- Arrest van 2 november 2011

02/11/2011 - P.11.1424.F

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Noch artikel 211 van het Wetboek van Strafvordering, noch de wetsbepalingen waarnaar dat artikel verwijst, bepalen dat, in het kader van het onderzoek ter zitting, de verklaringen van de partijen moeten worden overgeschreven (1). (1) Zie Cass. 16 maart 2005, AR P.05.0018.F, AC, 2005, nr. 164.

Arrest - Integrale tekst

Nr. P.11.1424.F

M. N.,

Mr. Luc Balaes, advocaat bij de balie te Luik, en mr. Anne Decortis, advocaat bij de balie te Brussel,

tegen

1. V. P.,

2. J.-F. P.,

3. S. R.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Luik, correctionele kamer, van 30 juni 2011.

De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, drie middelen aan.

Raadsheer Françoise Roggen heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Damien Vandermeersch heeft geconcludeerd.

II. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

A. In zoverre het cassatieberoep gericht is tegen de beslissing op de strafvordering

(...)

Derde middel

Het middel, dat de miskenning aanvoert van het algemeen rechtsbeginsel van de eerbiediging van het recht van verdediging, verwijt het hof van beroep dat het de verklaringen van de beklaagden niet in het proces-verbaal van de rechtszitting heeft overgeschreven.

Noch artikel 211 Wetboek van Strafvordering, noch de wetsbepalingen waarnaar dat artikel verwijst, bepalen dat, in het kader van het onderzoek ter zitting, de verklaringen van de partijen moeten worden overgeschreven.

De vermelding, die overigens niet wordt betwist, dat de eiser in de loop ervan werd gehoord, volstaat om de regelmatigheid aan te tonen van het door het hof van beroep ter zitting gevoerde onderzoek.

Het middel kan niet worden aangenomen.

Ambtshalve onderzoek van de beslissing over de strafvordering

De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen.

(...)

Dictum

Het Hof,

Verwerpt het cassatieberoep.

Veroordeelt de eiser in de kosten.

Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, tweede kamer, te Brussel, door afdelingsvoorzitter ridder Jean de Codt, afdelingsvoorzitter Frédéric Close, de raadsheren Pierre Cornelis, Gustave Steffens en Françoise Roggen, en in openbare terechtzitting van 2 november 2011 uitgesproken door afdelingsvoorzitter ridder Jean de Codt, in aanwezigheid van advocaat-generaal Damien Vandermeersch, met bijstand van afgevaardigd griffier Aurore Decottignies.

Vertaling opgemaakt onder toezicht van raadsheer Alain Bloch en overgeschreven met assistentie van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky.

De afgevaardigd griffier, De raadsheer,

Vrije woorden

  • Procedure ter zitting

  • Verklaringen van de partijen

  • Overschrijving in het proces-verbaal van de rechtszitting

  • Verplicht vormvoorschrift