- Arrest van 6 december 2011

06/12/2011 - P.11.0493.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1

Krachtens artikel 80, §1, eerste lid, 2°, Controlewet Verzekeringen, thans artikel 19bis-11, W.A.M. 1989, kan elke benadeelde van het Gemeenschappelijk Motorwaarborgfonds de vergoeding verkrijgen van de schade voortvloeiende uit lichamelijke letsels die door een motorrijtuig zijn veroorzaakt wanneer geen enkele verzekeringsonderneming tot die vergoeding verplicht is om reden van een toevallig feit waardoor de bestuurder van het voertuig dat het ongeval heeft veroorzaakt, vrijuit gaat; de vergoedingsplicht van het Gemeenschappelijk Motorwaarborgfonds is in dit geval gesteund op de voormelde wettelijke bepaling en niet op een inbreuk op de strafwet waaruit volgt dat de rechtsvordering die gegrond is op deze verplichting, niet valt onder de bevoegdheid van de strafrechter, die alleen volgens de gemeenrechtelijke aansprakelijkheidsregels jegens de burgerlijke partijen uitspraak mag doen (1). (1) Zie Cass. 14 juni 2002, AR C.01.0401.F, AC, 2002, nr. 359.


Arrest - Integrale tekst

Nr. P.11.0493.N

I

E. C.,

burgerlijke partij,

eiser,

vertegenwoordigd door mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie,

tegen

1. L. L. M. G.,

beklaagde,

2. DICK HAENEGREEFS bvba, met zetel te 3460 Bekkevoort, Dennestraat 16,

civielrechtelijk aansprakelijke partij,

3. GEMEENSCHAPPELIJK MOTORWAARBORGFONDS, met zetel te 1210 Sint-Joost-ten-node, Liefdadigheidstraat 33 bus 1,

vrijwillig tussengekomen partij,

vertegenwoordigd door mr. Bruno Maes, advocaat bij het Hof van Cassatie,

verweerders.

II

VLAAMS GEWEST, voor wie optreedt de Vlaamse Minister van Mobiliteit, Openbare werken en Energie, met kantoor te 1000 Brussel, Koning Albert II-laan 20 bus 1,

burgerlijke partij,

eiser,

vertegenwoordigd door mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie,

tegen

4. L. L. M. G.,

beklaagde,

5. DICK HAENEGREEFS bvba, reeds vermeld,

civielrechtelijk aansprakelijke partij,

6. GEMEENSCHAPPELIJK MOTORWAARBORGFONDS, reeds vermeld,

vrijwillig tussengekomen partij,

7. G. D.,

beklaagde,

8. M. R. C. D. K.,

beklaagde,

9. Y. T. D. D. L.,

beklaagde,

10. E. S.,

beklaagde,

11. J. P0 B.,

beklaagde,

12. S. M. D.,

beklaagde,

13. X. P.,

beklaagde,

14. L. F. V.,

beklaagde,

15. B. R. K. G.,

beklaagde,

16. WAUTERS TANKTRANSPORT nv, met zetel te 9220 Hamme, Industriepark Zwaarveld 35,

civielrechtelijk aansprakelijke partij,

17. TRANSEEKLO nv, met zetel te 9900 Eeklo, Industrielaan 7,

civielrechtelijk aansprakelijke partij,

18. Filip SAEY bvba, met zetel te 9080 Lochristi, Rostijnenstraat 18,

civielrechtelijk aansprakelijke partij,

19. Patrick HOLDERBEKE ebvba, met zetel te 9520 Sint-Lievens-Houtem, Senator Verbuggenlaan 6,

civielrechtelijk aansprakelijke partij,

20. R. R. M. L.,

civielrechtelijk aansprakelijke partij,

21. TUC RAIL bvba, met zetel te 1070 Anderlecht, Frankrijkstraat 91,

civielrechtelijk aansprakelijke partij,

22. BELGISCH BUREAU VOOR AUTOVERZEKERAARS, met zetel te 1210 Sint-Joost-ten-Node, Liefdadigheidstraat 33 bus 2,

vrijwillig tussengekomen partij,

verweerders.

III

KBC VERZEKERINGEN nv, met zetel te 3000 Leuven, Waaistraat 6,

burgerlijke partij,

eiseres,

tegen

1. S. M. D.,

beklaagde,

2. X. P.,

beklaagde,

3. TRANSEEKLO nv, reeds vermeld,

civielrechtelijk aansprakelijke partij,

verweerders.

IV

GEMEENSCHAPPELIJK MOTORWAARBORGFONDS, reeds vermeld,

vrijwillig tussengekomen partij,

eiseres,

tegen

1. E. C.,

burgerlijke partij,

2. VLAAMS GEWEST, reeds vermeld,

burgerlijke partij,

3. ING CAR LEASE BELGIUM nv, met zetel te 2630 Aartselaar, Ingberthoeveweg 6,

burgerlijke partij,

4. J.-P. L.,

burgerlijke partij,

verweerders.

V

1. ING CAR LEASE BELGIUM nv, reeds vermeld,

burgerlijke partij,

2. J.-P. L.,

burgerlijke partij,

eisers,

vertegenwoordigd door mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie,

tegen

1. GEMEENSCHAPPELIJK MOTORWAARBORGFONDS, reeds vermeld,

vrijwillig tussengekomen partij,

2. E. S.,

beklaagde,

3. Patrick HOLDERBEKE ebvba, reeds vermeld,

civielrechtelijk aansprakelijke partij,

verweerders.

VI

1. G. D.,

burgerlijke partij,

2. ASSURANCES CIC, met zetel te 67906 Strasbourg (Frankrijk) Cedex 9, rue du Wacken 34,

burgerlijke partij,

eisers,

tegen

1. GEMEENSCHAPPELIJK MOTORWAARBORGFONDS, reeds vermeld,

vrijwillig tussengekomen partij,

2. Y. T. D. D. L.,

beklaagde,

3. Filip SAEY bvba, reeds vermeld,

civielrechtelijk aansprakelijke partij,

verweerders.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

De cassatieberoepen zijn gericht tegen een vonnis in hoger beroep van de correctionele rechtbank te Dendermonde van 6 oktober 2010.

De eisers I, II en V voeren in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan.

De eisers III, IV en VI voeren geen middelen aan.

Raadsheer Geert Jocqué heeft verslag uitgebracht.

Eerste advocaat-generaal Marc De Swaef heeft geconcludeerd.

II. BESLISSING VAN HET HOF

Ontvankelijkheid van de cassatieberoepen van de eisers I en IV

1. Het bestreden vonnis wijst de vorderingen van de burgerlijke partijen af als ongegrond.

Het cassatieberoep van de eiser IV is niet ontvankelijk bij gebrek aan belang.

2. Uit de stukken waarop het Hof vermag acht te slaan, blijkt dat S. C. voor de appelrechters de vordering ingesteld door E. C. als zijn vertegenwoordiger, heeft hernomen gelet op zijn meerderjarigheid.

Het cassatieberoep van de eiser I handelend als vertegenwoordiger van S. C. is niet ontvankelijk.

Middel

3. Het middel voert schending aan van artikel 80, § 1, Controlewet Verzekeringen, zoals van kracht vóór de opheffing bij wet van 22 augustus 2002, artikel 19 Koninklijk Besluit 16 december 1981, zoals van kracht vóór de opheffing bij Koninklijk Besluit 11 juli 2003, artikel 19bis-11, § 1, WAM 1989, artikel 23 Koninklijk Besluit 11 juli 2003 en artikel 1138, 3° Gerechtelijk Wetboek: de appelrechters hebben de vorderingen van de eiser I, de eiser II en de eisers V gericht tegen het Gemeenschappelijk Motorwaarborgfonds ten onrechte ongegrond verklaard aangezien de beklaagden werden vrijgesproken omwille van een toevallig feit.

4. Krachtens de artikelen 3 en 4 Voorafgaande Titel Wetboek van Strafvordering kan de strafrechter slechts schadevergoeding toekennen aan de burgerlijke partij als de door die partij ingestelde rechtsvordering strekt tot vergoeding van de door een misdrijf veroorzaakte schade.

5. Krachtens artikel 80, § 1, eerste lid, 2°, Controlewet Verzekeringen, zoals ten deze van toepassing, kan elke benadeelde van het Gemeenschappelijk Waarborgfonds de vergoeding verkrijgen van de schade voortvloeiende uit lichamelijke letsels die door een motorrijtuig zijn veroorzaakt wanneer geen enkele verzekeringsonderneming tot die vergoeding verplicht is om reden van een toevallig feit waardoor de bestuurder van het voertuig dat het ongeval heeft veroorzaakt, vrijuit gaat.

De vergoedingsplicht van het Gemeenschappelijk Waarborgfonds is in dit geval gesteund op de voormelde wettelijke bepaling en niet op een inbreuk op de strafwet.

6. Hieruit volgt dat de rechtsvordering die gegrond is op deze verplichting, niet valt onder de bevoegdheid van de strafrechter, die alleen volgens de gemeenrechtelijke aansprakelijkheidsregels jegens de burgerlijke partijen uitspraak mag doen.

Het middel dat van een andere rechtsopvatting uitgaat, faalt naar recht.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt de cassatieberoepen.

Veroordeelt de eisers in de kosten van hun cassatieberoep.

Bepaalt de kosten in het geheel op 273,08 euro waarvan de eisers I, III, IV, V en VI elk 14,99 euro verschuldigd zijn en de eiser II 18,13 euro.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Etienne Goethals, als voorzitter, en de raadsheren Paul Maffei, Luc Van hoogenbemt, Geert Jocqué en Alain Bloch, en op de openbare rechtszitting van 6 december 2011 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Etienne Goethals, in aanwezigheid van eerste advocaat-generaal Marc De Swaef, met bijstand van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky.

Vrije woorden

  • Gemeenschappelijk Motorwaarborgfonds

  • Vergoedingsplicht

  • Grondslag