Hof van Cassatie - Arrest van 24 maart 2010 (België)

Publicatie datum :
24-03-2010
Taal :
Frans - Nederlands
Grootte :
1 pagina
Sectie :
Rechtspraak
Bron :
Justel 20100324-5
Rolnummer :
P.09.1794.F

Samenvatting

Een onderzoeksgerecht miskent het recht van verdediging wanneer het iemand naar de rechtbank verwijst die noch door de onderzoeksmagistraat, noch door de verbalisanten, noch door het onderzoeksgerecht zelf werd gehoord.

Arrest

Nr. P.09.1794.F

1. S. L.,

2. V. C. C.,

Mr. Muriel Ponthière, advocaat bij de balie te Luik,

tegen

G. J.-P.,

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

De cassatieberoepen zijn gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Luik, correctionele kamer, van 9 november 2009.

De eisers voeren in een memorie die aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan.

Afdelingsvoorzitter Jean de Codt heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Damien Vandermeersch heeft geconcludeerd.

II. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

A. In zoverre de cassatieberoepen gericht zijn tegen de beslissingen op de strafvordering

Eerste middel

Een onderzoeksgerecht miskent het recht van verdediging wanneer het iemand naar de rechtbank verwijst die noch door de onderzoeksmagistraat, noch door de verbalisanten, noch door het onderzoeksgerecht zelf werd gehoord.

De eisers werden bij een arrest van 23 maart 2005 van het hof van beroep te Luik, kamer van inbeschuldigingstelling, naar het vonnisgerecht verwezen. Op de rechtszitting van 21 maart 2005 van de voormelde kamer werden de eisers vertegenwoordigd door hun raadsman, werd de raadsman gehoord en heeft hij voor hen een conclusie neergelegd.

Aangezien op het ogenblik van de regeling van de rechtspleging aan het vereiste van tegenspraak was voldaan, is het feit dat de eisers noch door de onderzoeksrechter noch door de speurders werden gehoord, of door hen slechts op onvoldoende wijze werden gehoord, op zich onvoldoende om een eerlijke behandeling van de zaak voor de feitenrechter onmogelijk te maken.

Het arrest beslist bijgevolg naar recht dat het aangeklaagde verzuim, in de veronderstelling dat het bewezen is, niet tot de niet-ontvankelijkheid van de vervolging leidt.

Het middel kan niet worden aangenomen.

(...)

Dictum

Het Hof,

Verwerpt de cassatieberoepen.

Veroordeelt de eisers in de kosten van hun cassatieberoep.

Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, tweede kamer, te Brussel, door afdelingsvoorzitter Jean de Codt, de raadsheren Benoît Dejemeppe, Martine Regout, Pierre Cornelis en Gustave Steffens, en in openbare terechtzitting van 24 maart 2010 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Jean de Codt, in aanwezigheid van advocaat-generaal Raymond Loop, met bijstand van griffier Tatiana Fenaux.

Vertaling opgemaakt onder toezicht van afdelingsvoorzitter Edward Forrier en overgeschreven met assistentie van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky.

De afgevaardigd griffier, De afdelingsvoorzitter,