- Arrest van 16 februari 2012

16/02/2012 - F.11.0026.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
De houder van een zakelijk recht op een woning en/of gebouw dat, na beëindiging van de renovatiewerkzaamheden binnen de maximale schorsingsperiode, nog leegstaat kan genieten van een vrijstelling van de heffing gedurende twee jaar indien het gebouw en/of de woning alleen nog maar voorkomt op de lijst van de leegstaande woningen (1). (1) Zie de conclusie van het O.M.

Arrest - Integrale tekst

Nr. F.11.0026.N

VLAAMS GEWEST, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, in de persoon van de minister-president, voor wie optreedt de Vlaamse minister van Financiën, met kantoor te 1210 Brussel, Koning Albert II-laan 19,

eiser,

vertegenwoordigd door mr. John Kirkpatrick, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Keizerslaan 3, waar de eiser woonplaats kiest,

tegen

1. E.M.,

2. P.D'H.,

verweerders,

vertegenwoordigd door mr. Bruno Maes, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Central Plaza, Loksumstraat 25, waar de verweerders woonplaats kiezen.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Brussel van 13 mei 2009.

Advocaat-generaal Dirk Thijs heeft op 7 oktober 2011 een schriftelijke conclusie neergelegd.

Raadsheer Eric Stassijns heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Dirk Thijs heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDEL

De eiser voert in zijn verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

1. Krachtens het toepasselijke artikel 25 van het decreet van de Vlaamse Raad van 22 december 1995 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 1996 (hierna: Leegstandsdecreet) legt het Vlaams Gewest een heffing op met betrekking tot leegstaande of verwaarloosde gebouwen en leegstaande, verwaarloosde, ongeschikte of onbewoonbare woningen die opgenomen zijn in de inventaris, bedoeld in onderafdeling 3 van afdeling 2.

Krachtens artikel 26, eerste lid, Leegstandsdecreet is de heffing een eerste maal verschuldigd op het ogenblik dat het gebouw of de woning wordt opgenomen in de inventaris, bedoeld in onderafdeling 3.

Krachtens het tweede lid van dit artikel blijft de heffing verschuldigd zolang het gebouw of de woning niet is geschrapt uit de inventaris op het ogenblik van het verstrijken van elke nieuwe periode van twaalf maanden vanaf de datum van de eerste inschrijving.

2. Krachtens artikel 28, § 1, eerste lid, Leegstandsdecreet maakt de administratie een inventaris met afzonderlijke lijsten van:

- leegstaande gebouwen en/of woningen;

- ongeschikte en/of onbewoonbare woningen;

- verwaarloosde gebouwen en/of woningen.

3. Krachtens artikel 43, eerste lid, Leegstandsdecreet wordt de heffing geschorst van zodra de belastingplichtige een bouwvergunning voorlegt waaruit blijkt dat hij de nodige renovatiewerken gaat uitvoeren.

Krachtens het tweede lid van dit artikel eindigt de periode van schorsing op het moment dat de renovatiewerkzaamheden beëindigd zijn; zij kan niet langer duren dan 2 jaar, tenzij de renovatiewerkzaamheden betrekking hebben op 3 of meer gebouwen en/of woningen, of dermate omvangrijk zijn dat ze niet kunnen voltooid worden in 2 jaar, in welke gevallen de maximale periode 3 jaar bedraagt.

4. Krachtens het toepasselijke artikel 42, § 2, 4°, Leegstandsdecreet wordt de houder van een zakelijk recht vrijgesteld van de heffing voor de gebouwen en/of woningen die na de beëindiging van de renovatiewerkzaamheden binnen de maximale schorsingsperiode bedoeld in artikel 43, enkel nog voorkomen op de lijst van leegstaande gebouwen en/of woningen gedurende een periode van twee jaar volgend op het einde van de periode van schorsing.

Hieruit volgt dat de houder van een zakelijk recht op een woning en/of gebouw dat, na beëindiging van de renovatiewerkzaamheden binnen de maximale schorsingsperiode, nog leegstaat, kan genieten van een vrijstelling van de heffing gedurende twee jaar indien het gebouw en/of de woning enkel voorkomt op de lijst van de leegstaande woningen.

5. Het middel dat ervan uitgaat dat de vrijstelling van artikel 42, §2, 4°, Leegstandsdecreet enkel geldt als het gebouw en/of de woning aanvankelijk op meerdere lijsten voorkwam, faalt naar recht.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt het cassatieberoep.

Veroordeelt de eiser in de kosten.

Bepaalt de kosten voor de eiser op 156,26 euro en voor de verweerders op 124,05 euro.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, en de raadsheren Eric Stassijns, Alain Smetryns, Koen Mestdagh en Geert Jocqué, en in openbare rechtszitting van 16 februari 2012 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Eric Dirix, in aanwezigheid van advocaat-generaal Dirk Thijs, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche.

Vrije woorden

  • Gewestbelastingen

  • Vlaams Gewest

  • Leegstandsheffing

  • Vrijstelling van de heffing

  • Renovatiewerkzaamheden