- Arrest van 17 maart 2011

17/03/2011 - G.11.0029.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Artikel 665, 2°, Gerechtelijk Wetboek houdt in dat wanneer voor het instellen van een welbepaalde procedure rechtsbijstand is verleend, deze ook de handelingen voor de uitvoering van de in het kader van die procedure tussen te komen beslissing dekt.

Arrest - Integrale tekst

A.R. nr. G.11.0029.N

In zake : Mr. Ulriche DE RESE, advocaat, in haar hoedanigheid van provoogd van de kinderen K. en S. N.,

met als raadsman Mr. Katrien Lievens, advocaat bij de balie te Brugge,

RECHTSPLEGING VOOR HET BUREAU VOOR RECHTSBIJSTAND

Gelet op het verzoekschrift, ter griffie ontvangen op 8 februari 2011;

Het verzoek strekt tot de toekenning van rechtsbijstand daar de verzoekster de kosteloze aflevering wenst te krijgen van een getuigschrift dat geen cassatieberoep is ingesteld tegen het arrest van het hof van beroep te Gent van 3 juni 2010.

Advocaat-generaal André Henkes heeft advies uitgebracht.

Mr Lievens wordt gehoord.

BESLISSING

Beoordeling

1. De verzoekster stelt dat zij overeenkomstig artikel 665, 2°, GerechtelijkWeboek, gerechtigd is op rechtsbijstand daar zij de tenuitvoerlegging beoogt van het voormelde arrest van het hof van beroep te Gent.

2. Artikel 665, 2°, Gerechtelijk Wetboek bepaalt: "Rechtsbijstand kan worden verleend (...) 2° voor handelingen betreffende uitvoering van vonnissen en arresten."

Deze bepaling houdt in dat wanneer voor het instellen van een welbepaalde procedure rechtsbijstand is verleend, deze ook de handelingen voor de uitvoering van de in het kader van die procedure tussen te komen beslissing dekt.

3. Artikel 671, eerste lid, Gerechtelijk Wetboek bepaalt: "Rechtsbijstand wordt alleen verleend voor de proceshandelingen die moeten worden verricht en voor de gewone afschriften van of de uittreksels uit de stukken die moeten worden voorgebracht voor de rechter voor wie het geschil aanhangig is of wordt gemaakt, de betekening van de eindbeslissing daaronder begrepen."

Uit deze bepaling volgt dat rechtsbijstand aan het Bureau van het Hof van Cassatie alleen kan worden gevraagd wanneer het geschil voor het Hof aanhangig is of wordt gemaakt.

4. Dit houdt in dat een getuigschrift dat geen cassatieberoep werd ingesteld, niet aan het Bureau voor rechtsbijstand van het Hof van Cassatie kan worden gevraagd. Dat stuk moet immers worden voorgelegd voor de uitvoering van een beslissing gewezen door de rechter die in laatste aanleg uitspraak heeft gedaan. In dat geval is immers geen geschil voor het Hof aanhangig en kan het voor het Hof ook niet meer aanhangig worden gemaakt. De eventuele rechtsbijstand krachtens dewelke dat stuk kosteloos kan worden afgeleverd, is deze die gebeurlijk is verleend door het gerecht dat de uit te voeren beslissing heeft gewezen.

5. Het verzoek dat geen betrekking heeft op een voor het Hof aanhangige of aanhangig te maken zaak, is niet ontvankelijk.

Dictum

Gelet op de artikelen 664 en volgende Gerechtelijk Wetboek.

Het bureau voor rechtsbijstand,

Verwerpt het verzoek.

Vrije woorden

  • Artikel 665, 2°, Gerechtelijk Wetboek

  • Verlening van rechtsbijstand

  • Betrokken handelingen