Hof van Cassatie - Arrest van 14 oktober 2003 (België)

Publicatie datum :
14-10-2003
Taal :
Frans Nederlands
Grootte :
1 pagina
Sectie :
Rechtspraak
Bron :
Justel 20031014-15
Rolnummer :
P030518N

Samenvatting

De heler van een gestolen voorwerp kan tot de algehele vergoeding van de schade geleden door de eigenaar van dat voorwerp worden veroordeeld wanneer de heling en de diefstal ten aanzien van de benadeelde een gemeenschappelijke fout opleveren die tot de schade aanleiding heeft gegeven (1). (1) Zie Cass., 18 nov. 1987, AR 5932, nr 165; 20 nov. 1991, AR 9101, nr 148 en 13 jan. 1999, AR P.98.0732.F, nr 17.

Arrest

Nr. P.03.0518.N
I.
D. K. A.,
eiser, beklaagde.
II.
S. A., eiser, beklaagde,
vertegenwoordigd door Mr. Willy van Eeckhoutte, advocaat bij het Hof van Cassatie,
tegen
1. DBV WINTERTHUR KEULEN, met zetel te Keulen (Duitsland), Konrad Adenauerstrasse 13,
2. L. A.,
3. SYDOBON, naamloze vennootschap, met zetel te Eke-Nazareth, Begoniastraat 17b1,
4. LE POULET d'ARDENNE, naamloze vennootschap, met zetel te Bastenaken, Zone Industrielle,
5. AGF BELGIUM INSURANCE, naamloze vennootschap, met zetel te Brussel, Lakensestraat 35,
6. AXA ROYALE BELGE, naamloze vennootschap, met zetel te Brussel, Vorstlaan 25,
verweerders, burgerlijke partijen.
I. Bestreden beslissing
De cassatieberoepen zijn gericht tegen het arrest, op 18 februari 2003 gewezen door het Hof van Beroep te Gent, correctionele kamer.
II. Rechtspleging voor het Hof
Raadsheer Paul Maffei heeft verslag uitgebracht.
Advocaat-generaal Marc De Swaef heeft geconcludeerd.
III. Cassatiemiddelen
De eisers stellen in een memorie een middel voor. Die memorie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
IV. Beslissing van het Hof
A. Afstand
Overwegende dat Mr. Willy van Eeckhoutte, advocaat bij het Hof van Cassatie, namens de eisers zonder berusting afstand van het cassatieberoep doet in zoverre het bestreden arrest uitspraak doet over de door A. L., de naamloze vennootschap Sydobon en de naamloze vennootschap Axa Royale Belge tegen de eisers ingestelde burgerlijke rechtsvorderingen;
Overwegende evenwel dat het arrest oordeelt dat "de respectieve beklaagden als helers samen met de dieven ten aanzien van de respectieve burgerlijke partijen één gemeenschappelijke fout hebben gepleegd die tot de schade heeft aanleiding gegeven"; dat het arrest hierdoor zonder onderscheid tussen de verschillende burgerlijke rechtsvorderingen en zodus ook ten aanzien van de vermelde verweerders uitspraak doet over het beginsel van aansprakelijkheid; dat daartegen onmiddellijk cassatieberoep openstaat;
Dat er derhalve in zoverre geen grond bestaat voor het verlenen van de gedane afstand;
Overwegende dat voor het overige akte van de afstand kan worden verleend;
B. Onderzoek van het middel
1. Eerste onderdeel
Overwegende dat wanneer de rechter, na zijn beslissing met redenen te hebben omkleed, enkel melding maakt van de rechtspraak van het Hof, hij geen uitspraak doet krachtens die rechtspraak en hij daaraan het kenmerk niet verleent van een als regel geldende beschikking;
Dat het onderdeel faalt naar recht;
2. Tweede onderdeel
Overwegende dat de heler van een gestolen voorwerp tot de algehele vergoeding van de schade geleden door de eigenaar van dat voorwerp kan veroordeeld worden, wanneer de heling en de diefstal ten aanzien van de benadeelden een gemeenschappelijke fout opleveren die tot die schade aanleiding gegeven heeft;
Dat het onderdeel, dat aanvoert dat de dader slechts tot schadevergoeding gehouden is indien hij vervolgd wordt wegens de diefstal die de heling voorafging, faalt naar recht;
C. Ambtshalve onderzoek van de beslissing op de strafvordering
Overwegende dat de substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen in acht zijn genomen en de beslissingen overeenkomstig de wet zijn gewezen;
OM DIE REDENEN,
HET HOF,
Verleent akte van de afstand zoals hierboven bepaald;
Verwerpt de cassatieberoepen;
Veroordeelt de eisers in de kosten.
Gezegde kosten begroot in het geheel op de som van tweehonderd vierentwintig euro tweeënnegentig cent, waarvan 1. op het cassatieberoep van A. D. K.: honderd en twaalf euro zesenveertig cent verschuldigd en 2. op het cassatieberoep van A. S.: honderd en twaalf euro zesenveertig cent verschuldigd.
Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, tweede kamer, te Brussel, door Edward Forrier, afdelingsvoorzitter, en de raadsheren Ghislain Dhaeyer, Jean-Pierre Frère, Paul Maffei, Luc Van hoogenbemt, en uitgesproken in openbare terechtzitting van veertien oktober tweeduizend en drie, door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal Marc De Swaef, met bijstand van griffier Frank Adriaensen.