- Arrest van 6 oktober 2011

06/10/2011 - C.10.0290.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Het recht van verdediging van de partij die zelf geen verzoek tot heropening van het debat heeft ingediend, is niet miskend wanneer de rechter het verzoek tot heropening van het debat dat uitgaat van een andere partij, afwijst minder dan acht dagen na dit verzoek (1). (1) Zie de concl. van het O.M.

Arrest - Integrale tekst

Nr. C.10.0290.N

1. CHERESTA CHEYNS & CO vof, met zetel te 2000 Antwerpen, Mechelsesteenweg 6A,

2. G. C.,

3. D. C.,

eisers,

aan wie rechtsbijstand werd verleend op 26 maart 2010 (G.06.0180.N),

vertegenwoordigd door mr. Paul Lefebvre, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1050 Brussel, Louizalaan 480, bus 9, waar de eisers woonplaats kiezen,

tegen

CALLAERT nv, met zetel te 9100 Sint-Niklaas, Prinses Josephine Charlottelaan 108,

verweerster.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent van 9 oktober 2006.

Raadsheer Beatrijs Deconinck heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal met opdracht André Van Ingelgem heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDELEN

De eisers voeren in hun verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Eerste middel

Eerste onderdeel

1. Het recht van verdediging van de partij die zelf geen verzoek tot heropening van het debat heeft ingediend, is niet miskend wanneer de rechter het verzoek tot heropening van het debat dat uitgaat van een andere partij, afwijst minder dan acht dagen na dit verzoek.

Het onderdeel dat van een andere rechtsopvatting uitgaat, faalt naar recht.

Tweede onderdeel

2. Met de in het onderdeel weergegeven redenen beantwoordt en verwerpt het arrest het verzoek tot heropening van het debat.

Het onderdeel mist feitelijke grondslag.

Tweede middel

3. Artikel 203 Wetboek van Vennootschappen bepaalt: "Vennoten in een vennootschap onder firma of in een gewone commanditaire vennootschap kunnen niet persoonlijk worden veroordeeld op grond van verbintenissen van de vennootschap zolang deze niet zelf is veroordeeld."

4. Die bepaling strekt ertoe te vermijden dat rechterlijke uitspraken ten aanzien van de vennoten in strijd zouden zijn met uitspraken ten aanzien van de VOF.

5. Het artikel doet geen afbreuk aan de eigen en rechtstreekse verbondenheid van de vennoten van een vennootschap onder firma en sluit niet uit dat de vennootschap onder firma en de vennoten in eenzelfde rechterlijke uitspraak worden veroordeeld. Het belet evenmin de hoofdelijke veroordeling van de vennootschap samen met de vennoten.

Het middel dat van een andere rechtsopvatting uitgaat, faalt naar recht.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt het cassatieberoep.

Veroordeelt de eisers in de kosten.

Bepaalt de kosten voor de eisers op de som van 441,08 euro in debet.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, en de raadsheren Eric Stassijns, Albert Fettweis, Beatrijs Deconinck en Geert Jocqué, en in openbare terechtzitting van 6 oktober 2011 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal met opdracht André Van Ingelgem, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche.

Vrije woorden

  • Heropening van het debat

  • Verzoek door een partij

  • Afwijzing

  • Gevolg t.a.v. de andere partij