- Arrest van 7 januari 2011

07/01/2011 - C.08.0345.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
De sanctie van het verval van rechten wegens het niet verrichten, binnen drie maanden na verzending van het bericht door de vereffenaar, van de aangifte bij hem van het bedrag of van de voorlopige raming van hun schuldvordering door de schuldeisers, is verbonden aan het niet-tijdig verrichten van die aangifte, met inachtneming van de voorgeschreven inhoud daarvan, niet aan de wijze waarop zij moet gebeuren.

Arrest - Integrale tekst

Nr. C.08.0345.N

BANQUE SBA, vennootschap naar Frans recht, met zetel te 75008 Parijs (Frankrijk), Champs des Elysées 68,

eiseres,

vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Brederodestraat 13, waar de eiseres woonplaats kiest,

tegen

1. L.K., als vereffenaar van de verkoopopbrengst van het zeeschip MS. Subhan Allah,

verweerder,

vertegenwoordigd door mr. François T'Kint, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 6000 Charleroi, Rue de l'Athenée 9, waar de verweerder woonplaats kiest,

2. S.M.,

3. M.A.,

4. A.K.,

5. M.O.,

6. A.O.

7. O.O.,

8. M.J.,

9. B.V.,

10. M.Z.,

11. M.B.,

12. J.A.,

13. M.G.,

14. M.D.,

15. A.F.,

verweerders,

aan wie rechtsbijstand werd verleend bij beschikking van de eerste voorzitter van 10 oktober 2008 (G.08.0197.N),

vertegenwoordigd door mr. Ludovic De Gryse, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Brederodestraat 13, waar de verweerders woonplaats kiezen,

16. ISLAND OIL Ltd., vennootschap naar Cypriotisch recht, met zetel te Cyprus, 3036 Limassol, 0145/49 Chr. Hadjipavlou Street, second Floor, Christiel Building, PO Box 50663, die voorheen woonplaats heeft gekozen op het kantoor van gerechtsdeurwaarder Philippe Helderweirt, te 9000 Gent, Gerwad 36,

17. MAYPOLE TRADING Ltd., vennootschap naar Cypriotisch recht, met zetel te Cyprus, 1160 Nicosia, Karpenisi Street 30, die voorheen woonplaats heeft gekozen op het kantoor van gerechtsdeurwaarder Yvan Delie, te 9000 Gent, Coupure 158,

18. HAVENBEDRIJF GENT GAB, met zetel te 9042 Gent, John Kennedylaan 32, die woonplaats kiest bij gerechtsdeurwaarder Peter Van De Vijvert, met kantoor te 9000 Gent, Dok Noord 7,

19. OIL CHART INTERNATIONAL nv, met zetel te 2000 Antwerpen, Plantijnkaai 13, die voorheen woonplaats heeft gekozen te 2020 Antwerpen, Jan Van Rijswijcklaan 232,

20. RADIO HOLLAND BELGIUM nv, met zetel te 2140 Antwerpen, Noordersingel 17,

21. A.K.,

22. M.M.,

23. NEWMAN SHIPPING & AGENCY CY nv, met zetel te 2000 Antwerpen, Stijfselrui 44 bus 17, die voorheen woonplaats heeft gekozen op het kantoor van gerechtsdeurwaarder R. Vergauwen, te 9000 Gent, Gerwad 36,

verweerders.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent van 4 juni 2007.

Raadsheer Eric Dirix heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Guy Dubrulle heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDEL

De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Ontvankelijkheid van het cassatieberoep

1. De eerste verweerder werpt de niet-ontvankelijkheid op van het cassatieberoep wegens laattijdigheid: het bestreden arrest van 4 juni 2007 werd bij gerechtsbrief van 12 juni 2007 ter kennis van de eiseres gebracht; het cassatieberoep werd pas ingesteld bij verzoekschrift dat op 30 en 31 juli 2008 aan de verweerders werd betekend en pas op 4 augustus 2008 ter griffie van het Hof werd neergelegd.

2. Uit het dossier van de rechtspleging blijkt geen kennisgeving bij gerechtsbrief. Evenmin bewijst de eerste verweerder de kennisgeving per gerechtsbrief.

Het middel van niet-ontvankelijkheid kan niet worden aangenomen.

Middel

1. Krachtens artikel 1661 Gerechtelijk Wetboek moeten de schuldeisers, binnen drie maanden na verzending van het bericht door de vereffenaar, op straffe van verval van hun rechten op de prijs van de toewijzing, bij aangetekende brief aan de griffie de aangifte doen geworden van het bedrag of van de voorlopige raming van hun schuldvordering.

2. De sanctie van het verval van rechten is verbonden aan het niet-tijdig verrichten van de aangifte met inachtneming van de voorgeschreven inhoud daarvan, niet aan de wijze waarop zij moet gebeuren.

3. De appelrechters oordelen dat het gebruik van een aangetekende brief geen wezenlijk onderdeel is van de vervaltermijn en dat " deze bepaling er alleen toe [strekt] om de schuldeisers (...) een bewijs in handen te geven, dat zij hun vordering binnen de vervaltermijn hebben gesteld" en dat "het bewijs van de datum waarop aangifte op de griffie gebeurt (...) evenzeer [kan] volgen uit de neerlegging op de griffie zelf en de datumafstempeling van de aangifte door de griffie".

4. Het arrest dat op die gronden beslist dat de aangifte van de schuldvorderingen door de schuldeisers op de griffie van de rechtbank van koophandel te Gent tegen datumafstempeling van de aangifte door de griffie, ontvankelijk is, is naar recht verantwoord.

Het middel kan in zoverre niet worden aangenomen.

5. Het middel verwijt het arrest verder dat het toepassing maakt van artikel 867 Gerechtelijk Wetboek door te oordelen dat de verklaring van schuldvordering, hoewel zij niet vervat was in een aangetekende brief, niettemin het doel heeft bereikt dat de wet beoogt, zodat de aangifte niet nietig was.

6. Het arrest wijst de vordering van de eiseres niet enkel af op grond van de voormelde bekritiseerde reden, maar ook op grond van de zelfstandige, hiervoor vergeefs aangevochten reden dat het gebruik van een aangetekende brief geen wezenlijk onderdeel is van de vervaltermijn.

7. Het middel dat opkomt tegen een overtollige reden, kan niet tot cassatie leiden.

Het middel is in zoverre niet ontvankelijk.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt het cassatieberoep.

Veroordeelt de eiseres in de kosten.

Bepaalt de kosten op de som van 2298,35 euro jegens de eisende partij en op de som van 301,82 euro jegens de verwerende partij sub 1 en op de som van 140,79 euro in debet jegens de verwerende partijen sub 2 tot en met sub 15.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, en de raadsheren Eric Dirix, Eric Stassijns, Beatrijs Deconinck en Geert Jocqué, en in openbare rechtszitting van 7 januari 2011 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, en in aanwezigheid van advocaat-generaal Guy Dubrulle, met bijstand van griffier Johan Pafenols.

Vrije woorden

  • Uitvoerend beslag op schip

  • Evenredige verdeling en rangregeling

  • Schuldeiser

  • Aangifte van schuldvordering

  • Termijn

  • Sanctie