- Arrest van 10 juni 2011

10/06/2011 - C.10.0324.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Wanneer het bestreden vonnis niet vaststelt en uit geen enkel stuk waarop het Hof vermag acht te slaan blijkt dat het beraad zou zijn beëindigd alvorens de benoeming tot een ander ambt van een tot dat rechtscollege behorende magistraat in werking trad, maakt het niet mogelijk de regelmatige samenstelling te toetsen van de zetel die over de zaak beraadslaagd heeft en schendt het derhalve artikel 149 Grondwet (1). (1) Cass. 15 feb. 2007, AR C.06.0020.F, AC, 2007 , nr. 93.

Arrest - Integrale tekst

Nr. C.10.0324.N

1. J. B. en,

2. R. P.,

eisers,

vertegenwoordigd door mr. Paul Wouters, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1050 Brussel, Vilain XIIII-straat 17, waar de eisers woonplaats kiezen,

tegen

1. J. V. D. B.,

2. Giovanni VEKEMANS, advocaat, met kantoor te 2275 Lille, Rechtestraat 4/1, in zijn hoedanigheid van voorlopig bewindvoerder over C. V. D. B.,

verweerders.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de rechtbank van eerste aanleg te Turnhout van 14 september 2009.

Raadsheer Beatrijs Deconinck heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal met opdracht André Van Ingelgem heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDEL

De eisers voeren in hun verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Eerste onderdeel

1. Uit de stukken waarop het Hof vermag acht te slaan, blijkt dat:

- de zaak waarover het bestreden vonnis uitspraak doet, op 15 juni 2009 in beraad is genomen, nadat zij werd gehoord door een kamer van de rechtbank van eerste aanleg waartoe K. P. behoorde;

- deze rechter in de rechtbank van eerste aanleg bij koninklijk besluit van 11 juni 2009, in werking tredende op de datum van de eedaflegging die niet mag gebeuren voor 1 september 2009, benoemd werd tot vrederechter van het kanton Turnhout en op 2 september 2009 de eed heeft afgelegd;

- het bestreden vonnis van 14 september 2009 de vermelding bevat ondertekend door de griffier dat K. P., "voormalig rechter in deze rechtbank, wegens wettig belet in de onmogelijkheid verkeert om bovenstaand vonnis te ondertekenen".

2. Het bestreden vonnis stelt niet vast, en uit geen enkel stuk waarop het Hof vermag acht te slaan blijkt dat het beraad zou zijn beëindigd alvorens de benoeming als vrederechter van K. P. in werking trad.

3. Het bestreden vonnis maakt het niet mogelijk de regelmatige samenstelling te toetsen van de zetel die over de zaak heeft beraadslaagd en schendt derhalve artikel 149 Grondwet.

Het onderdeel is gegrond.

Dictum

Het Hof,

eenparig beslissend,

Vernietigt het bestreden arrest.

Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde arrest.

Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent aan de feitenrechter over.

Verwijst de zaak naar de rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Robert Boes, als voorzitter, en de raadsheren Beatrijs Deconinck en Alain Smetryns, en in openbare rechtszitting van 10 juni 2011 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Robert Boes, in aanwezigheid van advocaat-generaal met opdracht André Van Ingelgem, met bijstand van griffier-hoofd van dienst Karin Merckx.

Vrije woorden

  • Regelmatige samenstelling van de zetel

  • Beraadslaging

  • Benoeming van een lid van de zetel tot een ander ambt

  • Motiveringsplicht

  • Controle van de wettelijkheid