- Arrest van 5 oktober 2011

05/10/2011 - P.11.0758.F

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
In het Waals Gewest kan in de regel niemand zonder milieuvergunning een inrichting van klasse 1 of 2 exploiteren; die bepaling stelt de milieuvergunning niet afhankelijk van het vereiste dat de ingedeelde inrichting beroepshalve wordt geëxploiteerd (1). (1) Art. 10, Decreet Raad Waals Gewest 11 maart 1999 betreffende de milieuvergunning.

Arrest - Integrale tekst

Nr. P.11.0758.F

M.P. D. T.,

Mrs. Pierre Henry en Thierry Wimmer, advocaten bij de balie te Verviers,

tegen

1. WAALS GEWEST, vertegenwoordigd door de Waalse regering, minister van Landbouw, Landelijke aangelegenheden, Leefmilieu en Toerisme,

2. H. B.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Luik, correctionele kamer, van 14 maart 2011.

De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan.

Raadsheer Françoise Roggen heeft verslag uitgebracht.

Procureur-generaal Jean-François Leclercq heeft geconcludeerd.

II. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

A. In zoverre het cassatieberoep gericht is tegen de beslissing op de strafvordering en de beslissing tot herstel van de plaats in de oorspronkelijke toestand

Eerste middel

Eerste onderdeel

Het middel dat de schending aanvoert van artikel 10 van het decreet van 11 maart 1999 betreffende de milieuvergunning en van het besluit van de Waalse Regering van 4 juli 2002 tot bepaling van de lijst van de aan een milieueffectstudie onderworpen projecten en van de ingedeelde inrichtingen en activiteiten, verwijt het bestreden arrest dat het de eiser schuldig verklaart aan de exploitatie van een inrichting van klasse 1 of 2 zonder milieuvergunning, hoewel hij die activiteit niet als beroep maar louter als vrijetijdsbesteding uitoefende.

De aangevoerde bepaling onderwerpt de verplichting van een milieuvergunning niet aan het vereiste dat de ingedeelde inrichting beroepshalve wordt geëxploiteerd.

Het middel dat aan de bepaling van het decreet een toepassingsvoorwaarde toevoegt die daarin niet is vervat, faalt wat dat betreft naar recht.

Voor het overige verplicht het middel het Hof tot een onderzoek van feiten waarvoor het niet bevoegd is.

In zoverre is het middel niet ontvankelijk.

Tweede onderdeel

De eiser verwijt de appelrechters dat zij de op zijn grond opgeslagen voertuigen als afgedankt beschouwen, waarbij zij zich uitsluitend hebben gesteund op het feit dat zij niet ingeschreven waren.

Artikel 11 van het besluit van de Waalse Regering van 12 februari 2009 tot wijziging van het besluit van 4 juli 2002 definieert een afgedankt voertuig en geeft als voorbeeld "elk niet-ingeschreven voertuig".

De appelrechters die dat criterium gebruiken om vast te stellen dat de activiteit van de eiser bestond in de ontmanteling van afgedankte voertuigen en de recuperatie van stukken van dergelijke voertuigen, iets waarvoor een milieuvergunning vereist is, verantwoorden hun beslissing naar recht.

Het tweede onderdeel kan niet worden aangenomen.

Tweede middel

Het middel voert de schending aan van artikel 84, § 1, 13°, van het Waals Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw, Patrimonium en Energie.

De eiser voert aan dat de appelrechters, door uitsluitend naar de opgesomde redenen te verwijzen om de eerste telastlegging tegen hem bewezen te verklaren, het begrip gebruikt voertuig, als bedoeld in de tweede telastlegging, verwarren met het begrip afgedankt voertuig, als bedoeld in de eerste telastlegging.

Het bestreden arrest preciseert evenwel dat de politie bij een controle heeft vastgesteld dat nog steeds autowrakken opgeslagen waren op de grond van de eiser.

De appelrechters die oordelen dat de autowrakken gebruikte voertuigen zijn in de zin van de bepaling waarvan de schending wordt aangevoerd, verantwoorden hun beslissing naar recht.

Het middel kan niet worden aangenomen.

Ambtshalve onderzoek van de beslissing over de strafvordering

De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen.

B. In zoverre het cassatieberoep gericht is tegen de beslissingen op de burgerlijke rechtsvorderingen

De eiser voert geen bijzonder middel aan.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt het cassatieberoep.

Veroordeelt de eiser in de kosten.

Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, tweede kamer, te Brussel, door afdelingsvoorzitter ridder Jean de Codt, afdelingsvoorzitter Frédéric Close, de raadsheren Benoît Dejemeppe, Pierre Cornelis en Françoise Roggen, en in openbare terechtzitting van 5 oktober 2011 uitgesproken door afdelingsvoorzitter ridder Jean de Codt, in aanwezigheid van procureur-generaal Jean-François Leclercq, met bijstand van griffier Tatiana Fenaux.

Vertaling opgemaakt onder toezicht van raadsheer Alain Bloch en overgeschreven met assistentie van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky.

De afgevaardigd griffier, De raadsheer,

Vrije woorden

  • Gewest

  • Waals Gewest

  • Milieu

  • Milieuvergunning

  • Verplichting

  • Grondslag

  • Ingedeelde inrichting

  • Exploitatie