- Arrest van 29 november 2011

29/11/2011 - P.11.0794.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Artikel 67ter, eerste en derde lid, Wegverkeerswet verplicht de rechtspersoon en de persoon die het voertuig onder zich heeft om de identiteit van de bestuurder die een inbreuk op het Wegverkeersreglement heeft gepleegd, mede te delen maar stelt geen vermoeden van schuld in tegen die persoon of tegen de bestuurder; het laat niet toe het vermoeden van schuld bepaald bij artikel 67bis Wegverkeerswet tot die persoon of die bestuurder uit te breiden (1). (1) Cass. 14 nov. 2007, AR P.07.1064.F, AC, 2007, nr. 553.

Arrest - Integrale tekst

Nr. P.11.0794.N

K. A. E. V.,

beklaagde,

eiser,

met als raadsman mr. Alain Cleyman, advocaat bij de balie te Dendermonde.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de correctionele rechtbank te Gent van 1 februari 2011.

De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan.

Raadsheer Paul Maffei heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Patrick Duinslaeger heeft geconcludeerd.

II. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Eerste middel

1. Het middel voert schending aan van artikel 67bis Wegverkeerswet: het bestreden vonnis verklaart de eiser ten onrechte schuldig op grond van het in het vermelde wetsartikel bepaalde wettelijk vermoeden; die bepaling is enkel van toepassing op de natuurlijke persoon op wiens naam het voertuig is ingeschreven.

2. Artikel 67bis Wegverkeerswet bepaalt: "Wanneer een overtreding van deze wet en haar uitvoeringsbesluiten is begaan met een motorvoertuig ingeschreven op naam van een natuurlijke persoon, en de bestuurder bij de vaststelling van de overtreding niet geïdentificeerd werd, wordt vermoed dat deze is begaan door de titularis van de nummerplaat van het voertuig."

Deze bepaling vermeldt enkel de natuurlijke persoon op wiens naam het voertuig is ingeschreven waarmee een overtreding van de Wegverkeerswet en zijn uitvoeringsbesluiten is gepleegd en is bijgevolg enkel op die persoon van toepassing.

3. Artikel 67ter, eerste lid, van dezelfde wet bepaalt: "Wanneer een overtreding van deze wet en haar uitvoeringsbesluiten is begaan met een motorvoertuig, ingeschreven op naam van een rechtspersoon, zijn de natuurlijke personen die de rechtspersoon in rechte vertegenwoordigen ertoe gehouden de identiteit van de bestuurder op het ogenblik van de feiten mede te delen of indien zij die niet kennen, de identiteit van de persoon die het voertuig onder zich heeft."

Het derde lid van dat artikel bepaalt: "Indien de persoon die het voertuig onder zich heeft, niet de bestuurder was op het ogenblik van de feiten, moet hij eveneens (..) de identiteit van de bestuurder meedelen."

4. Deze bepalingen van artikel 67ter verplichten de rechtspersoon en de persoon die het voertuig onder zich heeft om de identiteit van de bestuurder die een inbreuk op het Wegverkeersreglement heeft gepleegd, mede te delen, maar stellen geen vermoeden van schuld in tegen die persoon of tegen de bestuurder. Zij laten niet toe het vermoeden van schuld bepaald bij artikel 67bis Wegverkeerswet tot die persoon of die bestuurder uit te breiden.

Het bestreden vonnis dat anders oordeelt, is niet naar recht verantwoord.

Het middel is gegrond.

Tweede middel

5. Het middel dat niet kan leiden tot cassatie zonder verwijzing, behoeft geen antwoord.

Dictum

Het Hof,

Vernietigt het bestreden vonnis.

Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde vonnis.

Laat de kosten ten laste van de Staat.

Verwijst de zaak naar de correctionele rechtbank te Dendermonde, rechtszitting houdende in hoger beroep.

Bepaalt de kosten op 142,13 euro.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Etienne Goethals, als voorzitter, en de raadsheren Paul Maffei, Filip Van Volsem, Alain Bloch en Peter Hoet, en op de openbare rechtszitting van 29 november 2011 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Etienne Goethals, in aanwezigheid van advocaat-generaal Patrick Duinslaeger, met bijstand van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky.

Vrije woorden

  • Draagwijdte

  • Verplichting om de identiteit van de bestuurder mee te delen

  • Vermoeden van schuld van artikel 67bis

  • Toepasselijkheid