- Decision du 18 octobre 2012

18/10/2012 - M12-1-0063/8710

Jurisprudence

Résumé

Samenvatting 1

Decision - Texte intégral

(...)

I. Feiten

Op 5 september 2009 omstreeks 22u 30 werd de op dat ogenblik 16-jarige dochter van verzoekers, Sien X., verkracht door een onbekend persoon toen ze langs de ...straat te ... fietste.

II. Vervolging

Verzoekers legden op datum der feiten klacht neer tegen onbekenden en bekwamen het statuut van benadeeld persoon.

Op 17 juni 2011 seponeerde de procureur des Konings te ... het strafdossier omwille van "dader onbekend ".

III. Gevolgen van de feiten

Volgens CAW De P. ...:

" Voor de ouders van het slachtoffer is het dagelijkse leven sindsdien echter ingrijpend veranderd. Zo ontwikkelde de moeder van het slachtoffer een ernstige depressie waarbij een opname noodzakelijk was. Zij was gedurende 8 maanden niet in staat om te werken. Mevrouw X. is tot op heden nog niet volledig hersteld van deze depressie. Zij dient nog dagelijks antidepressiva te nemen en gaat regelmatig op consultatie bij de psychiater en het Centrum voor Geestelijke Gezondheidszorg L... .

De relatie tussen de ouders en hun dochter is sinds het misdrijf erg veranderd. Zo zeggen de ouders dat hun dochter "niet meer dezelfde Sien" is en dat het vertrouwen en de open communicatie die voordien in het gezin aanwezig waren een zware deuk hebben gekregen. Mevrouw X. merkt op dat zij continue alert is, dat zij dag en nacht op de hoogte wil zijn van waar haar vier kinderen naartoe gaan en dat zij voortdurend haar gsm in degaten houdt. Het hoeft geen betoog dat het misdrijf serieuze invloed heeft op de gezinssfeer, maar ook op de relatie tussen vader en moeder.

Niet alleen de moeder, maar ook de vader van het slachtoffer heeft door het misdrijf een zware tijd achter de rug. Dit is nog steeds niet voorbij. Zo geeft de heer X. aan dat het zwaar weegt dat de dader niet werd gevonden. "

Verzoekster Christel Y. werd 6 dagen opgenomen in het Psychiatrisch Centrum te ... van 3 t/m 8 februari 2010. Zij werd tevens gedurende 3 dagen opgenomen in het algemeen ziekenhuis van 5 t/m 7 mei 2010.

CGG M. en L. attesteert dat verzoekster Christel Y. n.a.v. secundaire traumatisatie als gevolg van de feiten gepleegd op haar dochter, 19 individuele psychotherapeutische sessies volgde tussen 15 maart 2010 en 25 augustus 2011.

Met CAW De P. te ... vonden 9 gesprekken plaats + frequente telefonische gesprekken.

IV. Mogelijkheden tot schadeloosstelling

Verzoekers hebben een familiale verzekering afgesloten. Deze komt niet tussen nu de aansprakelijke derde niet behoorlijk kan geïdentificeerd worden.

De hospitalisatieverzekering kwam grotendeels tussen in de kosten ziekenhuisopname.

V. Begroting van de gevraagde hulp

Verzoekers vragen (samen) om de toekenning van een hulp van euro 6.608,12.

- persoonlijke opleg medische, farmaceutische en

verplaatsingskosten om medische reden (geattesteerd) euro 579,12

- TWO moreel Christel Y. euro 6.029,00

9 dagen werkonbekwaam met hospitalisatie: euro 31 x 9d = euro 279

230 dagen werkbekwaam zonder hospitalisatie: euro 25 x 230d = euro 5.750

(berekend van de feiten 5/9/2009 tot 5/5/2010)

VI. Beoordeling door de Commissie

Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd.

De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 nageleefd te worden.

Uit artikel 33, § 1 van de wet van 1 augustus 1985 blijkt dat het bedrag van de hulp naar billijkheid wordt bepaald. Volgens de voorbereidende werken is die beoordeling naar billijkheid zelfs het basisbeginsel van het stelsel (Parl.St., Senaat 1984-85 nr. 873/2/1°,8). Dit uitgangspunt verleent aan de Commissie een appreciatiebevoegdheid, zowel inzake de opportuniteit van de toekenning van een financiële hulp als inzake de bepaling van de omvang van het hulpbedrag.

Zo baseert de Commissie zich onder meer bij het toekennen van een hulpbedrag voor de schadepost ‘morele schade' op haar rechtspraak in gelijkaardige dossiers.

Het hulpbedrag dat verzoekster inzake haar morele schade vordert, komt evenwel niet overeen met het gebruikelijk tarief dat de Commissie hanteert voor de categorie ‘ouders van een slachtoffer dat minderjarig is op het ogenblik van een opzettelijke gewelddaad' (artikel 31, 3° van voornoemde wet).

De Commissie meent hierbij een afweging te moeten maken tussen de morele schade van de rechtstreekse slachtoffers (artikel 31, 1°), de morele schade van de nabestaanden van het rechtstreeks slachtoffer (artikel 31, 2°) en tot slot de categorie van ‘onrechtstreekse' slachtoffers waartoe verzoekster (en verzoeker) worden gerekend.

Hoe dan ook kan moreel leed, zoals pijn of smart, niet louter door een geldelijke tegemoetkoming gelenigd worden. Hooguit is de financiële hulp een erkenning van dit leed, een vorm van troost, een middel om het leed draaglijker te maken. Dienvolgens kan het toegekende bedrag slechts een abstracte begroting zijn.

Rekening houdend met alle omstandigheden van de zaak, zoals hierboven geschetst, meent de Commissie aan verzoekers in billijkheid een hulp te kunnen toekennen begroot op euro 1.579.

*

* *

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op:

- de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken;

- de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009;

- het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 december 2006,

Verklaart het verzoek ontvankelijk en kent verzoekers een hulp toe van euro 1.579.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 18 oktober 2012.

De plv. secretaris, De voorzitter,

B. VAN BEURDEN C. DELESIE

Mots libres

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 25 januari 2012 waarbij verzoekers om de toekenning hebben gevraagd van een financiële hulp voor schade als gevolg van een opzettelijke gewelddaad.