- Decision du 30 octobre 2012

30/10/2012 - M11-5-0696/8229

Jurisprudence

Résumé

Samenvatting 1

Decision - Texte intégral

(...)

I. Feiten

Op 18 april 2009 werd verzoeker te ... door de heer Slewion Z. met een gebroken glas in het aangezicht (tussen linkeroor en wang) gestoken.

II. Vervolging

Bij vonnis van de Correctionele rechtbank te ... d.d. 24 december 2010 werd de heer Slewion Z. wegens het plegen van de sub I vermelde feiten bij verstek veroordeeld tot een effectieve gevangenisstraf van twee jaar en tot een geldboete van euro 1.100.

Op burgerlijk gebied werd hij veroordeeld tot betaling van de som van euro 41.797,63 meer intresten aan verzoeker.

III. Gevolgen van de feiten

Verzoeker vertoonde een snij-steekwonde t.h.v. het linkeroor. Er was een arteriële bloeding en letsels t.h.v. de spieren en een speekselklier. De gelaatszenuw links was volledig verhakkeld. Verzoeker onderging hiervoor een spoedoperatie in het ...ziekenhuis te .... Hij bleef gehospitaliseerd tot 25 april 2009.

Na de ingreep manifesteerden zich verlammingsverschijnselen t.h.v. de linkerzijde van het gelaat. Het linkeroog sloot niet volledig en er ontstond een ontsteking van het oog. Het oog werd gedeeltelijk dichtgenaaid. Op 7 augustus 2009 werd in het ...ziekenhuis een heelkundig herstel van de gelaatszenuw verricht (ziekenhuisopname van 6 tot 10 augustus 2009).

Het herstel van de zenuw verliep erg langzaam. Volgens verzoeker is er door de ingreep weinig verbetering opgetreden.

In haar deskundig verslag d.d. 20 oktober 2010 weerhoudt Dr. C. De M. (aangesteld bij vonnis d.d. 10 november 2009) de volgende graden en periodes van tijdelijke arbeidsongeschiktheid:

100 % van 18.04.09 t.e.m. 31.12.09

50 % van 01.01.10 t.e.m. 31.03.10

20 % van 01.04.10 t.e.m. 30.09.10.

Er is consolidatie op 1 oktober 2010, met een blijvende invaliditeit van 15 % en een blijvende arbeidsongeschiktheid van 7 %.

De esthetische schade wordt geraamd op 4,5 op de schaal van 7 (littekens in het gelaat).

Op verzoek van Dr. De M. werd een aanvullend psychiatrisch onderzoek gevraagd aan Dr. C. D.. Luidens diens verslag d.d. 21 juli 2010 ging verzoeker niet in behandeling bij een psychiater of psycholoog. Volgens de deskundige is er bij verzoeker sprake van een normale verwerking van het trauma (slaapproblemen, flashbacks) maar niet van een psychiatrische stoornis als gevolg hiervan.

IV. Mogelijkheden tot schadeloosstelling

* De kansen op verhaal tegenover Slewion Z. zijn nagenoeg onbestaande. Aangezien hij geen gekende woon- of verblijfplaats heeft, werd het verstekvonnis d.d. 24 december 2010 betekend aan de procureur des Konings te ... (exploot d.d. 16 mei 2011).

* Verzoeker beschikt over een familiale verzekering met rechtsbijstand (Dexia). De in artikel 37.4 van de polis opgenomen waarborg ‘onvermogen van derden' is evenwel slechts van toepassing indien het gaat om onopzettelijke daden. De waarborg is niet verworven voor gewelddaden op personen of goederen, diefstal of poging tot diefstal, vandalisme en andere opzettelijke feiten.

V. Begroting van de gevraagde hulp

Verzoeker vraagt om de toekenning van een financiële hulp van euro 43.055,80 meer intresten:

- hoofdsom cf. vonnis d.d. 24.12.2010: euro 41.797,63

- administratiekosten: euro 125,00

- verplaatsingskosten: euro 125,00

- medische kosten: euro 450,00

(één flesje kunsttranen per maand)

- TAO morele schade: euro 8.496,00

100 % van 18.04.09 t.e.m. 31.12.09 : 254 d. x euro 25 = euro 6.350,00

3 d. hospitalisatie x euro 41 per dag = euro 123,00

50 % van 01.01.10 t.e.m. 31.03.10 : 89 d. x euro 12,50 = euro 1.112,50

20 % van 01.04.10 t.e.m. 30.09.10 : 182 d. x euro 5 = euro 910,00

- TAO economisch verlies huishouden: euro 2.069,63

- blijvende invaliditeit / arbeidsongeschiktheid: euro 22.682,00

7 % BAO : 7 x euro 2.062 per punt = euro 14.434,00

8 % BI : 8 x euro 2.062 per punt / 2 = euro 8.248,00

- esthetische schade (4,5/7): euro 7.850,00

- procedurekosten: euro 1.258,17

- rechtsplegingsvergoeding: euro 1.000,00

- betekeningskosten: euro 258,17

VI. Beoordeling door de Commissie

Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd.

Aan de ontvankelijkheidsvoorwaarden werd voldaan.

De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen nageleefd te worden.

De Commissie wenst te benadrukken dat ze geen integrale schadeloosstelling verzekert. Ze kan, naar billijkheid, slechts een financiële hulp toekennen voor de schadeposten die limitatief zijn opgesomd in artikel 32, § 1, van voormelde wet. ‘Economisch verlies huishouden' is daarbij niet opgenomen en komt dus niet in aanmerking voor de toekenning van een hulp.

Eenzelfde opmerking geldt met betrekking tot de intresten.

Het behoort overigens tot de constante rechtspraak van de Commissie - en deze vloeit voort uit de bedoeling van de wet - dat intresten niet in aanmerking komen voor een financiële hulp. De Commissie is van oordeel dat het principe dat de bijzaak de hoofdzaak volgt, niet van toepassing is in het stelsel van financiële hulpverlening aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden. De schuldenaar van de toegekende hulp, met name de Belgische Staat, is niet de veroorzaker van de schade. Bovendien brengt ook in het gemeen recht de toepassing van artikel 1382 van het Burgerlijk Wetboek niet mee dat de intresten automatisch verschuldigd zijn, vermits zij moeten gevraagd of gevorderd worden door het slachtoffer en de rechter ze niet mag toekennen wanneer een dergelijke vraag of vordering ontbreekt.

De Raad van State heeft zich in een uitvoerig gemotiveerd arrest bij de stellingname van de Commissie aangesloten (arrest nr. 165.787 van 12 december 2006).

Voor de blijvende arbeidsongeschiktheid vraagt verzoeker om de toekenning van een hulp van euro 14.434 (7 % x euro 2.062 per punt).

In verband hiermee stelt de Commissie vast dat er geen stukken voorliggen waaruit blijkt dat verzoeker inkomstenverlies zou geleden hebben. Aldus kan enkel rekening gehouden worden met de morele component van de ongeschiktheid. ‘Meerinspanningen', ‘verlies van de economische waarde huishoudelijke arbeid' en/of ‘loutere aantasting van de arbeidswaarde op de arbeidsmarkt (zonder loonverlies)' ressorteren immers niet onder de limitatief opgesomde schadeposten in artikel 32, § 1 van voornoemde wet.

Het komt dan ook passend voor het door de verzoeker voor deze schadepost gevraagd bedrag, conform de indicatieve tabellen, te halveren.

Voor de procedurekosten meent de Commissie geen hulp te moeten toekennen, nu deze kosten in principe ten laste worden genomen door de rechtsbijstandsverzekeraar.

Rekening houdend met alle omstandigheden van de zaak, zoals hierboven geschetst, kent de Commissie in billijkheid een hulp toe van euro 32.511.

*

* *

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op:

- de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken;

- de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009;

- het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 december 2006.

Verklaart het verzoek ontvankelijk en kent een hulp toe van euro 32.511.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 30 oktober 2012.

De secretaris, De voorzitter,

G. VAN DEN ABBEELE D. DESMET

Mots libres

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 30 juni 2011, waarbij verzoeker om de toekenning heeft gevraagd van een financiële hulp voor schade als gevolg van een opzettelijke gewelddaad.