- Arrest van 19 juni 2012

19/06/2012 - P.12.0362.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Het gebruik van de informatie, verkregen door een technisch hulpmiddel waarover een derde beschikt en waarvan hij de gegevens die het verzamelt, ter beschikking stelt van de opsporingsdiensten, is geen observatie waarbij door een politieambtenaar technische hulpmiddelen worden aangewend en waarvoor een machtiging is vereist.

Arrest - Integrale tekst

Nr. P.12.0362.N

CHINA SHIPPING AGENCY (BELGIUM) bvba, met zetel te 2030 Antwer-pen, Noorderlaan 133,

inverdenkinggestelde,

eiseres,

met als raadsman mr. Filiep Deruyck, advocaat bij de balie te Antwerpen,

tegen

BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Financiën, met kantoor te 1040 Brussel, Wetstraat 14, voor wie optreedt de directeur der douane en accijnzen, met kantoor te 2060 Antwerpen, Kattendijkdok-Oostkaai 22,

vervolgende partij,

verweerder.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwer-pen, kamer van inbeschuldigingstelling, van 16 februari 2012.

De eiseres voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan.

Raadsheer Luc Van hoogenbemt heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Patrick Duinslaeger heeft geconcludeerd.

II. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Middel

1. Het middel voert schending aan van artikel 47sexies Wetboek van Strafvor-dering: het arrest oordeelt ten onrechte dat het gebruik van het geautomatiseerde "tracking and tracing"-systeem van de terminaluitbater waardoor de opsporings-ambtenaren van de administratie der douane en accijnzen de containers hebben gevolgd, geen technisch hulpmiddel is in de zin van de wet; het feit dat het om een lokalisatiesysteem gaat dat door de betrokken bedrijven vrijwillig ter beschik-king werd gesteld van de opsporingsambtenaren, doet geen afbreuk aan het feit dat dergelijke lokalisatieapparatuur een technisch hulpmiddel is in de zin van arti-kel 47sexies, § 1, derde lid, Wetboek van Strafvordering.

2. Artikel 47sexies, § 1, eerste lid, Wetboek van Strafvordering bepaalt dat het stelselmatig waarnemen door een politieambtenaar van één of meerdere personen, hun aanwezigheid of gedrag, of van bepaalde zaken, plaatsen of gebeurtenissen een observatie is in de zin van dit wetboek.

Het tweede lid van dit artikel bepaalt dat een observatie waarbij technische hulp-middelen worden aangewend, een stelselmatige observatie is in de zin van het Wetboek van Strafvordering.

Het derde lid definieert een technisch hulpmiddel in de zin van dit wetboek als een configuratie van componenten die signalen detecteert, deze transporteert, hun registratie activeert en de signalen registreert, met uitzondering van de technische middelen die worden aangewend om een maatregel als bedoeld in artikel 90ter uit te voeren.

3. Het gebruik van de informatie, verkregen door een technisch hulpmiddel waarover een derde beschikt en waarvan hij de gegevens die het verzamelt, ter be-schikking stelt van de opsporingsdiensten, is geen observatie waarbij door een po-litieambtenaar technische hulpmiddelen worden aangewend en waarvoor een machtiging is vereist.

Het middel faalt in zoverre naar recht.

4. De appelrechters stellen onaantastbaar vast en oordelen dat:

- de containers in Zeebrugge van het schip werden gehaald en verder per trein naar Antwerpen werden gevoerd, alwaar de ontscheping in de haven plaats-had;

- de betrokken privébedrijven de containers zowel op zee als op land konden volgen via een "tracking and tracing"-computersysteem, wat een geautomati-seerd computersysteem is van de terminaluitbater die de inlichtingen verkreeg via een beveiligde internetverbinding;

- niettegenstaande de privébedrijven de verzameling van deze gegevens beveili-gen voor de buitenwereld, niets hen belet om die gegevens te delen met der-den, waaronder ook de politiediensten.

De appelrechters verantwoorden aldus hun beslissing naar recht dat het op basis van die gegevens lokaliseren van de containers geen stelselmatige observatie is waarvoor een machtiging is vereist.

Het middel kan in zoverre niet worden aangenomen.

Ambtshalve onderzoek van de beslissing

5. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt het cassatieberoep.

Veroordeelt de eiseres tot de kosten.

Bepaalt de kosten op 82,20 euro.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samen-gesteld uit afdelingsvoorzitter Edward Forrier, als voorzitter, en de raadsheren Luc Van hoogenbemt, Alain Bloch, Peter Hoet en Antoine Lievens, en op de openbare rechtszitting van 19 juni 2012 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Edward Forrier, in aanwezigheid van advocaat-generaal Patrick Duinslaeger, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche.

Vrije woorden

  • Bijzondere opsporingsmethode observatie

  • Volgen van containers

  • Gebruik door een derde van een "tracking en tracing"-computersysteem

  • Informatie door de derde ter beschikking gesteld van de opsporingsdiensten

  • Artikel 47sexies Wetboek van Strafvordering

  • Observatie met technisch hulpmiddel

  • Toepasselijkheid