- Arrest van 7 oktober 2011

07/10/2011 - C.10.0298.F

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Het arrest dat over een geschilpunt geen andere uitspraak doet dan de eerste rechter, en gedeeltelijk de door laatstgenoemde bevolen onderzoeksmaatregel bevestigt zonder de zaak naar hem te verwijzen, is niet naar recht verantwoord (1). (1) Zie concl. O.M. in Pas., 2011, nr. ...

Arrest - Integrale tekst

Nr. C.10.0298.F

1. M. C. en

2. V. D.,

Mr. Paul Alain Foriers, advocaat bij het Hof van Cassatie,

tegen

1. P. G.,

2. Vincent GHISLAIN, advocaat, q.q. voogd van E. D.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Luik van 26 januari 2010.

Raadsheer Mireille Delange heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal André Henkes heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDELEN

De eisers voeren een middel aan.

Geschonden wettelijke bepalingen

- de artikelen 1068, inzonderheid tweede lid, en 1072 van het Gerechtelijk Wetboek.

Aangevochten beslissingen

Het arrest

"bevestigt het beroepen vonnis, met de volgende wijziging:

Alvorens over de zaak zelf uitspraak te doen,

Wijst dokter A.A., (...) aan als deskundige met als opdracht, nadat hij eerst de wettelijke eed heeft afgelegd overeenkomstig de artikelen 962 en volgende van het Gerechtelijk Wetboek, om [de verweerder, de eiseres] en het kind E.D. op te roepen en op hun persoon de nodige stalen af te nemen; die stalen volgens de beproefde wetenschappelijke methodes te onderzoeken, zijnde een genetisch DNA onderzoek, teneinde te zeggen of [de verweerder] al dan niet kan beschouwd worden als de vader van E.D. en te preciseren wat de waarschijnlijkheidsgraad van zijn vaderschap is; zijn vaststellingen, gevolgtrekkingen en conclusies op te stellen en een verslag in te dienen binnen drie maanden vanaf de dag waarop de burgerlijke griffie hem zijn opdracht zal hebben medegedeeld; zegt dat de kosten van het deskundigenonderzoek voorgeschoten zullen worden door degene die het deskundigenonderzoek aanvraagt, namelijk [de eerste verweerder];

Zegt dat de partijen, indien zij binnen twee weken na de uitspraak van dit arrest hun opmerkingen niet kenbaar maken, het hof [van beroep] ontslaan van de verplichting om vóór het deskundigenonderzoek een installatievergadering te organiseren;

Verwijst voor het overige de zaak naar de rol;

Houdt de kosten aan".

Die beslissingen steunen onder meer op de volgende reden:

"[De verweerder] vordert een bloedonderzoek, maar in de huidige stand van de wetenschappelijke analyses is een genetisch DNA-onderzoek beter geschikt om met een voldoende graad van zekerheid zijn vaderschap positief dan wel negatief te bepalen. Dienaangaande dient erop gewezen te worden dat de eerste rechter een bloedonderzoek beveelt. Bijgevolg zal een genetisch onderzoek worden bevolen".

Grieven

Het arrest bevestigt het beroepen vonnis, dat slechts werd gewijzigd in zoverre het betrekking heeft op de inhoud van het door dat vonnis bevolen deskundigenonderzoek en op de naam van de aangestelde deskundige.

Het arrest dat beveelt dat het verslag binnen drie maanden vanaf de kennisgeving van de opdracht door de burgerlijke griffie moet worden ingediend en het overige gedeelte van de zaak naar de rol verwijst, laat de verdere behandeling van de zaak over aan het hof van beroep.

Krachtens artikel 1068, tweede lid, van het Gerechtelijk Wetboek, in samenhang gelezen met artikel 1072 van dat wetboek, moet de appelrechter die, zoals hier, zelfs gedeeltelijk, een onderzoeksmaatregel bevestigt die wordt bevolen door het beroepen vonnis, dat hij voor het overige bevestigt, de zaak naar de eerste rechter verwijzen.

Hieruit volgt dat de appelrechters die in het arrest beslissen om zelf de zaak verder te behandelen, nadat zij het beroepen vonnis hadden bevestigd en de door de eerste rechter bevolen onderzoeksmaatregel, naar wie zij bijgevolg de zaak moesten verwijzen, in beginsel hadden bevestigd, de in het middel aangewezen bepalingen en inzonderheid artikel 1068, tweede lid, van het Gerechtelijk Wetboek hebben geschonden.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Luidens artikel 1068, eerste lid, van het Gerechtelijk Wetboek maakt elk hoger beroep tegen een eindvonnis of tegen een vonnis alvorens recht te doen het geschil zelf aanhangig bij de rechter in hoger beroep.

Het tweede lid van dat artikel bepaalt dat de rechter in hoger beroep de zaak alleen dan naar de eerste rechter verwijst indien hij, zelfs gedeeltelijk, een in het beroepen vonnis bevolen onderzoeksmaatregel bevestigt.

Het arrest bevestigt het beroepen vonnis met de wijziging dat het het door dat vonnis bevolen bloedonderzoek vervangt door een genetisch onderzoek en dat het die opdracht aan een andere deskundige toevertrouwt.

Het arrest dat over een geschilpunt geen andere uitspraak doet dan de eerste rechter, en gedeeltelijk de door laatstgenoemde bevolen onderzoeksmaatregel bevestigt zonder de zaak naar hem te verwijzen, schendt artikel 1068, tweede lid, van het Gerechtelijk Wetboek.

Het middel is gegrond.

De verwijzing

Het Hof, dat een beslissing vernietigt waarbij de appelrechter, met schending van artikel 1068, tweede lid, van het Gerechtelijk Wetboek, nagelaten heeft de zaak naar de eerste rechter te verwijzen, verwijst de zaak naar die rechter opdat hij de behandeling ervan voortzet.

Dictum

Het Hof,

Vernietigt het bestreden arrest in zoverre dit de zaak naar de rol van het hof van beroep verwijst en beslist om zelf de zaak verder te behandelen.

Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde arrest.

Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent aan de feitenrechter over.

Verwijst de aldus beperkte zaak naar de rechtbank van eerste aanleg te Neufchâteau voor de verdere behandeling van de zaak.

Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, eerste kamer, te Brussel, door raadsheer Albert Fettweis, waarnemend voorzitter, de raadsheren Christine Matray, Sylviane Velu, Martine Regout en Mireille Delange, en in openbare terechtzitting van 7 oktober 2011 uitgesproken door raadsheer Albert Fettweis, waarnemend voorzitter, in aanwezigheid van advocaat-generaal André Henkes, met bijstand van griffier Patricia De Wadripont.

Vertaling opgemaakt onder toezicht van raadsheer Paul Maffei en overgeschreven met assistentie van griffier Johan Pafenols.

De griffier, De raadsheer,

Vrije woorden

  • Gedeeltelijke bevestiging van een onderzoeksmaatregel

  • Geen verwijzing naar de eerste rechter

  • Wettigheid