Hof van Cassatie - Arrest van 2 juni 2010 (België)

Publicatie datum :
02-06-2010
Taal :
Frans - Nederlands
Grootte :
1 pagina
Sectie :
Rechtspraak
Bron :
Justel 20100602-5
Rolnummer :
P.10.0150.F

Samenvatting

De geldboeten voor de overtredingen van het Strafwetboek kunnen niet samengaan met de specifieke vervangende straf van de vervanging, door de vervallenverklaring van het recht tot sturen, van de onbetaalde geldboete, wat een vervangende straf is die artikel 69bis van de Wegverkeerswet oplegt voor de overtredingen op die wet en op de uitvoeringsbesluiten ervan.

Arrest

Nr. P.10.0150.F

C. F.,

tegen

1. V. B.

2. DKV BELGIUM N.V.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de correctionele rechtbank te Verviers van 26 november 2009.

Raadsheer Gustave Steffens heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal met opdracht Philippe de Koster heeft geconcludeerd.

II. BESLISSING VAN HET GOF

Beoordeling

A. Het cassatieberoep van de eiser, beklaagde

1. In zoverre het cassatieberoep gericht is tegen de veroordelende beslissing op de tegen hem ingestelde strafvordering

Het ambtshalve middel dat de schending aanvoert van de artikelen 40 van het Strafwetboek en 69bis van de wet betreffende de politie over het wegverkeer

De vervanging van de onbetaalde geldboete door een rijverbod is een vervangende straf die artikel 69bis van de wet betreffende de politie over het wegverkeer oplegt voor de overtredingen op die wet alsook op de uitvoeringsbesluiten ervan.

Voor de geldboeten wegens de overtredingen van het strafwetboek kan die specifieke vervangende straf niet worden uitgesproken.

Bijgevolg schendt het vonnis de in het middel bedoelde wettelijke bepalingen, wanneer het de eiser tot een geldboete van vijftig euro, met gedeeltelijk uitstel, veroordeelt, wegens overtreding van de artikelen 418 en 420 van dat wetboek (telastlegging G) of, in het geval van niet-tenuitvoerlegging van de geldboete, hem veroordeelt tot een vervangende vervallenverklaring van het recht tot sturen gedurende vijftien dagen.

Voor het overige zijn de substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen in acht genomen en is de beslissing overeenkomstig de wet gewezen.

(...)

Dictum

Het Hof,

Vernietigt het bestreden vonnis in zoverre het de eiser veroordeelt tot een vervangend rijverbod.

Verwerpt het cassatieberoep voor het overige.

Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde vonnis.

Veroordeelt de eiser in drie vierde van de kosten van zijn cassatieberoep en laat het overige vierde ten laste van de Staat.

Verwijst de aldus beperkte zaak naar de correctionele rechtbank te Luik, zitting houdende in hoger beroep.

Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, tweede kamer, te Brussel, door afdelingsvoorzitter Jean de Codt, afdelingsvoorzitter Paul Mathieu, de raadsheren Benoît Dejemeppe, Pierre Cornelis en Gustave Steffens, en in openbare terechtzitting van 2 juni 2010 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Jean de Codt, in aanwezigheid van advocaat-generaal met opdracht Philippe de Koster, met bijstand van griffier Fabienne Gobert.

Vertaling opgemaakt onder toezicht van afdelingsvoorzitter Etienne Goethals en overgeschreven met assistentie van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky.

De afgevaardigd griffier, De afdelingsvoorzitter,