- Arrest van 14 september 2011

14/09/2011 - P.11.0541.F

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
De straf bestaande uit een gevangenisstraf en een geldboete of één van die straffen alleen, is strenger dan de straf die beperkt blijft tot een geldboete, ongeacht het bedrag ervan (1). (1) Zie Cass. 29 okt. 2008, AR P.08.0920.F, AC, 2008, nr. 592.

Arrest - Integrale tekst

Nr. P.11.0541.F

N. B.,

Mr. Charles-Olivier Ravache, advocaat bij de balie te Luik.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de correctionele rechtbank te Luik, van 28 februari 2011.

De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan.

Afdelingsvoorzitter ridder Jean de Codt heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Damien Vandermeersch heeft geconcludeerd.

II. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

(...)

Ambtshalve middel: schending van artikel 65 van het Strafwetboek.

Het vonnis verklaart de volgende telastleggingen bewezen : het besturen van een niet-verzekerd en niet-ingeschreven voertuig, zonder houder te zijn van een rijbewijs.

Het vonnis legt de eiser een geldboete op van tweehonderd euro, waarvan honderdvijftig euro met uitstel, alsook een vervangende straf van vervallenverklaring van het recht tot sturen gedurende dertig dagen, zonder uitstel.

Artikel 22, § 1, van de wet van 21 november 1989 betreffende de verplichte aansprakelijkheidsverzekering inzake motorrijtuigen straft het gebrek aan verzekering met een gevangenisstraf van acht dagen tot zes maanden en met een geldboete van honderd euro tot duizend euro, of met één van die straffen alleen. Krachtens artikel 24 van de voormelde wet kan de rechter daarnaast een vervallenverklaring uitspreken van het recht om een motorrijtuig te besturen.

Artikel 30, § 1, 1°, Wegverkeerswet straft het gebrek aan rijbewijs met een geldboete van tweehonderd tot tweeduizend euro. Artikel 38, § 1, 5°, van die wet maakt het de rechter mogelijk om daarnaast een verval van het recht tot sturen uit te spreken.

Overeenkomstig artikel 29, § 2, eerste lid, Wegverkeerswet, wordt het gebrek aan inschrijving gestraft met een geldboete van tien euro tot tweehonderdvijftig euro.

De straf, bestaande uit een gevangenisstraf en een geldboete of één van die straffen alleen, is strenger dan de straf die beperkt blijft tot een geldboete, hoe hoog het bedrag ervan ook moge zijn.

De zwaarste straf is bijgevolg de straf die op het gebrek aan verzekering van toepassing is.

De geldboete die met toepassing van de wet van 21 november 1989 is opgelegd, kan niet gepaard gaan met een vervangende vervallenverklaring van het recht tot sturen. Artikel 69bis Wegverkeerswet wijkt immers alleen af van artikel 40 Strafwetboek, wat de overtredingen op de voormelde wet en op de uitvoeringsbesluiten daarvan betreft.

De appelrechters beslissen bijgevolg niet naar recht wanneer zij de geldboete die de eiser is opgelegd doen gepaard gaan met een vervangende vervallenverklaring van het recht tot sturen.

Ambtshalve onderzoek van de beslissing over de strafvordering

De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is, behoudens de hierna vernietigde onwettigheid, overeenkomstig de wet gewezen.

Dictum

Het Hof,

Vernietigt het bestreden vonnis in zoverre het uitspraak doet over de vervangende straf die naast de hoofdboete wordt uitgesproken.

Verwerpt het cassatieberoep voor het overige.

Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde vonnis.

Veroordeelt de eiser in drie vierde van de kosten van zijn cassatieberoep en laat het overige vierde ten laste van de Staat.

Verwijst de aldus beperkte zaak naar de correctionele rechtbank te Hoei, zitting houdend in hoger beroep.

Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, tweede kamer, te Brussel, door afdelingsvoorzitter ridder Jean de Codt, de raadsheren Benoît Dejemeppe, Pierre Cornelis, Gustave Steffens en Françoise Roggen, en in openbare terechtzitting van 14 september 2011 uitgesproken door afdelingsvoorzitter ridder Jean de Codt, in aanwezigheid van advocaat-generaal Damien Vandermeersch, met bijstand van afgevaardigd griffier Aurore Decottignies.

Vertaling opgemaakt onder toezicht van afdelingsvoorzitter Etienne Goethals en overgeschreven met assistentie van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky.

De afgevaardigd griffier, De afdelingsvoorzitter,

Vrije woorden

  • Begrip

  • Gevangenisstraf en geldboete