- Decision du 27 juin 2012

27/06/2012 - M12-1-0148/8748

Jurisprudence

Résumé

Samenvatting 1

Decision - Texte intégral

(...)

I. Feiten

Op 4 juli 2009 besloot Tommy Z. om verzoekster, zijn op dat ogenblik 87 jarige grootmoeder, in haar woning te vermoorden om geld.

Hij duwde verzoekster een handdoek gedrenkt in bleekwater op haar neus en mond om haar te verstikken. Toen zij ten val kwam greep hij haar met beide handen bij de keel om haar te wurgen.

Verzoekster kon zich vrij maken door hem van zich af te schoppen en naar de voordeur te lopen om buiten hulp te roepen.

II. Vervolging

Bij vonnis dd. 9 maart 2011 van de rechtbank van eerste aanleg te ... werd de volgende tenlastelegging bewezen geacht in hoofde van Tommy Z. (° 1978) en waarvoor deze veroordeeld werd tot 15 jaar gevangenisstraf en ter beschikking gesteld van de regering gedurende een termijn van 10 jaar:

"Te ... op 4 juli 2009:

Gepoogd te hebben opzettelijk en met het oogmerk om te doden zijn wettige bloedverwant in opgaande lijn, Ivonna X., gedood te hebben waarbij het voornemen om de misdaad te plegen, zich geopenbaard heeft door uitwendige daden die een begin van uitvoering van die misdaad uitmaken en alleen ten gevolge van omstandigheden, onafhankelijk van de wil van de dader, zijn gestaakt of hun uitwerking hebben gemist."

Op burgerlijk vlak werd Z. bij zelfde vonnis veroordeeld tot betaling aan verzoekster de gevorderde hoofdsom van euro 2.750 meer de intresten en een RPV van euro 650.

- administratie en verplaatsingskosten euro 125,00

- materiële schade (forfaitair) euro 125,00

- morele schade euro 2.500,00

De veroordeelde en het O.M. tekenden hoger beroep aan.

Bij arrest dd. 18 oktober 2011 van het Hof van Beroep te ... werd het bestreden vonnis bevestigd op zowel strafrechtelijk als burgerlijk gebied. Z. werd bijkomend veroordeeld tot betaling van een RPV van euro 715.

Dit arrest bekwam kracht van gewijsde (attest griffie).

III. Gevolgen van de feiten

Een attest van dr. M. Dejaunois, dd. 11/01/2011 ligt voor:

" Betreft mevrouw X. Yvonne. Mevrouw is nog steeds emotioneel getekend door het gebeurde met haar kleinzoon.

Tot vandaag nog slaapstoringen, angsten, depressiviteit.

De impact op haar was en is zeer hoog. "

IV. Mogelijkheden tot schadeloosstelling

IV-1. De instrumenterende gerechtsdeurwaarder laat op 24 januari 2012 weten dat uitvoering van het vonnis niet mogelijk is. De veroordeelde verblijft in de gevangenis en bezit geen onroerende goederen.

Hij was toegelaten tot het systeem van collectieve schuldenregeling maar dit werd herroepen bij vonnis dd. 15/09/2011 van de arbeidsrechtbank te ....

IV-2. Verzoekster verklaart op geen enkele verzekeringstussenkomst te kunnen beroep doen.

V. Begroting van de gevraagde hulp

Verzoekster vraagt om de toekenning van een hulp van "ex aequo et bono geraamd op euro 4.400 ".

- administratie en verplaatsingskosten euro 125,00

- materiële schade (forfaitair) euro 125,00

- morele schade euro 2.500,00

- intresten euro 280,94

- RPV in 1ste aanleg euro 650,00

- RPV in hoger beroep euro 715,00

- attest kracht van gewijsde euro 30,00

TOTAAL euro 4.425,94

VI. Beoordeling door de Commissie

Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd.

De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 nageleefd te worden.

De Commissie verzekert geen integrale schadeloosstelling. Ze kan, naar billijkheid, een financiële hulp toekennen voor de schadeposten die limitatief zijn opgesomd in artikel 32, § 1, van de wet van 1 augustus 1985:

"Voor de toekenning van een hulp aan de personen als bedoeld in artikel 31, 1°, steunt de commissie uitsluitend op de volgende bestanddelen van de geleden schade :

1° de morele schade, rekening houdend met de tijdelijke of blijvende invaliditeit;

2° de medische kosten en de ziekenhuiskosten, met inbegrip van de prothesekosten;

3° de tijdelijke of blijvende invaliditeit;

4° een verlies of vermindering aan inkomsten ten gevolge van de tijdelijke of blijvende arbeidsongeschiktheid;

5° de esthetische schade;

6° de procedurekosten;

7° de materiële kosten;

8° de schade die voortvloeit uit het verlies van een of meer schooljaren."

‘Intresten' zijn daarbij niet opgenomen en komen dus niet in aanmerking voor een hulp. Het principe dat de bijzaak de hoofdzaak volgt is hier niet van toepassing; immers de schuldenaar van de toegekende hulp, zijnde de Belgische Staat, is niet de veroorzaker van de schade. De zienswijze van de Commissie ten aanzien van de intresten werd bevestigd bij arrest nr. 165.787 van de Raad van State d.d. 12 december 2006.

Rekening houdende enerzijds met de ernst van de feiten en de opgelopen schade en anderzijds met de door de wet uitgesloten schadeposten (in casu de intresten), meent de Commissie aan verzoekster in billijkheid een hulp te kunnen toekennen begroot op euro 4.145.

*

* *

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op:

- de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken;

- de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009;

- het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 december 2006,

Verklaart het verzoek ontvankelijk en kent verzoekster een hulp toe van euro 4.145.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 27 juni 2012.

De plv. secretaris, De voorzitter,

B. VAN BEURDEN P. DE SMET

Mots libres

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 15 februari 2012 waarbij verzoekster om de toekenning heeft gevraagd van een financiële hulp voor schade als gevolg van een opzettelijke gewelddaad.