- Arrest van 17 november 2011

17/11/2011 - C.10.0543.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
De sanctie van het ambtshalve weren uit het debat van een conclusie die na het verstrijken van de termijnen ter griffie werd neergelegd of aan de tegenpartij gezonden, betekent dat de rechter de beslissing kan nemen zonder dat hij daartoe door partijen is gevorderd, maar stelt hem niet vrij partijen ter zake te horen.

Arrest - Integrale tekst

Nr. C.10.0543.N

J. D. V.,

eiser,

vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie , met kantoor te 1000 Brussel, Brederodestraat 13, waar de eiser woonplaats kiest,

tegen

P. V. W.,

verweerder,

vertegenwoordigd door mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Quatre Brasstraat 6, waar de verweerder woonplaats kiest.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent van 18 maart 2010.

Raadsheer Beatrijs Deconinck heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Christian Vandewal heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDEL

De eiser voert in zijn verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

1. Krachtens artikel 747, § 2, zesde lid, Gerechtelijk Wetboek worden, onverminderd de toepassing van de in artikel 748, § 1 en § 2, bedoelde uitzonderingen, de conclusies die na het verstrijken van de termijnen ter griffie worden neergelegd of aan de tegenpartij gezonden, ambtshalve uit het debat geweerd.

2. De sanctie van het ambtshalve weren van een conclusie uit het debat betekent dat de rechter de beslissing kan nemen zonder dat hij daartoe door partijen is gevorderd, maar stelt hem niet vrij partijen ter zake te horen.

3. De appelrechter stelt vast dat ingevolge de door het hof van beroep vastgestelde conclusietermijnen de eiser uiterlijk op woensdag 28 oktober 2009 zijn conclusie diende neer te leggen, terwijl de gefaxte conclusie slechts werd neergelegd ter griffie op donderdag 29 oktober 2009 en het origineel slechts op vrijdag 30 oktober 2009.

Hij beslist vervolgens tot het ambtshalve weren uit het debat van voormelde conclusie wegens laattijdige neerlegging ervan.

4. Uit de stukken waarop het Hof vermag acht te slaan, blijkt niet dat de appelrechter partijen gehoord heeft omtrent de laattijdigheid van de conclusie van de eiser en de daaraan verbonden sanctie.

5. De appelrechter die aldus ambtshalve tot wering overgaat, miskent het algemeen rechtsbeginsel van het recht van verdediging.

Het middel is gegrond.

Dictum

Het Hof,

Vernietigt het bestreden arrest.

Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde arrest.

Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent aan de feitenrechter over.

Verwijst de zaak naar het hof van beroep te Brussel.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit eerste voorzitter Ghislain Londers, als voorzitter, de afdelingsvoorzitters Edward Forrier en Eric Dirix, en de raadsheren Eric Stassijns en Beatrijs

Deconinck, en in openbare rechtszitting van 17 november 2011 uitgesproken door eerste voorzitter Ghislain Londers, in aanwezigheid van advocaat-generaal

Christian Vandewal, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche.

Vrije woorden

  • Behandeling en berechting van de vordering

  • Conclusietermijn

  • Laattijdige conclusie

  • Sanctie

  • Ambtshalve weren uit het debat

  • Begrip

  • Opdracht van de rechter