- Arrêt of May 28, 2013

28/05/2013 - 2013qr54

Case law

Summary

Samenvatting 1

Opdat er zou mogen overgegaan worden tot bewarend beslag, moet er urgentie voorhanden zijn en moet de schuldeiser beschikken over een zekere, vaststaande en opeisbare schuldvordering. Deze voorwaarden moeten cumulatief vervuld zijn zodat wanneer één van de voorwaarden niet vervuld is, er geen toelating tot bewarend beslag verleend wordt.

Een van de voorwaarden is het voorhanden zijn van urgentie. Bewarend beslag kan slechts gelegd worden wanneer er sprake is van hoogdringendheid. Vereist wordt dat de solvabiliteit van de debiteur in het gedrang komt zodat een latere uitwinning gevaar loopt. Het bewarend beslag is gewettigd telkens wanneer naar objectieve maatstaven de financiële positie van de debiteur in het gedrang komt.


Arrêt - Integral text

Nr.: HET HOF VAN BEROEP TE BRUSSEL

1ste kamer,

zetelend in burgerlijke zaken,

Rep. nr.: 2013/ na beraad, wijst volgend arrest:

A.R. Nr.: 2013/QR/54

INZAKE VAN:

De NV BNP PARIBAS FORTIS, voorheen FORTIS BANK genaamd, waarvan de vennootschapszetel gevestigd is te 1000 BRUSSEL, Warandeberg 3, Ingeschreven in het register der kruispuntbank der ondernemingen onder het nummer 0403.199.702,

appellante tegen een beschikking uitgesproken door de beslagrechter in de rechtbankk van eerste aanleg te Brussel op 19 april 2013,

hebbende als raadslieden Meester Stefaan BEELE en Meester Benoit BEELE, advcoaten te 8500 KORTRIJK, President Kennedypark 26 a,

Opdat er zou mogen overgegaan worden tot bewarend beslag, moet er urgentie voorhanden zijn en moet de schuldeiser beschikken over een zekere, vaststaande en opeisbare schuldvordering. Deze voorwaarden moeten cumulatief vervuld zijn zodat wanneer één van de voorwaarden niet vervuld is, er geen toelating tot bewarend beslag verleend wordt.

Een van de voorwaarden is het voorhanden zijn van urgentie. Bewarend beslag kan slechts gelegd worden wanneer er sprake is van hoogdringendheid. Vereist wordt dat de solvabiliteit van de debiteur in het gedrang komt zodat een latere uitwinning gevaar loopt. Het bewarend beslag is gewettigd telkens wanneer naar objectieve maatstaven de financiële positie van de debiteur in het gedrang komt.

__________________________________________________

1. Het hof put zijn rechtsmacht uit een verzoekschrift tot hoger beroep, neergelegd op 2 mei 2013, gericht tegen een beschikking van 19 april 2013 gewezen door de beslagrechter bij de rechtbank van eerste aanleg te Brussel.

2. Het hoger beroep van de NV BNP PARIBAS FORTIS strekt ertoe de bestreden beschikking teniet te horen doen en haar te horen machtigen om voor een bedrag van euro 105.600,20 in hoofdsom en euro 10.500 voor bijhorigheden, dus tot zekerheid van een globaal bedrag van euro 116.100,20 bewarend beslag te laten leggen op de onroerende goederen die aan de heer Stefan VANDERMAELEN toebehoren, meer bepaald:

in het arrondissement Brussel, gemeente Zaventem, tweede afdeling:

- in een appartementsgebouw "Residentie Paradiso", Jan-Baptist Devlemincklaan 6A, volgens titel sectie C, deel van nummer 228H, met name, steeds volgens titel, wat betreft appartementen en kelders 4a 42ca en 5a 30ca wat betreft garages, en volgens recente kadastrale stukken sectie C, nummer 228N (5a 12ca) voor wat betreft de appartementen en kelders en sectie C, nummer 228P voor wat betreft garages (4a 69ca):

- appartement op gelijkvloers type Er, alsmede de kelder 7 (in de keldering), en 83/1000sten in de gemene delen waaronder de grond van het appartementsgebouw,

- autostaanplaats 20 (in ondergrondse bergplaats), 48/1000sten in de gemene delen waaronder de grond van het garagegebouw,

- in een appartementsgebouw "Residentie Paradiso", op en met grond, Jan-Baptist Devlemincklaan 6A, volgens titel sectie C, deel van nummer 228H (4a 42ca 20tma) voor het appartement en (5a 39ca 32tma) voor de garage, thans gecadastreerd volgens kadaster in de sectie C, nummer 228N (appartement) (5a 12ca) en 228P (garage) (4a 69ca):

- appartement op de eerste verdieping met zicht naar het Park, type B kelder nummer 8 in kelderverdieping (66/1000sten in de gemene delen waaronder de grond van het appartementsgebouw),

- autostaanplaats 18 in de ondergrondse bergplaats meer 48/1000sten in de gemene delen waaronder de grond van het garagegebouw,

- in een appartementsgebouw "Residentie Tropicana", Maria Dallaan 32, gekadastreerd in de sectie C, nummer 226H en 235M4, thans in de sectie C nummer 226N (16a 64ca):

- appartement op gelijkvloers achteraan (volgens kadaster "A1/D-K12" en volgens titel "flat D"), met huisnummer 32 bus 13 en kelder 12 in de kelderverdieping alsmede 62/1000sten in de gemene delen waaronder de grond,

- de parkeerplaats G9 in het bijgebouw, samen met 5/1000sten in de gemene delen waaronder de grond.

3. Opdat er zou mogen overgegaan worden tot bewarend beslag, moet er urgentie voorhanden zijn en moet de schuldeiser beschikken over een zekere, vaststaande en opeisbare schuldvordering.

Deze voorwaarden moeten cumulatief vervuld zijn zodat wanneer één van de voorwaarden niet vervuld is, er geen toelating tot bewarend beslag verleend wordt.

4. Eén van de voorwaarden is het voorhanden zijn van urgentie.

Bewarend beslag kan slechts gelegd worden wanneer er sprake is van hoogdringendheid.

Vereist wordt dat de solvabiliteit van de debiteur in het gedrang komt zodat een latere uitwinning gevaar loopt.

Het bewarend beslag is gewettigd telkens wanneer naar objectieve maatstaven de financiële positie van de debiteur in het gedrang komt.

(E. DIRIX en K. BROECKX, Beslag (APR, 2010), nr. 449, blz. 312)

4. De NV BNP PARIBAS FORTIS heeft aan de BVBA EQUINOX verschillende kredieten toegestaan.

De BVBA EQUINOX heeft haar verplichtingen jegens de NV BNP PARIBAS FORTIS volgens deze laatste niet nageleefd en is failliet verklaard op 13 november 2012.

Bij brief van 31 januari 2013 heeft de curator gemeld nog geen activa in het faillissement teruggevonden te hebben en wellicht de afsluiting van het faillissement bij gebrek aan actief te moeten vragen.

Dit is de reden waarom de NV BNP PARIBAS FORTIS zich keert tegen de heer VANDERMAELEN die zich voor de verplichtingen van de BVBA EQUINOX borg gesteld heeft.

Zo is de NV BNP PARIBAS FORTIS op 20 februari 2013 overgegaan tot dagvaarding van de heer VANDERMAELEN.

Op grond van de neergelegde stukken stelt het hof vast dat de zaak op de inleidende zitting van 7 maart 2013 tegensprekelijk uitgesteld is naar 6 juni 2013 en dat de heer VANDERMAELEN verklaard heeft een onroerend goed te koop te hebben gesteld om het gevorderde bedrag te kunnen betalen.

De NV BNP PARIBAS FORTIS preciseert sindsdien niets meer van de heer VANDERMAELEN te hebben vernomen.

5. De NV BNP PARIBAS FORTIS roept in dat de onroerende goederen van de heer VANDERMAELEN al bezwaard zijn met een hypothecaire inschrijving en dat de heer VANDERMAELEN naar aanleiding van het faillissement van de BVBA EQUINOX zijn persoonlijk patrimonium zal moeten herschikken om zijn persoonlijke verplichtingen ten aanzien van zijn schuldeisers na te komen.

Verwijzend naar de door de heer VANDERMAELEN geplande verkoop van één van zijn onroerende goederen roept de NV BNP PARIBAS FORTIS in dat dit goed dus uit het vermogen van de heer VANDERMAELEN zal verdwijnen terwijl er geen garantie bestaat dat er met haar rechten rekening zal gehouden worden.

Hieruit leidt de NV BNP PARIBAS FORTIS af dat aan de voorwaarde van urgentie voldaan is.

6.

6.1.

De heer VANDERMAELEN is volgens de stukken de eigenaar van drie appartement met kelder en autostaanplaats.

Hij heeft één van deze appartementen te koop gesteld.

De vraagprijs voor dit appartement is euro 245.000. Als waarde van de koop wordt euro 243.793 vermeld.

6.2.

De BVBA EQUINOX, het bedrijf van de heer VANDERMAELEN, is failliet verklaard op 13 november 2012.

Volgens de aangifte van schuldvordering van de NV BNP PARIBAS FORTIS in het faillissement zijn er voor de verbintenissen van de gefailleerde vennootschap de volgende zekerheden gesteld:

- een hypothecaire inschrijving in eerste, tweede en derde rang voor euro 133.273,16 in hoofdsom op een onroerend goed dat aan de heer VANDERMAELEN toebehoort,

- een pand op handelszaak,

- een hoofdelijke en ondeelbare borgstelling voor euro 99.157,41 in hoofdsom door de heer VANDERMAELEN,

- een achterstelling van een voorschot voor een bedrag van euro 61.973,38 door ene heer Jean-Marc QUIX en een achterstelling van een voorschot voor een bedrag van euro 103.198,07 door de heer VANDERMAELEN,

- de inpandgeving door de heer VANDERMAELEN van een termijnrekening van euro 9.915,74 en de inpandgeving door de gefailleerde van alle huidige en toekomstige schuldvorderingen en tegoeden die de gefailleerde bezit of zou bezitten tegenover de NV BNP PARIBAS FORTIS of derden.

6.3.

Uit een kredietbrief van 20 december 1995 volgt dat als waarborg voor een krediet aan de BVBA EQUINOX onder andere de volgende zekerheden moesten gesteld worden:

- een hypotheek in eerste rang, voor een bedrag van BEF 2.200.000 ( euro 54.536,58) op het onroerend goed gelegen te 1930 Zaventem, J.B. Devlemincklaan 6a, toebehorend aan de heer Stefan VANDERMAELEN voor de naakte eigendom en aan de heer Lucien VANDERMAELEN voor het vruchtgebruik,

- een hypotheek in tweede rang, voor een bedrag van BEF 3.300.000 ( euro 81.804,86), op het onroerend goed gelegen te 1930 Zaventem, Burggrachtstraat 22, toebehorend aan de heer en mevrouw QUIX-VAN VOOREN.

6.4.

Er blijkt ook dat er op 22 oktober 1998 nieuwe zekerheden zijn moeten gesteld worden, onder andere een hypotheek in eerste rang voor BEF 12.100.000 ( euro 299.951,16) op het onroerend goed toebehorend aan de heer VANDERMAELEN en gelegen te 1820 Steenokkerzeel, Haachtsesteenweg 11.

6.5.

Uit al deze vaststellingen volgt dat ondanks het te koop stellen van één van de appartementen van de heer VANDERMAELEN er niet kan aangenomen worden dat aan de voorwaarde van urgentie voldaan is.

Er blijkt inderdaad helemaal niet dat deze geplande verkoop tot gevolg zou hebben dat de heer VANDERMAELEN zou dreigen insolvabel te worden.

Vermits de voorwaarde van urgentie niet vervuld is, wordt er geen toelating verleend om tot bewarend beslag over te gaan.

De eerste rechter heeft bijgevolg terecht het verzoek van de NV BNP PARIBAS FORTIS ongegrond verklaard zodat het hoger beroep ongegrond is.

6.6.

Ten overvloede wijst het hof erop dat uit de verschillende kredietbrieven blijkt bovendien dat niet alleen de heer VANDERMAELEN maar ook derden zich borg hebben moeten stellen.

OM DEZE REDENEN,

HET HOF,

Rechtdoende op eenzijdig verzoekschrift,

Gelet op artikel 24 van de wet van 15 juni 1935 betreffende het gebruik der talen in rechtszaken.

Verklaart het hoger beroep van de NV BNP PARIBAS FORTIS ontvankelijk doch ongegrond.

Aldus gevonnist en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de burgerlijke eerste kamer van het hof van beroep te Brussel, op

28/05/2013

waar aanwezig waren en zitting hielden :

Sabine GADEYNE, Raadsheer,

bijgestaan door Viviane DE VIS, Griffier.

V. DE VIS S. GADEYNE

Free keywords

  • Beslag. Bewarend beslag. Voorwaarden.