- Arrest van 10 november 2011

10/11/2011 - D.11.0001.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Wanneer geen onder artikel 5, § 1, 1°, a) van het KB van 6 september 1993 tot bescherming van de beroepstitel en van de uitoefening van het beroep van vastgoedmakelaar vermeld diploma voorhanden is dient de kamer van beroep de gelijkwaardigheid van een getuigschrift, diploma of opleidingstitel te toetsen aan een onder a) vermeld diploma of aan de voorwaarden vermeld onder c), d) en e) van voormeld artikel.

Arrest - Integrale tekst

Nr. D.11.0001.N

1. Luc MACHON, als voorzitter van de Nationale Raad en,

2. Roland TIMMERMANS, als rechtskundig assessor van de Uitvoerende Kamer,

van het Beroepsinstituut van Vastgoedmakelaars (BIV), met zetel te 1000 Brussel, Luxemburgstraat 16b,

eisers,

vertegenwoordigd door mr. Ludovic De Gryse, advocaat bij het Hof van Cassatie, kantoor houdende te 1000 Brussel, Central Plaza, Loksumstraat 25, waar de eisers woonplaats kiezen,

tegen

J L,

verweerder.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen een beslissing van de kamer van beroep van het Beroepsinstituut van vastgoedmakelaars van 22 december 2010.

Raadsheer Beatrijs Deconinck heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Guy Dubrulle heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDEL

De eiser voert in een verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht een middel aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

1. Krachtens artikel 4 van het stagereglement, goedgekeurd bij artikel 1 van het KB van 3 juni 2007 tot goedkeuring van het stagereglement van het Beroepsinstituut van Vastgoedmakelaars, voegt de kandidaat-stagiair tot staving van zijn aanvraag tot inschrijving op de lijst van de stagiairs die bij de kamer wordt ingediend, bij zijn dossier een kopie van een diploma, bedoeld in artikel 5 van het KB van 6 september 1993 tot bescherming van de beroepstitel en van de uitoefening van het beroep van vastgoedmakelaar (hierna: KB 6 september 1993) of van documenten die een beroepservaring als vastgoedmakelaar bewijzen in de zin van artikel 17, § 7 of § 8, van de kaderwet van 1 maart 1976 tot reglementering van de bescherming van de beroepstitel en van de uitoefening van de dienstverlenende intellectuele beroepen.

2. Krachtens artikel 5, § 1, 1°, KB 6 september 1993 moeten de titularissen van het gereglementeerde beroep van vastgoedmakelaar houder zijn van een onder a) vermeld diploma, van een getuigschrift dat gelijkwaardig is aan een van deze onder a) vermelde akten en dat is uitgereikt door een examencommissie van de Staat of van een Gemeenschap (b) of van een diploma of opleidingstitel die voldoet aan de voorwaarden gesteld onder c) tot en met e) van dit artikel.

3. Hieruit volgt dat, wanneer geen onder a) vermeld diploma voorhanden is, de kamer van beroep de gelijkwaardigheid van een getuigschrift, diploma of opleidingstitel dient te toetsen aan een onder a) vermeld diploma (artikel 5, § 1, 1°, punt b), KB 6 september 1993) of aan de voorwaarden vermeld onder c), d) als e) van voormeld artikel.

4. Met de in het middel weergegeven motieven oordelen de appelrechters dat het door de verweerder voorgelegde diploma gelijkwaardig is aan een van de in a) van voormeld artikel vermelde akte, waarin b) voorziet.

5. In zoverre het middel ervan uitgaat dat de appelrechters de gelijkwaardigheid van het diploma hebben beoordeeld zonder na te gaan of de toepassingsvoorwaarden van artikel 5, § 1, 1°, b), tot en met e), KB 6 september 1993, vervuld zijn, mist het feitelijke grondslag.

6. In zoverre het middel ervan uitgaat dat de kamer van beroep enkel de gelijkwaardigheid vermag na te gaan met een diploma, getuigschrift of opleidingstitel zoals vermeld in artikel 5, § 1, 1°, b), tot en met e), van voormeld KB, met uitzondering van de gelijkwaardigheid aan de diploma's vermeld in a), faalt het naar recht.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt het cassatieberoep.

Veroordeelt de eisers in de kosten.

Bepaalt de kosten voor de eisers op 519,16 euro.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, afdelingsvoorzitter Eric Dirix, en de raadsheren Eric Stassijns, Beatrijs Deconinck en Alain Smetryns, en in openbare rechtszitting van 10 november 2011 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal Guy Dubrulle, met bijstand van griffier Frank Adriaensen.

Vrije woorden

  • Vastgoedmakelaar

  • Lijst van stagiairs

  • Inschrijving

  • Diploma

  • Gelijkwaardigheid

  • Beoordeling door de kamer van beroep