- Decision du 12 janvier 2012

12/01/2012 - M91203/7065

Jurisprudence

Résumé

Samenvatting 1

Decision - Texte intégral

(...)

I. Feiten

- Uit het vonnis van de Rechtbank van Eerste Aanleg te ... d.d. 1 oktober 2009:

"Op 24 augustus 2007 worden de politiediensten opgeroepen n.a.v. een vechtpartij nabij het station te .... Ter plaatse treffen de politiediensten enkel nog een getuige aan, G. Michèle, die twee verdachten aanwijst op een naburig gelegen terras. Deze kunnen later worden geïdentificeerd als Z. Bjorn en D. Tom. Beiden geven toe dat er zich een discussie heeft voorgedaan, waarbij slagen zijn gevallen.

- D. Tom stelt in zijn verhoor d.d. 24 augustus 2007 hoe het slachtoffer kwam aan-wandelen en Z. Bjorn zou hebben uitgedaagd. Hij zou gespuwd hebben op Z. en zou ook de vriendin van Z. hebben geslagen, toen deze probeerde tussen te komen. D. zou zijn tussengekomen, toen hij zag hoe de zaken escaleerden en toen partijen reeds op de grond lagen te vechten. Hij zou de partijen uit mekaar gehaald hebben, waarop de voor hem onbekende man te voet de plaats verliet.

- J. V. verklaart dat zij allen op een terras zaten, toen een man passeerde en op de grond spuwde. Op een bepaald ogenblik zou de man ook beginnen gebaren zijn naar hen. Haar vriend, Z., stelde zich recht en zou gevraagd hebben wat er scheelde, waarop zijzelf naar de man zou zijn toegegaan,die haar zou weggeduwd hebben. V. beweerde de man op de grond getrokken te hebben, waarop Z. haar kwam helpen en de man tegen zijn ribben schopte.

- Van deze feiten was ook een objectieve getuige, zijnde G. Michèle, een toevallige voorbijgangster. Zij zag op een bepaald moment een meisje toestappen op een man die voorbij de aldaar gelegen terrassen wandelde en hoe twee jongens dat meisje volgden. Volgens de getuige is het meisje zonder enige aanduidbare reden met de vechtpartij begonnen. Daar waar het aanvankelijk bij wat trek- en duwwerk bleef, begon de groep jongeren echter te schoppen en te slaan naar de man, ook nadat hij reeds gevallen was. Het slachtoffer X., verklaarde al een tijdje door het drietal geviseerd te worden. Hij zou ze regelmatig tegenkomen, waarbij ze hem uitdaagden en hem in het gezicht spuwden. Deze keer zou hij ook op de grond gespuwd hebben, waarop het meisje zich op hem zou gestort hebben. Hierop zouden ook de twee jongens hem hebben aangevallen. Hij incasseerde slagen en schoppen, ook nadat hij reeds op de grond was gevallen. De man die hij reeds voordien kende gaf hem een schop in het aangezicht. De andere man zou hem ten val hebben gebracht, maar zou na een tijdje wel de twee anderen aangemaand hebben te stoppen met slaan. Ingevolge de slagen kan het slachtoffer zijn rechteroog niet meer gebruiken."

En verder:

"Onderliggende feiten betreffen een brutale vorm van agressie. Zonder enige aanleiding komende van het slachtoffer, pleegden beide beklaagden eerst extreem zwaar geweld op een weerloze man, die zij blijkbaar al een tijdje viseerden. Het slachtoffer kon geen kant uit, en verloor uitein-delijk definitief een oog ten gevolge van de feiten."

- De tenlastelegging t.a.v. Z. Bjorn en D. Tom werd geherkwalificeerd als volgt:

"opzettelijk slagen te hebben toegebracht aan X. Gerardo, die voor deze hetzij een ongeneeslijk lijkende ziekte, hetzij een blijvende ongeschiktheid tot het verrrichten van persoonlijke arbeid, hetzij het volledig verlies van het gebruik van een orgaan, hetzij een zware verminking ten gevolge hadden."

II. Vervolging

- Beide daders werden bij bovenvermeld vonnis veroordeeld tot een hoofdgevangenisstraf van 2 jaar met uitstel voor 5 jaar. Bjorn Z. kreeg uitstel mits naleving van probatievoorwaarden: o.a. ‘passende begeleiding voor zijn alcoholprobleem' en ‘de burgerlijke partijen vergoeden'.

Op burgerlijk gebied werden zij hoofdelijk veroordeeld om aan Gerardo X. EUR 10.000 provisie te betalen. Dokter X. Janssens werd aangesteld als deskundige.

De daders tekenden beiden hoger beroep aan.

- Bij arrest van het Hof van beroep te ... d.d. 5 oktober 2010 werd bovenvermeld vonnis ten aanzien van Bjorn Z. en Tom D. op strafrechtelijk gebied bevestigd en ook op burgerlijk gebied (uitgezonderd: bij de opdracht van de deskundige: ‘met uitsluiting van de bepaling van blijvende arbeidsongeschiktheid tot het verrichten van persoonlijke arbeid)'. De zaak werd verwezen naar de eerste rechter voor verdere afhandeling van de burgerlijke partij, Gerardo X..

Het arrest is in kracht van gewijsde getreden.

III. Mogelijkheden tot schadeloosstelling

■ Uit het arrest kan afgeleid worden dat door Bjorn Z. EUR 200 werd betaald aan verzoeker. Beide daders zijn arbeider.

■ De advocaat deelt ter zitting mee dat zijn cliënt financieel aan de grond zit. Hij leeft van de ene dag op de andere. Hij heeft zware kosten ten gevolge van zijn langdurig ziekenhuisverblijf.

■ Citaat uit bovenvermeld arrest:

- T.a.v. eerste beklaagde Bjorn Z.:

"Gerardo X. werd het slachtoffer van zinloos en niets ontziend geweld dat hem uiteindelijk het verlies van een oog heeft gekost. ... . Het Hof gaat geenszins voorbij aan het schuldinzicht waarvan de eerste beklaagde blijk heeft gegeven: hij ging over tot vergoeding van de burgerlijke partij Aelbrecht Van Damme en levert een bescheiden inspanning om ook het slachtoffer Gerardo X., financieel tegemoet te komen."

- T.a.v. tweede beklaagde Tom D.:

"Hoewel de hardnekkige ontkenning hem niet ten kwade kan worden geduid, geeft deze houding aan dat tweede beklaagde voornoemd, anders dan de eerste beklaagde, zijn verantwoordelijkheid niet wenst op te nemen.

■ Verzoeker verklaart dat hij niet aangesloten is bij enige rechtsbijstandsverzekeraar.

IV. Aanstelling van de Gerechtelijk-Geneeskundige Dienst

Verzoeker heeft naar aanleiding van het neergelegde verzoekschrift de aanstelling van een geneesheer-deskundige gevraagd.

Bij bevelschrift van de verslaggever d.d. 1 maart 2010 werd de Gerechtelijk-Geneeskundige Dienst aangesteld gelast met een medisch deskundigenonderzoek.

Het verslag van de Gerechtelijk-Geneeskundige Dienst werd neergelegd op 8 juli 2010.

V. Vaststellingen

Uit het deskundig verslag:

"De letsels zijn het gevolg van het gewelddelict d.d. 24 augustus 2007. Betrokkene werd afgevoerd naar het ziekenhuis van ... en vandaar naar het UZ te .... Tweemaal ingreep te .... In Brussel werd een prothese geplaatst.

De heer Gerardo X. verloor ten gevolge van de feiten het rechteroog. Vandaag draagt hij een oogprothese, die op esthetisch vlak zeker voldoet.

De brutale agressie heeft op psychisch vlak diepe sporen nagelaten. Een diagnose van PTSD kan niet worden gesteld. Nochtans kan de aanwezigheid van een chronisch angstsyndroom veroorzaakt door de aanranding niet worden ontkend. Tevens is aannemelijk dat zijn stemmingsproblematiek ten gevolge van de feiten is toegenomen.

Verzoeker zou ook nachtelijk urineverlies hebben dat is gestart na de feiten. Het verband ermee is inderdaad plausibel. Stressvolle situaties kunnen enuresis uitlokken. In de begroting van de invaliditeit wordt ook deze kwaal betrokken.

De graden en periodes van tijdelijke invaliditeit wordt toegekend als volgt:

100 % van 24/08/2007 tot en met 29/08/2007 (hospitalisatie)

85 % van 30/08/2007 tot en met 08/09/2007

75 % van 09/09/2007 tot en met 25/10/2007

100 % op 26/10/2007 (hospitalisatie)

85 % van 27/10/2007 tot en met 09/11/2007

75 % van 10/11/2007 tot en met 31/12/2007

65 % van 01/01/2008 tot en met 31/03/2008

55 % van 01/04/2008 tot en met 30/09/2008

Consolidatiedatum: 1 oktober 2008 met een globale blijvende invaliditeit van 46,4 %.

Deze man verblijft sinds vele jaren in België. Hij spreekt Nederlands noch Frans. Hij is volledig afhankelijk van zijn moeder, die nog steeds bijzonder goed voor hem zorgt. Zijn aanpassings-probleem is niet het gevolg van de feiten, al is het er wel door verergerd. Begeleiding via een CGGZ is aangewezen teneinde zijn gefaalde integratie zo goed en zo kwaad als mogelijk nog te recupereren. Een deel van de kosten kan worden ten laste genomen. De som is onmogelijk te begroten als provisie. Daarnaast zal levenslang verzorging, onderhoud en wisseling van zijn oogprothese noodzakelijk zijn. De oftalmologen in het UZ ... zijn allicht de meest aangewezen personen om hiervoor een kostenschatting op te stellen."

VI. Bijkomende problematiek: diabetes

Op 26 november 2010 kreeg het secretariaat een brief van de advocaat van verzoeker.

In een medisch attest van Dokter G. C. d.d. 26 november 2010 staat:

"Deze patiënt werd gehospitaliseerd van 15 tot 17 november 2010. Zoals U weet heeft hij slechts 1 oog meer, na het verlies van zijn rechteroog na een trauma. De reden van opname was de ontdekking van een diabetes, die meteen insulinedependent bleek: een insulinetherapie werd tijdens de hospitalisatie op punt gesteld. Patiënt werd op 17 november ontslagen met insuline. Uiteraard zal een strenge follow-up nodig zijn. Een goede diabetesregeling is bij hem des te belangrijker omdat hij slechts één oog heeft. Wij moeten ten allen prijze diabetische retinopathie vermijden, hetgeen per definitie tot blindheid zou leiden.

VII. Begroting van de gevraagde hulp

1. Tijdelijke ongeschiktheden:

van 24/08/2007 t. e. m. 29/08/2007: 6 d. x 100 % x EUR 31 = EUR 186,00

van 30/08/2007 t. e. m. 08/09/2007:(*) 9 d. (moet zijn: 10 d.) x 85 % x EUR 31 = EUR 191,25

van 09/09/2007 t. e. m. 25/10/2007: 47 d. x 75 % x EUR 31 (EUR 25) = EUR 1.092,75

26/10/2007: 1 d. x 100 % x EUR 31 = EUR 31,00

van 27/10/2007 t. e. m. 09/11/2007: 11 d. (moet zijn: 14 d.) x 85 % x EUR 31(EUR 25) = EUR 658,75

van 10/11/2007 t. e. m. 31/12/2007: 51 d. (moet zijn: 52 d.) x 75 % x EUR 31 (EUR 25) = EUR 956,75

van 01/01/2008 t. e. m. 31/03/2008: 89 d. (moet zijn: 91 d. x 65 % x EUR 31 (EUR 25) = EUR 1.446,25

van 01/04/2008 t. e. m. 30/09/2008: 183 d. x 55 % x EUR 31 (EUR 25) = EUR 2.516,25

EUR 7.078,50

Rekening houdend met de herberekening wordt een bedrag van EUR 6.577,75 bekomen.

2. Blijvende gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid:

Verzoeker was 39 jaar op het ogenblik van de consolidatie.

EUR 1.625 x 46,4 (conform oude tabel) (*) = EUR 75.400,00

TOTAAL EUR 82.479,00

(*) Conform de nieuwe tabel moet dit zijn:

EUR 1.787 x 46,4 = EUR 82.916,80

(**) Bij blijvende ongeschiktheid, wanneer de materiële schade niet forfaitair begroot werd, wordt de morele schade bepaald op basis van de helft van de bedragen vermeld in de tabel.

VIII. Beoordeling door de Commissie

Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd. Aan de ontvankelijkheidsvoorwaarden werd voldaan. De kansen op verhaal tegenover de daders zijn quasi onbestaande.

De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 nageleefd te worden.

1. Op vraag van het secretariaat maakte verzoeker in zijn schriftelijke reactie facturen over van de medische kosten.

2. Wat de gevraagde hulp voor blijvende arbeidsongeschiktheid betreft, dient conform de indicatieve tabel enkel de morele component in aanmerking genomen te worden. (zie hoger: punt VII: Begroting van de gevraagde hulp (**).

3. De tijdelijke invaliditeit bedraagt EUR 6.577. Voor de blijvende invaliditeit wordt voor de morele schade, de esthetische schade en de materiële schade samen een bedrag van EUR 50.000 ex aequo et bono toegekend.

4. Rekening houdend met bovenvermelde opmerkingen kent de Commissie aan verzoeker in totaal EUR 56.577 toe.

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken, de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009, en de artikelen 28 tot 34 van het K.B. van 18 december 1986;

Verklaart het verzoek ontvankelijk en kent verzoeker een hulp toe van EUR 56.577.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 12 januari 2012.

De secretaris a.i., De voorzitter,

M. STEYAERT P. DRAULANS

Mots libres

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 16 december 2009, waarbij verzoeker om de toekenning heeft gevraagd van een financiële hulp voor schade als gevolg van een opzettelijke gewelddaad.