- Decision du 21 août 2012

21/08/2012 - M11-5-1051/8500

Jurisprudence

Résumé

Samenvatting 1

Decision - Texte intégral

(...)

I. Feiten

De feiten speelden zich af tijdens de nieuwjaarsnacht van 1 januari 2008 in een dancing te ....

De heer Dave Z. moeide zich in een geschil tussen twee meisjes en twee Turken waarmee hij niets te maken had. Er ontstond een zware vechtpartij, waarbij verzoeker door Z. over de trapleuning een drietal meter naar beneden werd gegooid. Toen verzoeker roerloos op de grond lag, gaf Z. hem met zijn zware bottines nog meerdere stampen in het aangezicht.

II. Vervolging

Bij vonnis van de Correctionele rechtbank te ... d.d. 5 mei 2009 werd de heer Dave Z. wegens het plegen van de sub I vermelde feiten (gekwalificeerd als poging tot doodslag) veroordeeld tot een effectieve gevangenisstraf van vier jaar.

Op burgerlijk gebied werd hij veroordeeld tot betaling van de provisionele som van euro 2.500 meer intresten aan verzoeker. Tevens werd Dr. W. J. als deskundige aangesteld, met de gebruikelijke opdracht.

Tegen alle beschikkingen van dit vonnis werd hoger beroep ingesteld door de beklaagde, alsook door het Openbaar Ministerie tegen hem (enkel op strafgebied).

Bij arrest van het Hof van Beroep te ... d.d. 10 februari 2010 werd het bestreden vonnis grotendeels bevestigd. De zaak werd terug naar de eerste rechter verwezen voor verdere afhandeling van de burgerlijke belangen.

Tegen alle beschikkingen van dit arrest werd door Dave Z. nog cassatieberoep aangetekend, maar dit werd verworpen bij arrest d.d. 8 juni 2010.

III. Gevolgen van de feiten

Na de feiten werd verzoeker overgebracht naar het ziekenhuis, alwaar de volgende letsels werden vastgesteld: twee ribfracturen rechts; neusfractuur; kneuzingen gelaat en behaarde hoofdhuid.

Verzoeker werd gehospitaliseerd van 1 januari tot 5 januari 2008 (neuro-observatie) en nadien nog van 16 januari tot en met 17 januari 2008 (correctie van de neusfractuur).

In zijn deskundig verslag d.d. 30 juli 2011 weerhoudt Prof. Dr. W. J. de volgende graden en periodes van tijdelijke arbeidsongeschiktheid:

100 % van 01.01.08 t.e.m. 15.02.08

30 % van 16.02.08 t.e.m. 29.02.08

25 % van 01.03.08 t.e.m. 15.03.08

20 % van 16.03.08 t.e.m. 31.03.08

15 % van 01.04.08 t.e.m. 30.04.08

7,5 % van 01.05.08 t.e.m. 30.06.08

6 % van 01.07.08 t.e.m. 30.09.08.

Er is consolidatie op 1 oktober 2008, met een blijvende invaliditeit van 5 % (dichtzitten en scheefstand van de neus, migraine en paniekaanvallen) en een blijvende arbeidsongeschiktheid van 3 %.

IV. Mogelijkheden tot schadeloosstelling

* Blijkens het schrijven van gerechtsdeurwaarder J. A. d.d. 18 oktober 2011 zijn er geen uitvoeringsmogelijkheden lastens de heer Dave Z.. Hij verblijft sedert 8 april 2010 in de gevangenis te ... en bezit geen onroerende goederen. Het onvermogen van de heer Z. werd ‘officieel' bevestigd door diens raadsman in een brief van 5 augustus 2011.

* In een persoonlijk ondertekend schrijven d.d. 20 oktober 2011 verklaart verzoeker dat hij noch ten tijde van de feiten noch heden over een familiale polis en/of polis rechtsbijstand beschikt(e).

De medische kosten werden vergoed door AXA Assistance.

V. Begroting van de gevraagde hulp

Verzoeker vraagt om de toekenning van een hulp van euro 9.917,43:

- morele schade TAO: euro 1.829,93

100 % van 01.01.08 t.e.m. 15.02.08 : 46 d., waarvan

6 d. hospital. x euro 31 = euro 186,00

en 40 d. x euro 25 = euro 1.000,00

30 % van 16.02.08 t.e.m. 29.02.08 : 14 d. x euro 7,50 = euro 105,00

25 % van 01.03.08 t.e.m. 15.03.08 : 15 d. x euro 6,25 = euro 93,75

20 % van 16.03.08 t.e.m. 31.03.08 : 16 d. x euro 5 = euro 80,00

15 % van 01.04.08 t.e.m. 30.04.08 : 30 d. x euro 3,75 = euro 112,50

7,5 % van 01.05.08 t.e.m. 30.06.08 : 61 d. x euro 1,88 = euro 114,68

6 % van 01.07.08 t.e.m. 30.09.08 : 92 d. x euro 1,50 = euro 138,00

- morele schade blijvende invaliditeit (5 %): euro 4.812,50

5 % x euro 1.925 per punt / 2

- procedurekosten: euro 2.800,00

- expertisekosten: euro 1.500,00

- rechtsplegingsvergoeding: euro 1.300,00

- materiële schade: euro 475,00

- kledijschade (bebloed): euro 375,00

- administratiekosten: euro 100,00

VI. Beoordeling door de Commissie

Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd.

Aan de ontvankelijkheidsvoorwaarden werd voldaan.

De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen nageleefd te worden.

Rekening houdend met alle omstandigheden van de zaak, zoals hierboven geschetst, meent de Commissie dat de gevraagde hulp kan worden toegekend, met dien verstande dat toegekende hulp voor de kledijschade in billijkheid begroot wordt op euro 250 in plaats van op euro 375.

*

* *

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op:

- de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken;

- de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009;

- het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 december 2006.

Verklaart het verzoek ontvankelijk en kent een hulp toe van euro 9.792.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 21 augustus 2012.

De secretaris, De voorzitter,

G. VAN DEN ABBEELE D. DESMET

Mots libres

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 5 oktober 2011, waarbij verzoeker om de toekenning heeft gevraagd van een financiële hulp voor schade als gevolg van een opzettelijke gewelddaad.