- Jugement du 10 février 2012

10/02/2012 - 12/867/A

Jurisprudence

Résumé

Samenvatting 1

Jugement - Texte intégral

ARBEIDSRECHTBANK VAN BRUSSEL

33ste kamer - zitting van 10/02/2012

A.R. nr 12/867/A

Sociale verkiezingen - eindvonnis

Rép. nr 12/

IN ZAKE :

HET ALGEMEEN CHRISTELIJK VAKVERBOND (A.C.V), representatieve werknemersorganisatie, met zetel gevestigd te 1030 Brussel, Haachtsesteenweg 579,

eisende partij, vertegenwoordigd door Mr Veerle STROOBANTS loco Mr Veerle SIMEONS, advocaat met kantoor te 1080 BRUSSEL, Schoonslaapsterstraat, 29 bus 1,

TEGEN

1) DE NV BMK HASSELT, met maatschappelijke zetel te 3500 HASSELT, Herkenrodesingel, 37A, met ondernemingsnummer 0453.298.222,

2) DE NV BUSINESSCOM, met maatschappelijke zetel te 1800 VILVOORDE, Leuvensesteenweg, 248B, met ondernemingsnummer 0451.956.553,

verwerende partijen, vertegenwoordigd door Mr Veerle SCHEYS, advocaat met kantoor te 3500 HASSELT, Kolonel Dusartplein, 34/1;

IN AANWEZIGHEID VAN :

1) HET ALGEMEEN BELGISCH VAKVERBOND (A.B.V.V.), representatieve werknemersorganisatie, met zetel gevestigd te 1000 BRUSSEL, Hoogstraat, 42,

eerste in het geding betrokken partij, hebbende als raadsman Mr A. VERMOORTELE, advocaat te 1540 Herne, Ekkelenberg, 36 ;

2) DE ALGEMENE CENTRALE DER LIBERALE VAKBONDEN VAN BELGIE (A.C.L.V.B.), representatieve werknemersorganisatie met sociale zetel gevestigd te 1070 BRUSSEL, Poincarélaan, 72-74 en met administratieve zetel gevestigd te 9000 GENT,

tweede in het geding betrokken partij, niet verschenen ;

* * *

Gelet op de wet van 15 juni 1935 houdende het gebruik der talen in gerechtszaken ;

Gelet op de wet van 10 oktober 1967 houdende het Gerechtelijk Wetboek ;

I. PROCEDURE.

De rechtbank nam kennis van volgende procedurestukken :

- het verzoekschrift neergelegd ter griffie op 19 januari 2012

- de conclusie van verwerende partijen van 30 januari 2012

- de conclusie van het ACV van 1 februari 2012

- de syntheseconclusie van verwerende partijen van 6 februari 2012

- de stukken van partijen

De partijen werden per aangetekend schrijven van 20 januari 2012 opgeroepen voor de zitting van 27 januari 2012 ;

De zaak werd tegensprekelijk uitgesteld naar de zitting van 6 februari 2012. Conclusietermijnen werden tussen partijen overeengekomen en geacteerd op het zittingsblad.

Er werd overeengekomen dat verwerende partijen ten laatste op donderdag 2 februari 2012 om 16 uur hun syntheseconclusies en stukken zouden neerleggen.

Ter zitting verklaren partijen dat zij minnelijk aanvaard hebben dat deze termijn zou uitgesteld worden naar vrijdag 3 februari 2012 om 16 uur.

Eisende partij verklaart dat zij op dat ogenblik de stukken 56 tot en met 76 van verwerende partijen niet heeft ontvangen, wat door verwerende partijen ook niet wordt aangetoond.

Op vraag van eisende partij worden, bij toepassing van artikel 740 van het gerechtelijk wetboek, de stukken 56 tot en met 76 van verwerende partijen, uit de debatten geweerd.

De partijen werden gehoord op de zitting van 6 februari 2012, waarna de debatten gesloten werden. Het openbaar ministerie werd gehoord in haar advies, waarop eisende partij repliceerde.

De zaak werd in beraad genomen voor uitspraak op 13 februari 2012.

II. VOORWERP VAN DE BETWISTING

Bij verzoekschrift neergelegd ter griffie op 19 januari 2012 verzoekt het Algemeen Christelijk Vakverbond van België ( afgekort A.C.V. ) het volgende:

1.

te horen zeggen voor recht dat de technische bedrijfseenheid voor de verkiezingen van het comité voor preventie en bescherming op het werk voorzien op 16 mei 2012 overeenstemt met NV BKM HASSELT, met zetel te 3500 HASSELT, Herkenrodesingel 37A, en NV BUNSINESSCOM, met zetel te 1800 VILVOORDE, Leuvensesteenweg 248 B.

2.

verwerende partijen in solidum te veroordelen tot de kosten van het geding, met inbegrip van de rechtplegingsvergoeding in hoofde van het A.C.V. begroot op 1.320 euro .

In het beschikkend gedeelte van hun synthesebesluiten vragen BKM HASSELT N.V.

(afgekort BKM ) en BUSINESSCOM N.V. ( afgekort BUSINESSCOM ) de vorderingen van het A.C.V. als ongegrond af te wijzen en het A.C.V. te veroordelen tot de kosten van het geding, met inbegrip van de rechtsplegingsvergoeding ten bedrage van 1.320,00 EUR.

III. DE FEITEN

1.

De NV BKM HASSELT en de N.V. BUSINESSCOM zijn vennootschappen actief in de Belgische IT- en telecomsector, waarbij zij zich richten tot bedrijven.

BUSINESSCOM NV profileert zich als telecom integrator en BKM HASSELT NV als ICT- en telecom integrator.

BKM HASSELT NV is gevestigd aan de Grote Ring te Hasselt en BUSINESSCOM NV heeft haar zetel in Vilvoorde.

BUSINESSCOM NV bewerkt hoofdzakelijk de markt van Brussel en Wallonië en BKM HASSELT NV vooral Vlaanderen.

2.

Volledig onafhankelijk van mekaar werden zij in 1994 opgericht.

BKM HASSELT NV werd opgericht door enerzijds S. en anderzijds BUROTRONIC NV, die 75 % respectievelijk 25 % van de aandelen bezaten.

Op 27.07.2010 vond er een fusie van de NV BKM HASSELT en de N.V. BUSINESSCOM plaats.

Zij worden beiden bestuurd door UPSIZE NV en hebben als gedelegeerde bestuurder telkens een vennootschap die als vaste vertegenwoordiger S. heeft (UPSIZE NV voor BUSINESSCOM NV en SOBA INVEST BVBA voor BKM HASSELT NV).

Beide ondernemingen hebben een gemeenschappelijk managementteam.

Dit team bestaat uit: S (general management), E (business development & presales), K (sales), F (customer service), M (finance, quality, ICT) en A (human resources).

3.

Bij de sociale verkiezingen van 2008, werden er bij Businesscom verkiezingen georganiseerd voor het comité voor preventie en bescherming op het werk.

Bij BKM, dat in 2007 geen gemiddelde gewoonlijke tewerkstelling van 50 werknemers telde, werd geen comité opgericht.

4.

Op 15 december 2011 werd door de directie aangekondigd dat bij de sociale verkiezingen van 2012 enkel verkiezingen zouden georganiseerd worden bij BKM.

De voorziene verkiezingsdatum werd vastgesteld op 16 mei 2012.

5.

Eisende partij is van mening dat BKM en Businesscom echter één economisch en sociaal geheel vormen, zodat de verkiezingen voor het comité dan ook georganiseerd dienen te worden voor de hele groep.

Zij legde derhalve op 19 januari 2012 een verzoekschrift neer ter griffie van deze rechtbank.

IV. DE ONTVANKELIJKHEID

De sociale verkiezing binnen BKM zal plaatsvinden op 16 mei 2012, zodat de beslissing van BKM omtrent de technische bedrijfseenheid uiterlijk op 12 januari 2012 diende kenbaar gemaakt te worden door middel van het formulier X-35.

BKM maakte tijdig binnen de wettelijke termijn het formulier X-35 over aan de vakorganisaties, wat door het ACV niet wordt betwist, zodat aan deze vereiste werd voldaan.

Vanaf de bekendmaking kunnen de betrokken werknemers en/of vakorganisaties beroep instellen bij de Arbeidsrechtbank.

Artikel 79 Welzijnswet 4/8/1996 alsook artikel 24 Bedrijfsorganisatiewet 20/9/1948 bepalen dat bedoelde vorderingen, worden ingeleid bij verzoekschrift, verzonden bij aangetekende brief of neergelegd bij griffie van de arbeidsrechtbank.

Verder stelt § 2, 2° van voormelde wetsartikelen dat de dag van verzending van een ter post aangetekende brief of van de neerlegging van het verzoekschrift ter griffie uiterlijk met de laatste dag van deze termijnen moet samenvallen.

De verzending van de met de post aangetekende brief gebeurde op 19 januari 2012, ofwel op dag X-28.

Het beroep werd tijdig ingesteld en is ontvankelijk.

V. DE GROND

Op 16 mei 2012 worden in de onderneming TBE NV BKM HASSELT sociale verkiezingen gehouden voor het oprichten van een Comité voor Preventie en Bescherming op het Werk.

De technische bedrijfséénheid ( afgekort TBE ) NV BKM HASSELT bestaat volgens de informatie X-35 uit de juridische entiteit NV BKM HASSELT.

Het A.C.V. meent dat de N.V. BUSINESSCOM, gelet op bepaalde sociale en economische criteria, samengevoegd moet worden tot één technische bedrijfseenheid met NV BKM HASSELT.

A. Principes

Artikel 14 §1 1° van de wet houdende organisatie van het bedrijfsleven van 20 september 1948 bepaalt:

"de technische bedrijfseenheid, bepaald (in het kader van deze wet) op grond van de economische en sociale criteria; in geval van twijfel primeren de sociale criteria. "

Tevens is in artikel 14 § 2 b van de wet houdende organisatie van het bedrijfsleven van 20 september 1948 een weerlegbaar vermoeden opgenomen omtrent de technische bedrijfseenheid:

"meerdere juridische entiteiten worden vermoed, tot het tegendeel wordt bewezen, een technische bedrijfseenheid te vormen, indien het bewijs kan worden geleverd :

(1) dat ofwel deze juridische entiteiten deel uitmaken van eenzelfde economische groep of beheerd worden door eenzelfde persoon of door personen die onderling een economische band hebben, ofwel deze juridische entiteiten éénzelfde activiteit hebben of activiteiten die op elkaar afgestemd zijn;

(2) en dat er elementen bestaan die wijzen op een sociale samenhang tussen deze juridische entiteiten, zoals met name een gemeenschap van mensen verzameld in dezelfde gebouwen of in nabije gebouwen, een gemeenschappelijk personeelsbeheer, een gemeenschappelijk personeelsbeleid, een arbeidsreglement of collectieve arbeidsovereenkomsten die gemeenschappelijk zijn of die gelijkaardige bepalingen bevatten.

Wanneer het bewijs wordt geleverd van één van de voorwaarden bedoeld in (1) en het bewijs van bepaalde elementen bedoeld in (2), zullen de betrokken juridische entiteiten beschouwd worden als vormend een enkele technische bedrijfseenheid behalve indien de werkgever(s) het bewijs levert(en) dat het personeelsbeheer en -beleid geen sociale criteria aan het licht brengen, kenmerkend voor het bestaan van een technische bedrijfseenheid in de zin van artikel 14, § 1, tweede lid, 1."

Het ACV dient derhalve het bewijs te leveren van één element dat wijst op economische samenhang, zoals bepaald onder punt 1 van artikel 14 § 2 b van de wet houdende organisatie van het bedrijfsleven van 20 september 1948, en meerdere elementen die wijzen op een sociale samenhang, zoals bepaald onder punt 2 van artikel 14 § 2 b van de wet houdende organisatie van het bedrijfsleven van 20 september 1948.

De wet haalt voorbeelden aan van elementen die wijzen op een sociale samenhang, zoals in het bijzonder : een gemeenschap van mensen verzameld in dezelfde gebouwen of in nabije gebouwen, een gemeenschappelijk personeelsbeheer, een gemeenschappelijk personeelsbeleid, een arbeidsreglement of collectieve arbeidsovereenkomsten die gemeenschappelijk zijn of die gelijkaardige bepalingen bevatten.

De wetgever preciseert dat enkel het bestaan van bepaalde elementen die wijzen op een sociale samenhang tussen deze juridische entiteiten moet worden bewezen.

Bij gebreke aan een nauwkeurige definitie van het begrip sociale samenhang moet dus niet het volledig bewijs van het bestaan hiervan worden aangebracht.

Onder sociale criteria wordt een sociale samenhang verondersteld van de werknemers van één eenheid ten opzichte van de andere eenheden.

De opsomming van de sociale criteria in artikel 14 § 2 b van de voornoemde wet is niet limitatief.

De elementen die de wet vermeldt zijn loutere voorbeelden.

Zo kan ook rekening gehouden worden met andere criteria, zoals ten titel van voorbeeld : de overplaatsingen van het personeel tussen de verschillende vestigingen, gezamenlijke personeelsfeesten enz...

Deze criteria worden vastgelegd in het fundamenteel belang dat de werknemers hebben bij een behoorlijke werking van de raden en de comités.

Dit belang stemt niet automatisch overeen met het belang van de vakorganisaties, noch met dat van de personeelsvertegenwoordigers ( Zie Arbrb Brussel, 31 januari 2008, AR 342/08).

Aangezien het vermoeden weerlegbaar is, mag het bewijs van het tegendeel worden geleverd ( artikel 14, §2, b, eerste lid van de wet houdende organisatie van het bedrijfsleven van 20 september 1948).

De werkgever dient dan te bewijzen dat het personeelsbeheer en -beleid geen sociale criteria aan het licht brengen, kenmerkend voor het bestaan van een technische bedrijfseenheid in de zin van artikel 14, § 1, tweede lid, 1.

De werkgever moet dus concreet het ontbreken van sociale samenhang aantonen.

B. Toepassing op huidig geschil

Het vermoeden.

a) Voorwaarden van economische aard.

1.

De NV BKM HASSELT en de N.V. BUSINESSCOM zijn vennootschappen actief in de Belgische IT- en telecomsector, waarbij zij zich richten tot bedrijven.

BUSINESSCOM NV profileert zich als telecom integrator en BKM HASSELT NV als ICT- en telecom integrator.

Beide verwerende partijen hebben derhalve dezelfde, minstens gelijkaardige of op elkaar afgestemde activiteiten.

2.

Daarnaast behoren ze tot dezelfde economische groep in de zin van bovenvermeld artikel 14 § 2 b. Ze worden beiden bestuurd door UPSIZE NV. Ze hebben beiden dezelfde gedelegeerd bestuurder, de heer S (via UPSIZE NV voor BUSINESSCOM NV en SOBA INVEST BVBA voor BKM HASSELT NV) en ze hebben hetzelfde managementteam.

Het ACV heeft derhalve het bewijs geleverd van minstens één element dat wijst op economische samenhang, zoals bepaald onder punt 1 van artikel 14 § 2 b van de wet houdende organisatie van het bedrijfsleven van 20 september 1948, zodat dient te worden nagegaan of zij meerdere elementen aantoont die wijzen op een sociale samenhang.

b) Voorwaarden van sociale aard.

1.

De wettelijk voorziene criteria zijn een gemeenschap van mensen verzameld in dezelfde gebouwen of in nabije gebouwen, een gemeenschappelijk personeelsbeheer, een gemeenschappelijk personeelsbeleid, een arbeidsreglement of collectieve arbeidsovereenkomsten die gemeenschappelijk zijn of die gelijkaardige bepalingen bevatten.

Deze criteria worden eerst onderzocht.

Er is geen gemeenschap van mensen verzameld in dezelfde gebouwen of in nabije gebouwen.

BKM HASSELT NV is immers gevestigd te 3500 Hasselt, Herkenrodesingel 37a en BUSINESSCOM NV te 1800 Vilvoorde, Leuvensesteenweg 248b.

Gelet op de veralgemening van de gecomputeriseerde communicatiemiddelen weegt dit element echter zeer weinig door.

Er bestaat wel een gemeenschappelijk personeelsbeheer.

A, die op de payroll staat bij BKM HASSELT NV, treedt op als personeelsmanager voor beide vennootschappen. Hij wordt hierbij bijgestaan door E, die tevens in dienst is van BKM HASSELT NV.

Voor registratie van ziekte en verlof wordt éénzelfde registratiesysteem gebruikt.

Verlofaanvragen van personeelsleden van de Service desk van zowel BKM als Businesscom, gebeuren bij de heer L, personeelslid van BKM.

Verweerster betwist dat er een gemeenschappelijk personeelsbeleid zou bestaan.

Er moet volgens verweerster een duidelijk onderscheid gemaakt worden tussen het personeelsbeleid (dat bij respectievelijk bij BKM ligt voor de BKM - werknemers, en bij BUSINESSCOM voor de BUSINESSCOM - werknemers) en de personeelsadministratie, die inderdaad gemeenschappelijk wordt gedaan.

De rechtbank is van oordeel dat het ACV niet aantoont dat er een gemeenschappelijk personeelsbeleid wordt gevoerd :

- voor beide vennootschappen worden verschillende modelarbeidsovereenkomsten gebruikt

- er is enkel een evaluatiesysteem voorzien voor BKM HASSELT NV

- het aantal verlofdagen verschilt

- er bestaat een verschillende car policy

- enkel bij BKM HASSELT NV geldt er een policy i.v.m. het gebruik van mobiele telefoon en internet

- er bestaan verschillende arbeidsreglementen

- er wordt binnen beide ondernemingen met onderscheiden functieomschrijvingen gewerkt. Er werd weliswaar een enquête georganiseerd met het oog op harmonisatie, maar die is niet gebeurd

- het verloningspakket van de werknemers van BUSINESSCOM NV verschilt van dat van BKM HASSELT NV. Hetzelfde geldt voor de arbeidstijd en uurroosters

- beide bedrijven zijn aangesloten bij een verschillende groeps- en hospitalisatieverzekering, verschillende bedrijfsgeneeskundige diensten en externe diensten voor preventie en bescherming op het werk

- ze hebben een verschillend kinderbijslagfonds.

Het ACV toont niet aan en houdt trouwens ook niet voor dat er een arbeidsreglement of collectieve arbeidsovereenkomsten zijn die gemeenschappelijk zijn of die gelijkaardige bepalingen bevatten.

Het ACV toont derhalve slechts aan dat aan één van de wettelijke voorziene sociale criteria is voldaan.

2.

Zoals hierboven reeds aangehaald, is de opsomming van de sociale criteria in artikel 14,

§ 2, b van de voornoemde wet niet limitatief en zijn de elementen die de wet vermeldt loutere voorbeelden.

De rechtbank onderzoekt of er verder andere sociale criteria door het A.C.V. worden aangetoond die wijzen op een sociale samenhang tussen beide juridische entiteiten :

- de personeelsleden van BKM (aangeduid met een "H" achter de naam) en de personeelsleden van Businesscom (aangeduide met een "V" achter de naam) staan samen in hetzelfde organigram

- niet alleen het "upper"-management" is gemeenschappelijk voor de personeelsleden van beide bedrijven, maar werknemers van Businesscom hebben hiërarchische oversten tewerkgesteld bij BKM en omgekeerd, zoals blijkt uit voormeld gemeenschappelijk organigram

- personeelsleden van BKM worden ingewerkt in nieuwe functies door personeelsleden van Businesscom, wat blijkt uit een email van een personeelslid van Businesscom met betrekking tot personeelsverschuivingen van Businesscom naar BMK

- op het intranet staat een fotoboek waarin alle personeelsleden van beide juridische entiteiten opgenomen zijn. Deze worden alfabetisch gerangschikt, waarbij BKM-personeelsleden en Businesscom-personeelsleden door elkaar staan

- wanneer bij BKM personeel wordt aangeworven of vertrekt, wordt dit eveneens aangekondigd bij het personeel van Businesscom

- er gebeurt een uitwisseling van expertise : personeelsleden van de ene onderneming worden uitgeleend aan de andere, zoals blijkt uit e-mails tussen L (Service desk manager) en F, waarbij geregeld wordt dat X, een technieker in dienst bij Businesscom, gedurende bepaalde periodes bij BKM gaat werken.Tevens blijkt dit uit e-mails waarin gesteld wordt dat Y (Businesscom) van 22 november tot 6 december bij BKM zal werken

- in het voorjaar van 2011 werd een aparte ruimte, Flex Desk genaamd, gecreëerd, zowel bij BKM als bij Businescom, om de werknemers van het andere bedrijf onder te brengen. Een e-mail van 7 maart 2011 m.b.t. deze installatie meldt het volgende :

" Onze BKM collega's zijn bereikbaar via interne nummers. Het nummerplan vinden jullie als bijlage bij deze mail.

Enkel praktische dingen voor diegenen die regelmatig vanuit Hasselt werken:

Als bijlage vinden jullie een korte handleiding met daarin de stappen die noodzakelijk zijn om met jullie Businesscom nummer te kunnen inloggen op een BKM toestel.

Het kantoor in Hasselt is voorzien van een aantal Flex Desks (bij de mensen van Sales).

Binnen enkele weken zal het ook technisch mogelijk zijn om ruimtes te reserveren via Outlook.

De collega's uit Hasselt, kunnen ook hier terecht op beschikbare desks (Flex Desks naast de showroom en de 2 bubbels)."

Het gebruik van dit systeem heeft tot gevolg dat personeelsleden van BKM, die een persoonlijk telefoonnummer hebben uit Hasselt, eenmaal ze ingelogd zijn, op dit nummer bereikbaar zijn in Vilvoorde.

- personeelsleden van Businesscom voeren taken uit voor BKM en omgekeerd: bij sluiting van BKM worden de telefoonlijnen doorgeschakeld naar Businesscom, wat blijkt uit email verkeer tussen beide vestigingen betreffende de overname van de oproepen van BKM door Businesscom tijdens de sluitingsdag van BKM. Het wagenpark van Businesscom wordt beheerd door mevrouw Z, personeelslid van BKM.

- in geval van personeelstekort op de customer service desk bij BKM werd aan bepaalde personeelsleden, waaronder de heer Q, een paswoord en login gegeven teneinde "overflow" op te vangen.

- het departement Customer Service dient vanaf 1 juli 2011 gebruik te maken van een nieuwe handleiding, waarin procedures en templates worden toegelicht voor de werking van de dienst. Deze handleiding is van toepassing op zowel BKM als op Businesscom en werd uitgewerkt door de managers van beide bedrijven.

- het telefonie-systeem wordt beheerd vanuit Hasselt.

- er is een gemeenschappelijke elektronische telefoonlijst.

- wanneer een klant contact opneemt met de technische dienst van BKM of met Businesscom, worden bij de bevestigingsmail of afsluitmail de contactgegevens van beide firma's, zonder onderscheid, naar de klanten van zowel BKM als Businesscom gestuurd.

- voor beide bedrijven heersen dezelfde templates en wordt dezelfde tevredenheidsenquête voor klanten gehanteerd.

- voor potentiële nieuwe werknemers wordt er in de vacatures geen onderscheid gemaakt tussen BKM en Businesscom. Het gaat om gemeenschappelijke vacatures, zowel intern als extern.

- de website is gemeenschappelijk.

- er wordt eenzelfde E-card met nieuwjaarswensen verstuurd naar klanten en leveranciers van BKM en Businesscom.

- er worden gemeenschappelijke activiteiten voor beide bedrijven georganiseerd, zoals teambuilding, kick off dagen enz...

Uit de stukken van het dossier en uit het bovenstaande blijkt dat het wettelijk vermoeden van het bestaan van één technische bedrijfseenheid voor BMK en Businesscom in casu toepassing kent en de werkgever niet het bewijs levert dat het personeelsbeheer en -beleid geen sociale criteria aan het licht brengen, kenmerkend voor het bestaan van een technische bedrijfseenheid in de zin van artikel 14, § 1, tweede lid, 1.

De werkgever toont dus concreet het ontbreken van sociale samenhang niet aan.

De vordering van eisende partij is derhalve gegrond.

Alle andere middelen zijn ter zake niet dienend.

OM DEZE REDENEN

DE RECHTBANK,

Gehoord in Mevrouw Patricia COOLS, Substituut-arbeidsauditeur in haar eensluidend mondeling advies;

Verklaart de vordering van het HET ALGEMEEN CHRISTELIJK VAKVERBOND ontvankelijk en gegrond.

Zegt voor recht dat de technische bedrijfseenheid voor de verkiezingen van het comité voor preventie en bescherming op het werk, voorzien op 16 mei 2012, overeenstemt met NV BKM HASSELT, met zetel te 3500 HASSELT, Herkenrodesingel 37A, en NV BUNSINESSCOM, met zetel te 1800 VILVOORDE, Leuvensesteenweg 248 B.

Veroordeelt verwerende partijen tot de kosten van het geding, met in begrip van de rechtplegingsvergoeding, in hoofde van het HET ALGEMEEN CHRISTELIJK VAKVERBOND begroot op 1.320,00 euro .

Aldus gevonnist door de 33ste Kamer van de Arbeidsrechtbank van Brussel waar zitting hielden :

Mevrouw Alexandra SCHOENMAEKERS, rechter,

Mijnheer Joris DE WORTELAER, Rechter in sociale zaken, werkgever

Mijnheer Julien VERSTRAETEN, rechter in sociale zaken, bediende

En uitgesproken ter openbare zitting van 10/02/2012 waar aanwezig waren :

Mevrouw Alexandra SCHOENMAEKERS, rechter

bijgestaan in de uitspraak door Mevrouw Sabine DE BRUYCKER, griffier - Hoofd van Dienst ;

De Griffier-Hoofd van Dienst, De Rechters in Sociale Zaken, De Rechter,

S. DE BRUYCKER J. VERSTRAETEN & J. DE WORTELAER A. SCHOENMAEKERS

Mots libres

  • SOCIALE VERKIEZINGEN TECHNISCHE BEDRIJFSEENHEID