- Arrest van 10 september 2012

10/09/2012 - S.11.0102.F

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Artikel 58, §§ 1 en 2, van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn sluit niet uit dat uit de weigering van een openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn tot inschrijving van een aanvraag voor maatschappelijk dienstverlening kan worden afgeleid dat dat centrum de gevraagde dienstverlening weigert.

Arrest - Integrale tekst

Nr. S.11.0102.F

OPENBAAR CENTRUM VOOR MAATSCHAPPELIJK WELZIJN VAN BRUSSEL,

Mr. Michèle Grégoire, advocaat bij het Hof van Cassatie,

tegen

1. D. S., in de hoedanigheid van wettelijk vertegenwoordiger van haar minderjari-ge kinderen A.O.S en O.S.,

Mr. T'Kint, advocaat bij het Hof van Cassatie,

2. FEDERAAL AGENTSCHAP VOOR DE OPVANG VAN ASIELZOE-KERS, afgekort FEDASIL,

Mr. Wouters, advocaat bij het Hof van Cassatie.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het arbeidshof te Brussel van 19 mei 2011.

Raadsheer Mireille Delange heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal met opdracht Michel Palumbo heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDELEN

De eiser voert in zijn verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Eerste middel

(...)

Tweede en derde onderdeel samen

De onderdelen verwijten het arrest dat het oordeelt dat de weloverwogen weige-ring van de eiser om de aanvraag voor maatschappelijke dienstverlening van de eerste verweerster in aanmerking te nemen, moest worden gelijkgesteld met een beslissing tot weigering van die maatschappelijke dienstverlening hoewel de eiser die hulp niet uitdrukkelijk geweigerd had en minder dan één maand verstreken was te rekenen van de ontvangst van de aanvraag.

Artikel 58, § 1, eerste lid, OCMW-wet bepaalt dat een aanvraag betreffende maat-schappelijke dienstverlening, waarover het centrum een beslissing moet nemen, de dag van haar ontvangst, chronologisch ingeschreven wordt, in het daartoe door het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn gehouden register. Het tweede en derde lid van die paragraaf regelen de vorm voor de steunaanvraag. Artikel 58, § 2, bepaalt dat het centrum dezelfde dag aan de aanvrager een ontvangstbewijs zendt of overhandigt.

Luidens artikel 71, eerste lid, OCMW-wet kan eenieder bij de arbeidsrechtbank in beroep gaan tegen een beslissing inzake individuele dienstverlening te zijnen op-zichte genomen door de raad van het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn of door één van de organen aan wie de raad bevoegdheden heeft overge-dragen. Het tweede lid bepaalt dat hetzelfde geldt wanneer één der organen van het centrum één maand, te rekenen van de ontvangst van het verzoek, heeft laten verstrijken zonder een beslissing te nemen.

Artikel 58, § 1 en 2, OCMW-wet sluit niet uit dat uit de weigering van een open-baar centrum voor maatschappelijk welzijn om een aanvraag voor maatschappelijk dienstverlening in te schrijven kan worden afgeleid dat dit centrum de gevraagde dienstverlening weigert.

De artikelen 17, 18, 580, 8°, d), Gerechtelijk Wetboek en 71, eerste en tweede lid, OCMW-wet sluiten niet uit dat een weigering tot maatschappelijke dienstverle-ning uit andere omstandigheden kan worden afgeleid dan uit de omstandigheden als beoogd in voornoemd artikel 71, tweede lid.

In zoverre de onderdelen uitgaan van het tegendeel, falen ze naar recht.

Voor het overige zijn de onderdelen gericht tegen de interpretatie die het arrest aan de houding van de eiser geeft. In zoverre komen zij eigenlijk neer op een kri-tiek van de feitelijke beoordeling door de rechter en zijn ze bijgevolg niet ontvan-kelijk.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt de voorziening.

Veroordeelt de eiser in de kosten.

Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, derde kamer, te Brussel, door voor-zitter Christian Storck, de raadsheren Didier Batselé, Sylviane Velu, Alain Simon en Mireille Delange, en in openbare terechtzitting van 10 september 2012 uitge-sproken door voorzitter Christian Storck, in aanwezigheid van advocaat-generaal met opdracht Michel Palumbo, met bijstand van griffier Fabienne Gobert.

Vertaling opgemaakt onder toezicht van raadsheer Koen Mestdagh en overge-schreven met assistentie van griffier Johan Pafenols.

De griffier, De raadsheer,

Vrije woorden

  • Beslissing

  • Weigering van inschrijving

  • Weigering van maatschappelijke dienstverlening