- Arrest van 22 mei 2012

22/05/2012 - P.11.1827.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Wanneer niemand zich burgerlijke partij heeft gesteld, het bestreden vonnis geen uitspraak heeft gedaan over het beginsel van aansprakelijkheid en enkel de burgerlijke belangen worden aangehouden van een schadelijder die niet in de zaak betrokken is, is dergelijke beslissing een eindbeslissing en bestaat er geen grond om akte te verlenen aan de beklaagde van afstand zonder berusting van zijn cassatieberoep (1). (1) Zie Cass. 27 maart 2012, AR P.11.1739.N, AC 2012, nr.… met concl. O.M.

Arrest - Integrale tekst

Nr. P.11.1827.N

J B P,

beklaagde,

eiser,

met als raadsman mr. Geert De Peyper, advocaat bij de balie te Brussel.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de correctionele rechtbank te Dendermonde van 12 oktober 2011.

De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan.

Hij doet ook zonder berusting afstand van zijn cassatieberoep in zoverre dit gericht is tegen de niet-definitieve beslissing de burgerlijke belangen aan te houden, met uitzondering van de beslissing over het beginsel van aansprakelijkheid.

Raadsheer Luc Van hoogenbemt heeft verslag uitgebracht.

Eerste advocaat-generaal Marc De Swaef heeft geconcludeerd.

II. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Afstand

1. De eiser doet afstand zonder berusting van zijn cassatieberoep in zoverre dit gericht is tegen de niet-definitieve beslissing de burgerlijke belangen aan te houden, met uitzondering van de beslissing over het beginsel van aansprakelijkheid.

2. Niemand stelde zich burgerlijke partij in zake. Het bestreden vonnis heeft geen uitspraak gedaan over het beginsel van aansprakelijkheid. Het houdt enkel de burgerlijke belangen aan van een schadelijder die niet in de zaak betrokken is.

Dergelijke beslissing is een eindbeslissing.

Er bestaat geen grond om akte te verlenen van een afstand die door dwaling is aangetast.

Middel

3. Het middel voert schending aan van de artikelen 1319, 1320 en 1322 Burgerlijk Wetboek: de appelrechters die de eiser met miskenning van de bewijskracht van het proces-verbaal nr. DE.85.LB.302829/2009 van 14 december 2009 schuldig verklaren, verantwoorden hun beslissing niet naar recht.

4. Het bestreden vonnis legt het bedoelde stuk niet uit. Het miskent mitsdien de bewijskracht ervan niet.

Het middel mist feitelijke grondslag.

Ambtshalve onderzoek van de beslissing op de strafvordering

5. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt het cassatieberoep.

Veroordeelt de eiser in de kosten.

Bepaalt de kosten op 79,07 euro.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Paul Maffei, als waarnemend voorzitter, en de raadsheren Luc Van hoogenbemt, Alain Bloch, Peter Hoet en Antoine Lievens, en op de openbare rechtszitting van 22 mei 2012 uitgesproken door waarnemend voorzitter Paul Maffei, in aanwezigheid van eerste advocaat-generaal Marc De Swaef, met bijstand van griffier Frank Adriaensen.

Vrije woorden

  • Geen gestelde burgerlijke partij

  • Aanhouden der burgerlijke belangen door rechter

  • Eindbeslissing