- Decision du 27 juin 2012

27/06/2012 - M12-1-0231/8800

Jurisprudence

Résumé

Samenvatting 1

Decision - Texte intégral

(...)

I. Feiten

Verzoeker, zelfstandig televisieopnameleider, was op 29 juni 2007 op straat in ... bezig met de opnames van Matroesjka's 2 toen hij werd aangevallen door een agressieve voorbijganger. Enkele crewleden snelden hem terstond ter hulp maar verzoeker diende, als gevolg van de klap die hij incasseerde, zijn werk op de set onmiddellijk te staken en werd naar het hospitaal overgebracht.

Volgens vonnis dd. 03/05/2011, f° 2, had verzoeker de dader voordien aangesproken omdat die door het venster van een café urineerde.

II. Vervolging

Bij vonnis dd. 3 mei 2011 van de rechtbank van eerste aanleg te ... werd onder meer de volgende tenlastelegging bewezen geacht in hoofde van de genaamde Kenny Z. (° 1986), en waarvoor deze veroordeeld werd tot 75 uren autonome werkstraf:

"Te ... op 29 juni 2007:

Opzettelijke verwondingen of slagen te hebben toegebracht aan X. Wim, de slagen of verwondingen hebbende een ziekte of ongeschiktheid tot het verrichten van persoonlijke arbeid ten gevolge gehad. "

Op burgerlijk vlak werd Z. bij zelfde vonnis veroordeeld tot betaling aan verzoeker de hoofdsom van euro 4.211,98 meer de intresten en een RPV van euro 412,50.

- administratie en verplaatsingskosten euro 146,00

- medische kosten euro 110,23

- TWO moreel euro 333,75

- esthetische schade (1/7) euro 490,00

- inkomstenverlies euro 3.045,00

- meerinspanningen euro 87,00

Dit vonnis bekwam kracht van gewijsde (attest griffie).

Inkomstenverlies:

De producent van Matroeska's 2, met wie verzoeker, die zelfstandige is, een contract afgesloten had, verklaart dat hij een sleutelpositie in deze filmproductie bekleedde; hij was verantwoordelijk voor de praktische organisatie van de opnames en verbindingspersoon tussen de productie en politie en het stadsbestuur. Verzoeker was gedurende 7 dagen volledig werkonbekwaam en werd vervangen.

Uit het contract met productiehuis I. P. blijkt een dagelijks inkomen van euro 435 ( euro 300 dagsalaris + euro 75/dag voor gehuurde goederen nodig voor de opnames + euro 60/dag locations vergoeding) hetgeen euro 3.045 voor 7 dagen oplevert. Verzoeker merkt op dat hij andere onkosten zoals verplaatsingskosten, telefoon, onkosten opnameleiding,.. afzonderlijk factureert en niet tot het inkomstenverlies rekent.

III. Gevolgen van de feiten

Volgens deskundigenverslagen van dr. V. en dr. De V.

Verzoeker werd gekwetst in het aangezicht: kaak verschoven + letsel aan onderlip.

In het midden van de onderlip resteert een litteken (1/7 esthetische schade)

Tijdelijke arbeidsongeschiktheid

100% van 30/06/2007 t/m 07/07/2007

Tijdelijke invaliditeit

15% van 08/07/2007 t/m 15/07/2007

10% van 16/07/2007 t/m 31/07/2007

5% van 01/08/2007 t/m 31/08/2007

Consolidatiedatum: 01/09/2008

Blijvende invaliditeit: geen

Esthetische schade: 1 / 7

IV. Mogelijkheden tot schadeloosstelling

IV-1. De instrumenterende gerechtsdeurwaarder laat op 19/09/2011 weten dat uitvoering van het vonnis niet mogelijk is. De veroordeelde bezit wagen noch onroerend goed. Hij betrekt een vervallen oude driegevelwoning met 9 brievenbussen (9 studio's of kamers).

IV-2. Verzoeker verklaart dat hij als zelfstandige niet verzekerd is voor de kleine risico's.

V. Begroting van de gevraagde hulp

Verzoeker vraagt om de toekenning van een hulp van euro 4.211,98, conform het vonnis van 03/05/2011.

VI. Beoordeling door de Commissie

Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd.

De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 nageleefd te worden.

De Commissie verzekert geen integrale schadeloosstelling. Ze kan, naar billijkheid, een financiële hulp toekennen voor de schadeposten die limitatief zijn opgesomd in artikel 32, § 1, van de wet van 1 augustus 1985:

"Voor de toekenning van een hulp aan de personen als bedoeld in artikel 31, 1°, steunt de commissie uitsluitend op de volgende bestanddelen van de geleden schade :

1° de morele schade, rekening houdend met de tijdelijke of blijvende invaliditeit;

2° de medische kosten en de ziekenhuiskosten, met inbegrip van de prothesekosten;

3° de tijdelijke of blijvende invaliditeit;

4° een verlies of vermindering aan inkomsten ten gevolge van de tijdelijke of blijvende arbeidsongeschiktheid;

5° de esthetische schade;

6° de procedurekosten;

7° de materiële kosten;

8° de schade die voortvloeit uit het verlies van een of meer schooljaren."

De post ‘meerinspanningen' is daarbij niet opgenomen en komt dus niet in aanmerking voor een financiële hulp.

Deze zienswijze van de Commissie ten aanzien van de meerinspanningen werd overigens bevestigd bij arrest nr. 165.787 van de Raad van State d.d. 12 december 2006.

Uit artikel 33, § 1 van de wet van 1 augustus 1985 blijkt dat het bedrag van de hulp naar billijkheid wordt bepaald. Volgens de voorbereidende werken is die beoordeling naar billijkheid zelfs het basisbeginsel van het stelsel (Parl.St., Senaat 1984-85 nr. 873/2/1°,8). Dit uitgangspunt verleent aan de Commissie een appreciatiebevoegdheid, zowel inzake de opportuniteit van de toekenning van een financiële hulp als inzake de bepaling van de omvang van het hulpbedrag.

Het voorgaande impliceert dat de Commissie voor bepaalde schadeposten andere tarieven kan (mag) hanteren dan die waarvan de correctionele rechter zich bedient. Hierdoor kan de door de Commissie toegekende hulp in meerdere of mindere mate afwijken van de in gemeenrecht toegewezen schadevergoeding. Zo baseert de Commissie zich bij het toekennen van een hulpbedrag voor sommige schadeposten op haar rechtspraak in analoge gevallen. Dit is bijvoorbeeld het geval voor de post ‘inkomstenverlies' waarvoor de Commissie het redelijk en gepast acht een hulp toe te wijzen van ex aequo et bono euro 1.500.

Rekening houdende enerzijds met de ernst van de feiten en de opgelopen schade en anderzijds met de door de wet uitgesloten schadeposten, meent de Commissie aan verzoeker in billijkheid een globale hulp te kunnen toekennen begroot op ex aequo et bono euro 2.500.

*

* *

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op:

- de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken;

- de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009;

- het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 december 2006,

Verklaart het verzoek ontvankelijk en kent verzoeker een hulp toe van euro 2.500.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 27 juni 2012.

De plv. secretaris, De voorzitter,

B. VAN BEURDEN P. DE SMET

Mots libres

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 6 maart 2012 waarbij verzoeker om de toekenning heeft gevraagd van een financiële hulp voor schade als gevolg van een opzettelijke gewelddaad.