- Arrest van 19 april 2012

19/04/2012 - F.11.0061.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Een krachtens een verzekeringsovereenkomst toegekende vergoeding is op grond van artikel 34, § 1, 1°bis, van het WIB(1992) belastbaar als ze een werkelijke en blijvende derving van bezoldigingen volledig of gedeeltelijk herstelt.

Arrest - Integrale tekst

Nr. F.11.0061.N

BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Financiën, voor wie optreedt de gewestelijke directeur der directe belastingen te Brugge, met kantoor te 8000 Brugge, G. Vincke-Dujardinstraat 4,

eiser,

tegen

R.M.,

verweerder,

met als raadsman mr. Didier Jaecques, advocaat bij de balie te Brugge, met kantoor te 8200 Brugge (Sint-Andries), Dirk Martensstraat 23.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent van 21 december 2010.

Raadsheer Geert Jocqué heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Dirk Thijs heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDELEN

De eiser voert in zijn verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Tweede middel

1. Artikel 34, § 1, 1°bis, WIB92 bepaalt dat pensioenen, renten en als zodanig geldende toelagen, ongeacht de schuldenaar, de verkrijger of de benaming ervan en de wijze waarop ze worden vastgesteld en toegekend, "pensioenen en lijfrenten of tijdelijke renten, alsmede als zodanig geldende toelagen, die het gehele of gedeeltelijke herstel van een bestendige derving van winst, bezoldigingen of baten uitmaken" omvatten.

Hieruit volgt dat een krachtens een verzekeringsovereenkomst toegekende vergoeding belastbaar is als ze een werkelijke en blijvende derving van bezoldigingen volledig of gedeeltelijk herstelt.

2. De appelrechters oordelen dat:

- de verweerder de detaxatie vraagt van de uitkeringen die het gevolg zijn van een ongeneeslijke oogziekte;

- de verweerder ingevolge deze ziekte aanvankelijk gedeeltelijk arbeids-ongeschikt werd verklaard en nadien op brugpensioen werd gestuurd;

- de verzekerde geen inkomstenverlies moet lijden en de uitgekeerde vergoeding niet moet worden gekwalificeerd als een vervangingsinkomen om niet belastbaar te zijn.

3. Door op deze gronden te oordelen dat de aanslagen voor de aanslagjaren 1998 en 2003 moeten herberekend worden rekening houdend met de verzekeringsuitkeringen wegens een gedeeltelijk arbeidsongeschiktheid, zonder na te gaan of deze uitkeringen al dan niet een werkelijke en blijvende derving van bezoldigingen volledig of gedeeltelijk herstellen, verantwoorden de appelrechters hun beslissing niet naar recht.

Het middel is gegrond.

Overige grieven

4. De overige grieven kunnen niet tot ruimere cassatie leiden en behoeven mitsdien geen antwoord.

Dictum

Het Hof,

Vernietigt het bestreden arrest in zoverre het uitspraak doet over de aanslagjaren 1998 en 2003 en over de kosten.

Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde arrest.

Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent aan de feitenrechter over.

Verwijst de zaak naar het hof van beroep te Antwerpen.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit waarnemend eerste voorzitter Edward Forrier, als voorzitter, afdelingsvoorzitter Eric Dirix, en de raadsheren Beatrijs Deconinck, Alain Smetryns en Geert Jocqué, en in openbare rechtszitting van 19 april 2012 uitgesproken door waarnemend eerste voorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal Dirk Thijs, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche.

Vrije woorden

  • Verzekeringsovereenkomst

  • Vergoeding

  • Belastbaarheid