- Arrest van 9 november 2011

09/11/2011 - P.11.0886.F

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Naar luid van artikel 1022, vijfde lid, van het Gerechtelijk Wetboek, bedraagt het bedrag van de rechtsplegingsvergoeding, wanneer meerdere partijen die vergoeding ten laste van dezelfde in het ongelijk gestelde partij genieten, maximum het dubbel van de maximale rechtsplegingsvergoeding waarop de begunstigde die gerechtigd is om de hoogste vergoeding te eisen, aanspraak kan maken en wordt ze door de rechter tussen de partijen verdeeld; om dat maximum te bepalen moet de rechter het hoogste bedrag bepalen dat ieder van de schuldeisers naar recht kan eisen en moet hij het hoogste bedrag uit de aldus opgemaakte lijst met twee vermenigvuldigen ; vervolgens dient hij het product van die vermenigvuldiging tussen de schuldeisers te verdelen; wanneer meerdere partijen in het ongelijk zijn gesteld, moet die berekening herhaald worden ten aanzien van ieder van hen (1). (1) Zie concl. O.M. in Pas. 2011, nr. ...

Arrest - Integrale tekst

Nr. P.11.0886.F

1. W. C.,

2. ETHIAS nv,

Mrs. Gaspard Navez en Pierre Coetsier, advocaten bij de balie te Namen,

tegen

1. B. P.,

2. A.-M. H.,

3. P. P.,

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

De cassatieberoepen zijn gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de correctionele rechtbank te Namen van 15 maart 2011.

De eisers voeren in een memorie die aan dit arrest is gehecht, drie middelen aan.

Advocaat-generaal Damien Vandermeersch heeft op 26 oktober 2011 een conclusie neergelegd op de griffie van het Hof.

Op de rechtszitting van 9 november 2011 heeft raadsheer Françoise Roggen verslag uitgebracht en heeft de voornoemde advocaat-generaal geconcludeerd.

II. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

(...)

B. In zoverre de cassatieberoepen gericht zijn tegen de beslissingen op de burgerlijke rechtsvorderingen tegen de eerste twee verweerders

(...)

Derde middel

Het middel voert de schending aan van artikel 1022 Gerechtelijk Wetboek.

Naar luid van het vijfde lid van dat artikel, bedraagt, wanneer meerdere partijen de rechtsplegingsvergoeding ten laste van dezelfde in het ongelijk gestelde partij genieten, het bedrag ervan maximum het dubbel van de maximale rechtsplegingsvergoeding waarop de begunstigde die gerechtigd is om de hoogste vergoeding te eisen, aanspraak kan maken. Ze wordt door de rechter tussen de partijen verdeeld.

Daaruit volgt dat de rechter, om dat maximum vast te stellen, het hoogste bedrag moet bepalen dat ieder van de schuldeisers naar recht kan eisen en het hoogste bedrag uit de aldus opgemaakte lijst met twee moet vermenigvuldigen. Onverminderd de eventuele toepassing van artikel 1022, derde lid, Gerechtelijk Wetboek, dient hij vervolgens het product van die vermenigvuldiging tussen de schuldeisers te verdelen. Wanneer meerdere partijen in het ongelijk zijn gesteld, moet die berekening herhaald worden ten aanzien van ieder van hen.

Het vonnis kent één rechtsplegingsvergoeding toe aan beide burgerlijke partijen, zonder ze onder hen te verdelen, op grond van het feit dat zij door één enkele raadsman worden verdedigd en in dezelfde zin hebben geconcludeerd.

De appelrechters schenden aldus de aangevoerde wetsbepaling.

Het middel is gegrond.

Dictum

Het Hof,

Vernietigt het bestreden vonnis in zoverre het uitspraak doet over de rechtsplegingvergoeding.

Verwerpt de cassatieberoepen voor het overige.

Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde vonnis.

Veroordeelt de eisers in vier vijfde van de kosten van hun cassatieberoep en ieder van de eerste twee verweerders in de helft van de overige kosten.

Verwijst de aldus beperkte zaak naar de correctionele rechtbank te Dinant, zitting houdend in hoger beroep

Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, tweede kamer, te Brussel, door afdelingsvoorzitter ridder Jean de Codt, afdelingsvoorzitter Frédéric Close, de raadsheren Benoît Dejemeppe, Gustave Steffens en Françoise Roggen, en in openbare terechtzitting van 9 november 2011 uitgesproken door afdelingsvoorzitter ridder Jean de Codt, in aanwezigheid van advocaat-generaal Damien Vandermeersch, met bijstand van griffier Fabienne Gobert.

Vertaling opgemaakt onder toezicht van raadsheer Alain Bloch en overgeschreven met assistentie van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky.

De afgevaardigd griffier, De raadsheer,

Vrije woorden

  • Rechtsplegingsvergoeding

  • Meer dan één partij geniet de rechtsplegingsvergoeding

  • Berekening en verdeling van de vergoeding