- Arrest van 13 januari 2012

13/01/2012 - C.11.0356.F

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1

Tenzij de aannemingsovereenkomst over bouwwerkzaamheden een andersluidend beding bevat, mag de algemene aannemer een beroep doen op onderaannemers voor de uitvoering van het geheel of een gedeelte van het werk waartoe hij zich ten aanzien van de opdrachtgever verbonden heeft (1). (1) Zie concl. O.M. in Pas. 2012 nr. ...


Arrest - Integrale tekst

Nr. C.11.0356.F

L. M.,

Mr. Jacqueline Oosterbosch, advocaat bij het Hof van Cassatie,

tegen

A-Z RÉNOVATION bvba,

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Luik van 14 oktober 2010.

Afdelingsvoorzitter Albert Fettweis heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal André Henkes heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDELEN

In het cassatieverzoekschrift waarvan een eensluidend verklaard afschrift bij dit arrest is gevoegd, voert de eiser twee middelen aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Eerste middel

Tenzij de aannemingsovereenkomst over bouwwerkzaamheden een andersluidend beding bevat, mag de algemene aannemer een beroep doen op onderaannemers voor de uitvoering van het geheel of een gedeelte van het werk waartoe hij zich ten aanzien van de opdrachtgever verbonden heeft.

De geldigheid van een aannemingsoverkomst met een algemene aannemer die geen toegang tot het beroep heeft voor het geheel of een gedeelte van het in de overeenkomst bedoelde werk, kan in de regel niet worden betwist wanneer de aannemer zich niet ertoe verbindt het werk waarvoor een toegang tot het beroep vereist is zelf uit te voeren, aangezien dat werk zal worden uitbesteed aan onderaannemers die wel over de vereiste vergunningen beschikken.

Het arrest dat de vordering tot nietigverklaring van de litigieuze aannemingsovereenkomst niet gegrond verklaart op grond dat "een aannemingsovereenkomst met een algemeen aannemer die niet over alle toegangen tot het beroep beschikt en die, voor de werkzaamheden waarvoor hij geen toegang tot het beroep [zou hebben], beslist een beroep te doen op onderaannemers, niet nietig is" en dat de eiser in dit geval niet aantoont dat de verweerster zelf werk zou hebben uitgevoerd waarvoor zij geen toegang tot het beroep had, schendt geen enkele van de in het middel vermelde wetsbepalingen.

Het middel kan niet worden aangenomen.

(...)

Dictum

Verwerpt het cassatieberoep.

Veroordeelt de eiser in de kosten.

Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, eerste kamer, te Brussel, door afdelingsvoorzitter Albert Fettweis, de raadsheren Sylviane Velu, Martine Regout, Mireille Delange en Michel Lemal, en in openbare terechtzitting van 13 januari 2012 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Albert Fettweis, in aanwezigheid van advocaat-generaal André Henkes, met bijstand van griffier Patricia De Wadripont.

Vertaling opgemaakt onder toezicht van raadsheer Beatrijs Deconinck en overgeschreven met assistentie van griffier Johan Pafenols.

De griffier, De raadsheer,

Vrije woorden

  • Algemene aannemer

  • Werkzaamheden

  • Onderaanneming

  • Vergunning