- Arrest van 26 mei 2011

26/05/2011 - C.10.0407.F

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Het arrest is verantwoord naar recht wanneer het dezelfde identiteitsgegevens bevat als die waaronder een door fusie overgenomen vennootschap is verschenen (1). (1) Zie de conclusie van het openbaar ministerie in Pas., nr. ...

Arrest - Integrale tekst

Nr. C.10.0407.F

A. T.,

Mr. Simone Nudelholc, advocaat bij het Hof van Cassatie,

tegen

AXA BELGIUM nv,

Mr. Paul Wouters, advocaat bij het Hof van Cassatie.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest op 8 februari 2010 gewezen door het hof van beroep te Bergen.

Raadsheer Christine Matray heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal André Henkes heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDELEN

De eiser voert drie middelen aan:

Eerste middel

Geschonden wettelijke bepalingen

- de artikelen 7 en 8 van het Burgerlijk Wetboek;

- de artikelen 17, 440, 703, 741 tot 744, 780, meer bepaald eerste lid, 2°, en 815 tot 819 van het Gerechtelijk Wetboek;

- de artikelen 2, meer bepaald §2 en §4, 3, 74 tot 76, 671, 682, 683 en 702 van het Wetboek van Vennootschappen.

Aangevochten beslissingen

Het arrest verklaart het hoger beroep van de door de verweerster overgenomen naamloze vennootschap Winterthur-Europe Assurances gegrond, vernietigt het beroepen vonnis en beslist, hervorment, dat de voornoemde vennootschap "terecht de nietigheid aanvoert van de verzekeringsovereenkomst" die zij met G.A. had gesloten en waarin zij optrad voor rekening van de eiser, eigenaar van het verzekerde voertuig, wijst de oorspronkelijke hoofdvordering van de eiser af die op die overeenkomst gegrond was en waarbij hij de veroordeling vorderde van de verzekeraar tot het betalen van een hoofdsom van 14.045,78 euro, beslist bovendien dat er geen grond is om uitspraak te doen of de uitspraak aan te houden over de nieuwe vordering waarbij de eiser oorspronkelijk de veroordeling van de voornoemde vennootschap eiste tot het betalen van 2.000 euro schadevergoeding en veroordeelt de eiser in de kosten van beide instanties.

Het arrest grondt zijn beslissing onder meer op de vaststelling dat de naamloze vennootschap Winterthur-Europe Assurances door een advocaat vertegenwoordigd was op de zitting van 30 november 2009 toen de behandeling van de zaak ab initio werd hervat over alle niet definitief beslechte punten.

Grieven

Eerste onderdeel

Artikel 780, eerste lid, 2°, van het Gerechtelijk Wetboek bepaalt dat het vonnis of het arrest, op straffe van nietigheid "de naam, de voornaam en de woonplaats die de partijen bij hun verschijning en hun conclusies hebben opgegeven" moet bevatten.

Krachtens artikel 703, tweede lid, van hetzelfde wetboek, volstaat het dat de rechtspersonen, "om van hun identiteit te doen blijken in de dagvaarding en in elke akte van rechtspleging hun benaming, hun rechtskarakter en hun maatschappelijke zetel opgeven".

Het arrest wijst te dezen "de naamloze vennootschap Winterthur-Europe Assurances met maatschappelijke zetel te Brussel, Kunstlaan, 56" aan als appellant.

De naamloze vennootschap Winterthur-Europe Assurances was het voorwerp van een akte van fusie door overneming, door de overdracht van alle activa en passiva, zowel de rechten als de verplichtingen, van de overgenomen vennootschap aan de overnemende vennootschap. De akte van fusie door overneming werd gepubliceerd in de Bijlagen van het Belgisch Staatsblad van 7 februari 2008. Zij was onderworpen aan de opschortende voorwaarde van het akkoord van de Commissie voor het Bank-, Financie- en Assurantiewezen. Dat akkoord werd gegeven bij beslissing van 22 januari 2008, gepubliceerd in de Bijlagen van het Belgisch Staatsblad van 1 februari 2008. Het definitieve karakter van de fusie werd vastgesteld in een akte van 7 februari 2008 die gepubliceerd werd in de Bijlagen van het Belgisch Staatsblad van 6 maart 2008.

De fusie door overneming resulteert van rechtswege in de verdwijning van de overgenomen vennootschap en in de overdracht van alle activa en passiva aan de overnemende vennootschap, ongeacht of die actueel, voorwaardelijk of zelfs gebeurlijk zijn. Krachtens de artikelen 683 en 702 van het Wetboek van Vennootschappen kunnen de gevolgen van de fusie aan derden worden tegengeworpen zodra de door de wet bepaalde formaliteiten van bekendmaking zijn vervuld, te weten de neerlegging ervan op de griffie van de rechtbank van koophandel en de bekendmaking van de uittreksels van de akten die de beslissing tot de fusie vaststellen.

Hieruit volgt dat de hangende procedures slechts kunnen worden voortgezet door en jegens de overnemende vennootschap die echter niet verplicht is om het geding te hervatten.

De verweerster is in casu dus van rechtswege uiterlijk op 6 maart 2008 in de plaats gekomen van de naamloze vennootschap Winterthur-Europe Assistance, de oorspronkelijke appellant.

Daar het arrest niet de verweerster maar de naamloze vennootschap Winterthur-Europe Assurances aanwijst als appellant, gaat het voorbij aan de verplichting die de voornoemde artikelen 703, meer bepaald tweede lid, en 780, meer bepaald eerste lid, 2°, van het Gerechtelijk Wetboek opleggen om de naam en de zetel van de vennootschap, appellante, te vermelden (schending van de voornoemde artikelen van het Gerechtelijk Wetboek en, voor zover als nodig, van alle wettelijke bepalingen waaraan het middel vooraan refereert).

Tweede onderdeel

Het arrest weert de conclusie die in september 2008 is neergelegd in naam van de naamloze vennootschap Winterthur-Europe Assurances niet uit het debat, stemt ermee in dat een advocaat die partij op de zitting van 30 november 2009 zal vertegenwoordigen en doet uitspraak jegens diezelfde vennootschap die als appellant vermeld staat, hoewel zij uiterlijk op 6 maart 2008 opgehouden had te bestaan. Aldus miskent het arrest het beginsel volgens hetwelk uitsluitend een bestaande natuurlijke persoon of rechtspersoon in rechte kan optreden (beginsel dat is afgeleid uit de artikelen 7 en 8 van het Burgerlijk Wetboek, 17, 815 tot 819 van het Gerechtelijk Wetboek, 2, meer bepaald §2 en §4, en 3 van het Wetboek van Vennootschappen), alsook het beginsel volgens hetwelk slechts één partij conclusies kan neerleggen (schending van de artikelen 703 en 741 tot 744 van het Gerechtelijk Wetboek) en zich door een advocaat op de zitting kan laten vertegenwoordigen (schending van artikel 440 van het Gerechtelijk Wetboek).

Het arrest miskent bovendien het beginsel volgens hetwelk het recht om in rechte op te treden toegekend wordt aan de rechtspersoonlijkheid en met die rechtspersoonlijkheid vervalt (artikel 17 van het Gerechtelijk Wetboek, 2, meer bepaald §2 en §4, en 3 van het Wetboek van Vennootschappen), de regel volgens welke de fusie door overneming van een vennootschap de verdwijning van de rechtspersoonlijkheid tot gevolg heeft van de overgenomen vennootschap (schending van de artikelen 671 en 682 van het Wetboek van Vennootschappen) en de regel volgens welke de verdwijning van de rechtspersoonlijkheid van de overgenomen vennootschap kan worden tegengeworpen aan derden zodra de door de wet bepaalde van bekendmaking heeft plaatsgevonden (schending van de artikelen 74 tot 76, 683 en 702 van het Wetboek van Vennootschappen).

(...)

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Eerste middel

Eerste onderdeel

Luidens artikel 780, eerste lid, 2°, van het Gerechtelijk Wetboek bevat het vonnis, op straffe van nietigheid, behalve de gronden en het beschikkende gedeelte, de naam, de voornaam en de woonplaats die de partijen bij hun verschijning en hun conclusies hebben opgegeven.

Artikel 703, tweede lid, van hetzelfde wetboek bepaalt dat om van hun identiteit te doen blijken in de dagvaarding en in elke akte van rechtspleging het voldoende is hun benaming, hun rechtskarakter en hun maatschappelijke zetel op te geven.

De verweerster heeft zich in haar laatste conclusie op 17 september 2008 neergelegd op de griffie van het hof van beroep geïdentificeerd als de naamloze vennootschap Winterthur-Europe Assurances, met maatschappelijke zetel te Brussel, Kunstlaan 56.

Het bestreden arrest dat dezelfde identiteitsgegevens bevat als die waarmee de partij verschenen is, schendt de voornoemde wettelijke bepalingen niet.

Dit onderdeel kan niet worden aangenomen.

Tweede onderdeel

Luidens artikel 815 van het Gerechtelijk Wetboek blijven in de zaken waarin de debatten nog niet gesloten verklaard zijn, het overlijden van een partij, haar verandering van staat of de wijziging van de hoedanigheid waarin zij is opgetreden, zonder gevolg zolang daarvan geen kennis is gegeven.

De fusie van twee vennootschappen door overneming van één van hen heeft geen weerslag op het verloop van het geding waarin de overgenomen vennootschap partij is.

Het onderdeel dat uitgaat van het tegendeel faalt naar recht.

(...)

Dictum

Het Hof,

Vernietigt het bestreden arrest, behalve in zoverre het zegt dat er over de nieuwe vordering van de eiser die bij het arrest van 11 september 2006 ontvankelijk verklaard is geen uitspraak dient te worden gedaan en dat de uitspraak hierover envenmin dient te worden aangehouden.

Verwerpt de voorziening voor het overige.

Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde arrest.

Veroordeelt de eiser tot de helft van de kosten; houdt de andere helft hiervan aan en laat de beslissing daaromtrent aan de feitenrechter over.

Verwijst de aldus beperkte zaak naar het hof van beroep te Luik.

Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, eerste kamer, te Brussel, door voorzitter Christian Storck, de raadsheren Christine Matray, Martine Regout, Alain Simon en Mireille Delange, en in openbare terechtzitting van 26 mei 2011 uitgesproken door voorzitter Christian Storck, in aanwezigheid van advocaat-generaal André Henkes, met bijstand van griffier Patricia De Wadripont.

Vertaling opgemaakt onder toezicht van raadsheer Eric Dirix en overgeschreven met assistentie van griffier Johan Pafenols.

De griffier, De raadsheer,

Vrije woorden

  • Door fusie overgenomen vennootschap

  • Arrest

  • Opgave van de identiteit