- Arrest van 18 maart 2011

18/03/2011 - C.10.0015.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Het nieuwe artikel 1690 Burgerlijk Wetboek is niet alleen van toepassing op de cessie-overeenkomsten die tot stand komen na de inwerkingtreding van deze wetsbepaling maar die bepaling beheerst vanaf haar inwerkingtreding ook de tegenwerpbaarheid van voordien tot stand gekomen overdrachten.

Arrest - Integrale tekst

Nr. C.10.0015.N

C.B.S. IMMO II nv, met zetel te 2018 Antwerpen, Schupstraat 1,

eiseres,

vertegenwoordigd door mr. Michel Mahieu, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1170 Watermaal-Bosvoorde, Vorstlaan 36, waar de eiseres woonplaats kiest,

tegen

1. W. V., die voorheen woonplaats heeft gekozen bij gerechtsdeurwaarder Alain Van der Steichel, voor Willy Mertens, met kantoor te Balansstraat 117, 2018 Antwerpen,

verweerder,

2. E. L., . als erfgename van H. V. D. B.,

verweerster,

3. C. V. D. B., als erfgename van H. V. D. B.,

verweerster,

4. S. V. D. B., . als erfgenaam van H. V. D. B.,

verweerder,

5. BOUWBEDRIJF LUC ILEGEMS nv, met zetel te 2200 Herentals, Atealaan 8,

verweerder,

vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Brederodestraat 13, waar de verweerder woonplaats kiest,

6. G. P.,

verweerder,

7. EUROBETON nv, met zetel te 2240 Zandhoven, Vaartstraat 13,

verweerder.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwerpen van 30 maart 2009.

Raadsheer Eric Dirix heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal met opdracht André Van Ingelgem heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDELEN

De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Eerste middel

Tweede onderdeel

1. De vijfde verweerster werpt op dat het onderdeel niet ontvankelijk is: de beslissing van de appelrechters blijft verantwoord door hun vaststelling dat er geen geldige betekening noch aanvaarding heeft plaatsgevonden.

Gelet op het antwoord op het tweede middel, moet de grond van niet-ontvankelijkheid worden verworpen.

2. Krachtens artikel 25, eerste lid, Wetboek van Koophandel, geldt inzake handelsverbinteinssen, de vrijheid van bewijs.

3. Door te oordelen dat de briefwisseling tussen de verkoper en de koper (de eiseres) geen bewijs oplevert van de overdracht van schuldvordering aangezien de brief van 6 mei 1992 niet als een afzonderlijke akte kan worden beschouwd, schenden zij artikel 25, eerste lid, Wetboek van Koophandel.

Het onderdeel is in zoverre gegrond.

Tweede middel

Eerste onderdeel

4. Krachtens artikel 1690, eerste lid, Burgerlijk Wetboek, kan de overdracht van schuldvordering worden ingeroepen tegen andere derden dan de gecedeerde schuldenaar door het sluiten van de overeenkomst van overdracht.

Krachtens het tweede lid van die wetsbepaling kan de overdracht slechts tegen de gecedeerde schuldenaar worden ingeroepen vanaf het ogenblik dat zij aan de gecedeerde schuldenaar ter kennis werd gebracht of door hem werd erkend.

Deze bepaling is in werking getreden op 25 juli 1994.

5. Krachtens artikel 2 Burgerlijk Wetboek beschikt de wet alleen voor het toekomende, zij heeft geen terugwerkende kracht.

De wet is in beginsel niet alleen van toepassing op toestanden die na haar inwerkingtreding ontstaan, maar ook op de toekomstige gevolgen van onder de vroegere wet ontstane toestanden die zich voordoen of zich voortzetten onder vigeur van de nieuwe wet, voor zover daardoor geen afbreuk wordt gedaan aan reeds onherroepelijk vastgestelde rechten.

Inzake overeenkomsten blijft evenwel de oude wet van toepassing, ook op de toekomstige gevolgen, tenzij de nieuwe wet van openbare orde of van dwingend recht is of uitdrukkelijk de toepassing bepaalt op de lopende overeenkomsten.

De eerbiedigende werking is echter niet van toepassing wanneer het gaat om de toepassing van regels die de tegenwerpbaarheid aan derden betreffen.

Hieruit volgt dat het nieuwe artikel 1690 Burgerlijk Wetboek niet alleen van toepassing is op de cessie-overeenkomsten die tot stand komen na de inwerkingtreding van deze wetsbepaling maar dat die bepaling vanaf haar inwerkingtreding ook de tegenwerpbaarheid beheerst van voordien tot stand gekomen overdrachten.

6. De appelrechters die de tegenwerpbaarheid van de beweerde overdracht van schuldvordering van 6 mei 1992, die na de inwerkingtreding van de nieuwe wet ter kennis werd gebracht van de gecedeerde schuldenaar, beoordelen op grond van het oude artikel 1690 Burgerlijk Wetboek, schenden de in het onderdeel aangewezen wetsbepalingen.

Het onderdeel is gegrond.

Dictum

Het Hof,

Vernietigt het bestreden arrest.

Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde arrest.

Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent aan de feitenrechter over.

Verwijst zaak naar het hof van beroep te Brussel.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, afdelingsvoorzitter Robert Boes, en de raadsheren Eric Dirix, Eric Stassijns en Alain Smetryns, en in openbare rechtszitting van 18 maart 2011 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal met opdracht André Van Ingelgem, met bijstand van griffier Philippe Van Geem.

Vrije woorden

  • Overdracht van schuldvordering

  • Werking in de tijd

  • Toepassing