- Arrest van 22 september 2011

22/09/2011 - C.10.0003.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1

Conclusie van advocaat-generaal Vandewal.


Arrest - Integrale tekst

Nr. C.10.0003.N

1. A.P. VASTGOED bv, met zetel te 8451 CE Oudeschoot (Nederland), Marktweg 22,

2. TRUSTA HOLDING bv, met zetel te 8451 CE Oudeschoot (Nederland), Marktweg 22,

3. ATRECHT HOLDING bvba, met zetel te 3840 Borgloon, Markt 6-1,

4. ATRECHT HOLDING bv, met zetel te 8451 CE Oudeschoot (Nederland), Marktweg 22,

eiseressen,

vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Brederodestraat 13, waar de eiseressen woonplaats kiezen,

tegen

1. FRIESLAND BANK nv, met zetel te 8911 BE Leeuwarden (Nederland), Beursplein 1, vennootschap naar Nederlands recht,

verweerster,

vertegenwoordigd door mr. Michel Mahieu, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1050 Brussel, Louizalaan 523, waar de verweerster woonplaats kiest,

2. W.A. ENTZINGER, advocaat, met kantoor te 9728 BM Groningen (Nederland), Paterswoldseweg 802, in zijn hoedanigheid van curator van het faillissement van Exploitatiemaatschappij Tollebekerhout bv, vennootschap naar Nederlands recht,

3. A B,

4. T V D P,

5. P K,

6. IMMO FUTURA nv, met zetel te 3840 Borgloon, Markt 6,

7. INFO PARTNERS bvba, met zetel te 3840 Borgloon, Markt 6,

8. AREMBERG VASTGOED II bv, met zetel te 8451 CE Oudeschoot (Nederland), Marktweg 22, vennootschap naar Nederlands recht,

9. COÖPERATIEVE RABOBANK NOORDOOST-VELUWE, met zetel te 8161 CE EPE (Nederland), Prinses Julianalaan 2, vennootschap naar Nederlands recht,

10. LA BELGIQUE nv, met zetel te 1000 Brussel, Regentschapstraat 61, die woonplaats kiest op het Parket van de procureur des Konings te Brussel, te 1000 Brussel, Quatre-Brasstraat 2/4,

11. RVR nv, met zetel te 3720 Kortessem, Hasseltsesteenweg 31/B,

verweerders.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis op derdenverzet gewezen door de rechtbank van eerste aanleg te Brussel op 22 september 2009.

Advocaat-generaal Christian Vandewal heeft op 3 maart 2011 een conclusie neergelegd.

Afdelingsvoorzitter Edward Forrier heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Christian Vandewal heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDEL

De eiseressen voeren in een verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Ontvankelijkheid van de pleitnota

1. Geen enkele wettelijke bepaling voorziet in de mogelijkheid in antwoord op een memorie van wederantwoord een "pleitnota" in te dienen.

De eerste verweerster heeft op 7 april 2010 een memorie van antwoord neergelegd. In aanvulling van die memorie, voert ze in een pleitnota neergelegd op 8 september 2010 verder verweer over de niet-ontvankelijkheid van het cassatieberoep.

Die "pleitnota" is niet ontvankelijk.

Ontvankelijkheid van het cassatieberoep

2. De eerste verweerster voert aan dat het cassatieberoep niet ontvankelijk is gezien het gericht is tegen een beslissing die niet in laatste aanleg is gewezen.

3. Krachtens artikel 1131 Gerechtelijk Wetboek kunnen tegen beslissingen gewezen op derdenverzet alle rechtsmiddelen worden aangewend, met uitzondering van hoger beroep indien de bestreden beslissing zelf in hoger beroep is gewezen.

Deze bepaling strekt ertoe het gemeen recht inzake rechtsmiddelen van toepassing te maken op de beslissingen gewezen op derdenverzet, behoudens indien het instellen van een rechtsmiddel is uitgesloten wegens de aard van de door het derdenverzet bestreden beslissing.

4. Overeenkomstig artikel 1580ter, laatste lid, Gerechtelijk Wetboek is de beschikking waarbij op vraag van de beslagleggende schuldenaar machtiging wordt verleend om uit de hand te verkopen, niet vatbaar voor verzet of hoger beroep.

5. Uit de voormelde bepalingen volgt dat tegen de beslissing gewezen op derdenverzet tegen de beschikking van de beslagrechter die uitspraak doet op grond van artikel 1580ter Ge¬rech¬telijk Wetboek geen hoger beroep openstaat.

Het middel van niet-ontvankelijkheid van het cassatieberoep moet worden verworpen.

Ontvankelijkheid van het middel

6. De verweerders voeren terecht aan dat het middel de derde en de vierde eiseres niet aanbelangt, omdat het enkel de redenen bekritiseert die betrekking hebben op de eerste en de tweede eiseres.

De grond van niet-ontvankelijkheid van het middel is gegrond in zoverre het middel uitgaat van de derde en de vierde eiseres.

Eerste onderdeel

7. Anders dan waarvan geheel het onderdeel uitgaat, blijkt uit de stukken waarop het Hof vermag acht te slaan, onder meer de conclusie van de eerste verweerster van 18 augustus 2009, dat de geldigheid van de overdracht was betwist, evenals het gebrek aan belang van de eiseressen.

Het onderdeel mist feitelijke grondslag.

Tweede en derde onderdeel

8. De appelrechters oordelen niet alleen zoals in het onderdeel is aangegeven. Ze laten hun beslissing ook steunen op de zelfstandige niet-bekritiseerde reden dat "de curator in het faillissement van de bv Exploitatiemaatschappij Tollebekerhout (...) deze overdracht overigens ook niet [heeft] erkend en (...), met toestemming van de rechter-commissaris, akkoord [is] gegaan met het voorstel van de heer van der Ploeg tot betaling van een bedrag van 150.000 euro tegen finale kwijting".

Die zelfstandige reden verantwoordt de beslissing dat de eerste en de tweede eiseres geen belang hebben.

De onderdelen zijn bij gebrek aan belang niet ontvankelijk.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt het cassatieberoep.

Veroordeelt de eiseressen in de kosten.

Bepaalt de kosten voor de eiseressen op 2.278,56 euro en voor de verweerster op 171,24 euro.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit eerste voorzitter Ghislain Londers, als voorzitter, afdelingsvoorzitter Edward Forrier, en de raadsheren Eric Dirix, Albert Fettweis en Geert Jocqué, en in openbare rechtszitting van 22 september 2011 uitgesproken door eerste voorzitter Ghislain Londers, in aanwezigheid van advocaat-generaal Christian Vandewal, met bijstand van griffier Frank Adriaensen.

Vrije woorden

  • Beslagrechter

  • Machtiging tot verkoop uit de hand

  • Derdenverzet

  • Beslissing

  • Aanleg

  • Gevolg

  • Ontvankelijkheid