- Arrest van 19 april 2011

19/04/2011 - P.10.1857.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Artikel 33 Wegverkeerswet vereist niet dat de vlucht een aanvang neemt op de plaats waar het ongeval dat aanleiding tot controle gaf, is gebeurd; de vlucht kan aanvangen op de plaats waar de bevoegde agenten de betrokkene kunnen aantreffen om tot de dienstige vaststellingen op zijn persoon over te gaan (1). (1) Cass., 2 maart 1993, AR nr. 6665, A.C., 1993, nr. 124.

Arrest - Integrale tekst

Nr. P.10.1857.N

G V,

beklaagde,

eiser,

met als raadsman mr. Pierre Monville, advocaat bij de balie te Brussel, met kantoor te 1170 Brussel, Terhulpsesteenweg 177/6, waar de eiser woonplaats kiest.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de correctionele rechtbank te Brussel van 28 oktober 2010.

De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan.

Raadsheer Luc Van hoogenbemt heeft verslag uitgebracht.

Eerste advocaat-generaal Marc De Swaef heeft geconcludeerd.

II. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Middel

1. Het middel voert schending aan van de artikelen 33, § 1.10 (lees: § 1.1), en 38, § 1.5, Wegverkeerswet: de eiser heeft gewacht tot het moment dat de politie is toegekomen op de plaats van het ongeval, heeft zich kenbaar gemaakt als de chauffeur van het betrokken voertuig en werd vervolgens overgebracht naar het ziekenhuis dat hij verlaten heeft nadat bleek dat hij niet gewond was; de appelrechters stellen niet vast dat de eiser zou gehandeld hebben met de bedoeling zich te onttrekken aan de dienstige vaststellingen, wat één van de constitutieve bestanddelen van vluchtmisdrijf is.

2. Vluchtmisdrijf bestaat vanaf het ogenblik dat de bestuurder van een voertuig weet dat dit voertuig oorzaak van dan wel aanleiding tot een verkeersongeval is geweest en de vlucht neemt om zich aan de dienstige vaststellingen te ontrekken.

Artikel 33 Wegverkeerswet vereist niet dat de vlucht een aanvang neemt op de plaats waar het ongeval dat aanleiding tot de controle gaf, is gebeurd. De vlucht kan aanvangen op de plaats waar de bevoegde agenten de betrokkene kunnen aantreffen om tot de dienstige vaststellingen op zijn persoon over te gaan.

3. Het bestreden vonnis oordeelt "dat de bestuurder die in een ongeval betrokken is en die naar het ziekenhuis wordt overgebracht nadat hem door de opstellers werd medegedeeld dat zij het onderzoek zouden komen verder zetten in het ziekenhuis en die dit ziekenhuis verlaat alvorens de dienstige vaststellingen konden uitgevoerd (worden)", vluchtmisdrijf pleegt.

Aldus stellen de appelrechters vast dat de eiser zich heeft willen onttrekken aan de dienstige vaststellingen en verantwoorden zij hun beslissingen naar recht.

Het middel kan niet worden aangenomen.

Ambtshalve onderzoek van de beslissing op de strafvordering

4. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt het cassatieberoep.

Veroordeelt de eiser in de kosten.

Bepaalt de kosten op 60,26 euro.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Etienne Goethals, als voorzitter, en de raadsheren Paul Maffei, Luc Van hoogenbemt, Koen Mestdagh en Alain Bloch, en op de openbare rechtszitting van 19 april 2011 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Etienne Goethals, in aanwezigheid van eerste advocaat-generaal Marc De Swaef, met bijstand van griffier Frank Adriaensen.

Vrije woorden

  • Vluchtmisdrijf

  • Aanvang