeerd hem conservatief te behandelen maar gezien falen heb ik toch moeten besluiten tot een posterieure fusie L4/S1 op 2 april 2008. Met deze ingreep zijn de klachten verbeterd maar zeker niet verdwenen. Patiënt heeft nog dagelijks lage rugpijn met uitstraling in de benen.

Gezien de evolutie die ik beschrijf, lijken de klachten mij rechtstreeks veroorzaakt door de agressie. Verder kan ik getuigen dat de klachten van patiënt duidelijk meer uitgesproken zijn dan in hert medisch expertise verslag en dat patiënt wel degelijk blijvende letsels heeft na de agressie van 16 oktober 2004. Er blijven wel degelijk regelmatige orthopedische en medicatiezorgen noodzakelijk bij deze patiënt."

V. Begroting van de gevraagde hulp

Er werden door verzoeker geen verdere facturen overgemaakt. Een schadebegroting werd evenmin opgemaakt.

VI. Beoordeling door de Commissie

1. Omtrent de ontvankelijkheid

De Commissie diende na te gaan of het verzoekschrift voldoet aan de voorwaarden vermeld in de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen.

Artikel 31bis, § 1, 3°, luidt als volgt: " Indien de dader onbekend is, moet de verzoeker klacht hebben ingediend, de hoedanigheid van benadeelde partij hebben aangenomen of zich burgerlijke partij hebben gesteld. ... Het verzoek is binnen drie jaar ingediend. De termijn loopt, naargelang het geval, vanaf de dag van de eerste beslissing tot seponering wegens onbekende dader of vanaf de dag dat een onderzoeksgerecht een beslissing tot buitenvervolgingstelling wegens onbekende daders uitgesproken heeft die kracht van gewijsde bekomen heeft.

In voorliggend dossier dateert de seponering van 5 juli 2005. Het verzoekschrift werd neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 10 mei 2010. Het verzoekschrift werd bijgevolg laattijdig ingediend.

De Commissie beschouwt het verzoekschrift, ingeschreven op de algemene rol onder het nummer M60998, als niet afgehandeld. Er wordt immers vastgesteld dat er op 26 september 2006 zowel een noodhulp als een hoofdhulp werd gevraagd, en dat er enkel een beslissing bestaat omtrent noodhulp. De Commissie is van oordeel dat de vraag tot hoofdhulp in casu niet werd behandeld en bijgevolg nog "open" staat.

2. Omtrent de gegrondheid

De Commissie dient rekening te houden met de gevolgen van de feiten en de weerslag ervan op verzoeker.

- In het verslag van de GGD d.d. 15 februari 2012 staat dat verzoeker geen blijvende letsels heeft opgelopen ten gevolge van de feiten d.d. 16 oktober 2004.

- Volgens Dr. Van I. (brief van 19 april 2012) lijken de klachten wel degelijk veroorzaakt door de feiten d.d. 16 oktober 2004.

Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd en oordeelt dat aan de ontvankelijkheidsvoorwaarden werd voldaan.

3. Inhoudelijk

Teneinde de periodes en graden van tijdelijke en blijvende arbeidsongeschiktheid te bepalen werd de Gerechtelijk-geneeskundige dienst (G.G.D.) aangesteld. In diens verslag (d.d. 15 februari 2012) oordeelde de G.G.D. dat op basis van de voorgelegde documenten verzoeker geen blijvende letsels heeft opgelopen te wijten aan de feiten op datum 16 oktober 2004. De letsels die in verband kunnen staan met de feiten zijn kneuzingen en zijn tijdelijk van aard. Verzoeker dient volgens de GGD geen verdere medische zorgen te ontvangen.

Verzoeker kan zich niet akkoord verklaren met de besluitvorming van de G.G.D. en baseert zich op de bevindingen van Dr. Van I. (Algemeen Stedelijk Ziekenhuis), neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 7 mei 2012.

Na lectuur van het verslag van de G.G.D. en het stuk van Dr. Van I. dient te Commissie vast te stellen dat er twijfel bestaat nopens het causaal verband tussen de feiten enerzijds en de nek- en rugproblemen van verzoeker anderzijds.

Aangezien de Commissie in dit dossier niet in staat is om een gefundeerde beslissing te nemen zonder te beschikken over een medisch verslag waarin de graad van (eventuele) blijvende ongeschiktheid op plausibele wijze wordt verantwoord en becijferd, is zij van oordeel dat een bijkomend medisch onderzoek van verzoeker zich opdringt en dat het verslag van de GGD herzien wordt.

Concreet houdt dit in dat verzoeker zich door dezelfde arts van de GGD opnieuw zal laten onderzoeken op basis van het neergelegd stuk van Dr. Van I.. Deze deskundige zal belast worden met volgende opdracht:

- kennis te nemen van het dossier;

- de verzoeker medisch te onderzoeken;

- de letsels (zowel fysiek als psychisch) te beschrijven die verzoeker heeft opgelopen als gevolg van de op hem gepleegde gewelddaden, en in het bijzonder na te gaan of de nek- en rugproblemen van verzoeker hun oorzaak vinden in de op hem gepleegde feiten;

- de aard en de graad te bepalen van de invaliditeit die eventueel uit die letsels voortvloeit, tijdelijk of definitief, en te bepalen of het slachtoffer nog verdere medische zorgen dient te ontvangen;

- de economische arbeidsongeschiktheid te bepalen indien ze vastgesteld wordt;

- van al deze bevindingen een schriftelijk en gemotiveerd verslag op te stellen en dit neer te leggen op het secretariaat van de Commissie binnen de vier maanden na de kennisgeving van de opdracht;

- de verslaggever, via het secretariaat, op de hoogte te houden van het verloop van de verrichtingen van het deskundigenonderzoek.

*

* *

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op:

- de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken;

- de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009;

- het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 december 2006.

Verklaart het verzoek ontvankelijk maar beslist, alvorens ten gronde te oordelen, verzoeker opnieuw te onderwerpen aan een medisch deskundigenonderzoek door de Gerechtelijk-geneeskundige Dienst.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 11 oktober 2012.

De secretaris, De voorzitter,

M. STEYAERT P. DRAULANS

Free keywords

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 10 mei 2010, waarbij verzoeker voor om de toekenning heeft gevraagd van een hoofdhulp.