- Arrest van 10 mei 2012

10/05/2012 - C.11.0559.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1

Conclusie van advocaat-generaal Dubrulle.


Arrest - Integrale tekst

Nr. C.11.0559.N

TRAVHYDRO nv, met zetel te 6001 Marcinelle, Emile Rousseauxlaan 40,

eiseres,

vertegenwoordigd door mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Quatre Brasstraat 6, waar de eiseres woonplaats kiest,

tegen

1. ENTREPRISES EFAC ONDERNEMINGEN nv, met zetel te 7850 Edingen, Werkplaatsenstraat 3,

2. GENERALI BELGIUM nv, met zetel te 1050 Brussel, Louizalaan 149/1,

verweersters,

vertegenwoordigd door mr. Bruno Maes, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Central Plaza, Loksumstraat 25, waar de verweersters woonplaats kiezen,

en mede in zake

AXA BELGIUM nv, met zetel te 1170 Watermaal-Bosvoorde, Vorstlaan 25,

partij opgeroepen in bindendverklaring van het arrest.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen de arresten van het hof van beroep te Antwerpen van 14 oktober 2009 en 29 september 2010.

Advocaat-generaal Guy Dubrulle heeft op 3 april 2012 een schriftelijke conclusie neergelegd.

Afdelingsvoorzitter Eric Dirix heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Guy Dubrulle heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDEL

De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Ontvankelijkheid van het cassatieberoep

1. De verweersters voeren aan dat het cassatieberoep niet ontvankelijk is omdat het bestreden arrest van 29 september 2010 aan de eiseres is betekend aan haar maatschappelijke zetel te Marcinelle en het cassatieberoep, dat door de eiseres op 10 augustus 2011 betekend werd, laattijdig is.

2. Artikel 39, eerste lid, Gerechtelijk Wetboek, bepaalt dat wanneer de geadresseerde bij een lasthebber woonplaats heeft gekozen, de betekening en de kennisgeving aan die woonplaats mogen geschieden.

Die bepaling legt niet de verplichting op om de betekening te doen aan de bij een lasthebber gekozen woonplaats wanneer de geadresseerde in België woont, verblijft of gevestigd is.

De betekening van de bestreden beslissing aan de in België gelegen maatschappelijke zetel doet derhalve de termijn van drie maanden, bepaald in artikel 1073 Gerechtelijk Wetboek, in beginsel lopen.

3. De eiseres voert aan dat de betekening op 31 december 2010 aan haar maatschappelijke zetel door rechtsmisbruik is aangetast.

De grond van niet-ontvankelijkheid werpt aldus een feitelijke vraag op die het Hof kan onderzoeken, aangezien de regelmatigheid van het cassatieberoep ervan afhangt.

4. Uit de stukken waarop het Hof vermag acht te slaan, blijkt dat:

- de bestreden arresten van 14 oktober 2009 en 29 september 2010 zowel de maatschappelijke zetel van de eiseres te Marcinelle vermelden als haar uitbatingszetel te Antwerpen en de woonstkeuze bij haar raadsman;

- dezelfde vermeldingen ook voorkomen in de conclusies van de eiseres voor het hof van beroep en in het vonnis van de rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen van 22 juni 2007;

- bij de betekening aan de maatschappelijke zetel van de eiseres te Marcinelle op 31 december 2010 om 10u, de gerechtsdeurwaarder aldaar een afschrift heeft achtergelaten met melding dat hij de eiseres een per post aangetekende brief zal zenden om gebeurlijk nog een eensluidend afschrift van het exploot op zijn kantoor te komen afhalen;

- de bedoelde brief aangetekend werd verzonden naar de maatschappelijke zetel van de eiseres op 3 januari 2011.

5. Uit de gegevens en de omstandigheden van de zaak blijkt niet dat de betekening van 31 december 2010 aan de maatschappelijke zetel van de eiseres rechtsmisbruik uitmaakt.

De betekening doet derhalve de in artikel 1073 Gerechtelijk Wetboek bedoelde termijn lopen.

Het cassatieberoep ingesteld bij een op 12 augustus 2011 neergelegd verzoekschrift, is niet ontvankelijk.

Het middel van niet-ontvankelijkheid is gegrond.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt het cassatieberoep.

Veroordeelt de eiseres in de kosten.

Bepaalt de kosten voor de eiseres op 875,14 euro en voor de verweersters 1 en 2 op 149,04 euro.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit afdelingsvoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, en de raadsheren Eric Stassijns, Beatrijs Deconinck, Alain Smetryns en Koen Mestdagh, en in openbare rechtszitting van 10 mei 2012 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Eric Dirix, in aanwezigheid van advocaat-generaal Guy Dubrulle, met bijstand van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky.

Vrije woorden

  • Bestreden beslissing

  • Betekening aan maatschappelijke zetel

  • Cassatieberoep

  • Aard van de vraag

  • Onderzoek door het Hof