Hof van Cassatie - Arrest van 16 juni 2010 (België)

Publicatie datum :
16-06-2010
Taal :
Frans - Nederlands
Grootte :
2 pagina's
Sectie :
Rechtspraak
Bron :
Justel 20100616-2
Rolnummer :
P.10.0612.F

Samenvatting

Geen enkele wetsbepaling schrijft de vertaling voor van de arresten op de rechtszitting, ten behoeve van de beklaagden die de taal van de rechtspleging niet machtig zijn; het algemene beginsel van de eerbiediging van het recht van verdediging en artikel 6.3.e E.V.R.M. hebben betrekking op het debat voor het rechtscollege en niet op de uitspraak van de beslissing zelf (1). (1) Zie Cass., 8 juli 1997, AR P.97.0749.N, A.C., 1997, nr. ...

Arrest

Nr. P.10.0612.F

D. G. C.,

Mr. Didier Cremer, advocaat bij de balie te Eupen.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep, dat in de Duitse taal is gesteld, is gericht tegen het arrest, dat in diezelfde taal is gewezen door de correctionele kamer van het hof van beroep te Luik, op 4 maart 2010.

Bij beschikking van 12 april 2010 heeft de Eerste Voorzitter van het Hof beslist dat de rechtspleging vanaf de terechtzitting in de Franse taal zal worden gevoerd.

De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, drie middelen aan.

Raadsheer Gustave Steffens heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Loop heeft geconcludeerd.

II. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

A. In zoverre het cassatieberoep gericht is tegen de veroordelende beslissing op de tegen de eiser ingestelde strafvordering

Eerste middel

De eiser verwijt de voorzitter van de kamer waarvoor hij is verschenen dat die het arrest zo snel heeft uitgesproken dat de tolk die hem bijstond, de beslissing, naarmate zij werd voorgelezen, niet begrijpelijk kon vertalen.

Geen enkele wettelijke bepaling schrijft de vertaling voor van de arresten op de rechtszitting ten behoeve van de beklaagden die de taal van de rechtspleging niet machtig zijn. Het algemene beginsel van de eerbiediging van het recht van verdediging en artikel 6.3.e, van het Verdrag tot bescherming van de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden hebben betrekking op het debat voor het rechtscollege en niet op de uitspraak van de beslissing zelf.

De onbekwaamheid of het ontbreken van een tolk bij de uitspraak kunnen de wettigheid van de beslissing niet aantasten en kunnen, in voorkomend geval, alleen invloed hebben op het gebruik van de rechtsmiddelen.

Het middel faalt naar recht.

Tweede middel

De eiser voert aan dat het hof van beroep partijdig was doordat het hem de vertaling ontzegde van het arrest op het ogenblik dat het in zijn aanwezigheid werd uitgesproken.

Het tweede middel, dat volledig is afgeleid uit het eerste middel dat om de hierboven uiteengezette redenen is afgewezen, kan niet worden aangenomen.

Derde middel

De eiser voert aan dat het ontbreken van de vertaling van het arrest op het ogenblik van de uitspraak, tot gevolg heeft gehad dat zijn termijn om te beslissen of hij cassatieberoep zou instellen, werd ingeperkt.

De aangevoerde grief heeft de eiser nochtans niet belet de zaak bij het Hof aanhangig te maken en zijn middelen binnen de wettelijke termijnen te formuleren.

Het middel is niet ontvankelijk bij gebrek aan belang.

Ambtshalve onderzoek van de beslissing op de strafvordering

De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen.

B. In zoverre het cassatieberoep gericht is tegen het bevel tot onmiddellijke aanhouding.

Door de verwerping van het cassatieberoep tegen de veroordelende beslissing, heeft die kracht van gewijsde.

Het cassatieberoep tegen het bevel tot onmiddellijke aanhouding heeft geen bestaansreden meer.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt het cassatieberoep.

Veroordeelt de eiser in de kosten.

Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, tweede kamer, te Brussel, door afdelingsvoorzitter Jean de Codt, de raadsheren Benoît Dejemeppe, Pierre Cornelis, Alain Simon en Gustave Steffens, en in openbare terechtzitting van 16 juni 2010 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Jean de Codt, in aanwezigheid van advocaat-generaal Raymond Loop, met bijstand van griffier Fabienne Gobert.

Vertaling opgemaakt onder toezicht van afdelingsvoorzitter Etienne Goethals en overgeschreven met assistentie van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky.

De afgevaardigd griffier, De afdelingsvoorzitter,