- Arrest van 21 september 2011

21/09/2011 - P.11.0344.F

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
De bevoegdheid die de kamer van inbeschuldigingstelling is toegekend om een stuk nietig te verklaren en te bevelen dat het uit het dossier moet worden verwijderd, strekt zich niet uit tot de beschikking van de raadkamer waarvan de motivering onwettig bevonden is (1). (1) Zie Cass. 21 jan. 2001, AR P.00.1587.F, AC, 2001, nr. 47.

Arrest - Integrale tekst

Nr. P.11.0344.F

S. E. H.,

Mr. Alexandre Chateau, advocaat bij de balie te Brussel.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Brussel, kamer van inbeschuldigingstelling, van 2 februari 2011.

De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, drie middelen aan.

Op de rechtszitting van 7 september 2011 heeft raadsheer Benoît Dejemeppe verslag uitgebracht en heeft advocaat-generaal Raymond Loop geconcludeerd.

II. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

A. In zoverre het cassatieberoep gericht is tegen de beslissing over het bestaan van voldoende aanwijzingen van schuld

Een dergelijke beslissing is geen eindbeslissing in de zin van artikel 416, eerste lid, Wetboek van Strafvordering, en valt niet onder de in het tweede lid van dat artikel bepaalde gevallen.

Het cassatieberoep is niet ontvankelijk.

B. In zoverre het cassatieberoep het Hof het toezicht voorlegt van de formele geldigheid van de akte waarbij de zaak bij het vonnisgerecht aanhangig is gemaakt

Eerste middel

Eerste onderdeel

De eiser voert aan dat de kamer van inbeschuldigingstelling, door de door haarzelf nietigverklaarde beschikking van de raadkamer niet uit het dossier te verwijderen, artikel 6 EVRM heeft geschonden.

Krachtens de artikelen 131, § 1, en 235bis, § 6, Wetboek van Strafvordering, spreekt de kamer van inbeschuldigingstelling, wanneer zij een onregelmatigheid, verzuim of nietigheid vaststelt die invloed heeft op een handeling van het onderzoek of de bewijsverkrijging, als daartoe grond bestaat, de nietigheid uit van de handeling die erdoor is aangetast en wordt het nietigverklaarde stuk uit het dossier verwijderd en neergelegd ter griffie.

Het arrest stelt geen dergelijke onregelmatigheid, verzuim of nietigheid vast maar beslist dat de beschikking tot overzending van het dossier van de rechtspleging en tot gevangenneming van de eiser, het vermoeden van onschuld miskent, en verklaart ze nietig.

De bevoegdheid die het voormelde artikel 235bis, § 6, de kamer van inbeschuldigingstelling toekent om een stuk nietig te verklaren en te bevelen dat het uit het dossier moet worden verwijderd, strekt zich niet uit tot de beschikking van de raadkamer die een onwettig bevonden motivering bevat.

De eiser voert in dat verband aan dat het aan het Hof staat om vast te stellen dat, ten gevolge van een leemte in de wet, de nietigverklaring van een handeling van het onderzoek of met betrekking tot de bewijsverkrijging niet op dezelfde wijze geregeld wordt als de nietigverklaring van een beslissing van het onderzoeksgerecht waarbij de rechtspleging wordt geregeld, en dat het Hof in die leemte moet voorzien.

Aangezien de bodemrechter geen acht vermag te slaan op de nietigverklaarde beschikking, heeft de aangevoerde ongelijkheid geen invloed op het recht op een eerlijke behandeling van de zaak.

Het onderdeel kan niet worden aangenomen.

(...)

Ambtshalve onderzoek van de beslissing over de strafvordering

Er bestaat geen onregelmatigheid, verzuim of nietigheid met betrekking tot het verwijzingsarrest.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt het cassatieberoep.

Veroordeelt de eiser in de kosten.

Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, tweede kamer, te Brussel, door afdelingsvoorzitter Frédéric Close, de raadsheren Benoît Dejemeppe, Pierre Cornelis, Gustave Steffens en Françoise Roggen, en in openbare terechtzitting van 21 september 2011 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Frédéric Close, in aanwezigheid van advocaat-generaal Raymond Loop, met bijstand van griffier Tatiana Fenaux.

Vertaling opgemaakt onder toezicht van raadsheer Filip Van Volsem en overgeschreven met assistentie van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky.

De afgevaardigd griffier, De raadsheer,

Vrije woorden

  • Kamer van inbeschuldigingstelling

  • Gerechtelijk onderzoek

  • Toezicht op de rechtspleging

  • Beschikking tot regeling van de rechtspleging

  • Nietigverklaring van de beschikking wegens een onwettig bevonden motivering

  • Gevolg

  • Dossier van de rechtspleging