- Arrest van 12 september 2012

12/09/2012 - P.12.1309.F

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Hoewel het gebrek aan motivering van een beslissing tot verwijzing een onregelmatigheid of verzuim is als bedoeld in artikel 135, §2, van het Wetboek van Strafvordering, geldt dit niet voor het niet-beantwoorden van een conclusie of een grief die aanvoeren dat het arrest tegenstrijdig of ontoereikend is.

Arrest - Integrale tekst

Nr. P.12.1309.F

S. W.,

Mrs. Jean-Paul Reynders, advocaat bij de balie te Luik, en Marguerite de Callataÿ, advocaat bij de balie te Brussel.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Luik, ka-mer van inbeschuldigingstelling, van 28 juni 2012.

De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan.

Raadsheer Gustave Steffens heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Raymond Loop heeft geconcludeerd.

II. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

A. In zoverre het cassatieberoep gericht is tegen de beslissing die uitspraak doet met toepassing van de artikelen 135 en 235bis Wetboek van Strafvorde-ring

De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen.

B. In zoverre het cassatieberoep gericht is tegen de beslissing waarbij de eiser naar het hof van assisen wordt verwezen

Eerste middel

Hoewel het gebrek aan motivering van een beslissing tot verwijzing een onregel-matigheid of verzuim is als bedoeld in artikel 135, § 2, Wetboek van Strafvorde-ring, geldt dit niet voor het niet-beantwoorden van een conclusie of een grief die beweert dat het arrest tegenstrijdig of ontoereikend is.

Het middel betwist niet dat het arrest het bestaan van voldoende bezwaren wegens moord bevestigt. Het beperkt zich ertoe de kamer van inbeschuldigingstelling te verwijten dat zij de bezwaren betreffende de verzwarende omstandigheid van voorbedachte rade niet heeft gepreciseerd en dat zij die in aanmerking heeft genomen terwijl ze tegelijkertijd de besluiten van een deskundige aanhaalt die volgens de eiser de voorbedachte rade uitsluiten.

Het middel behoort niet tot de grieven die krachtens de wet aangevoerd kunnen worden tot staving van het onmiddellijk cassatieberoep tegen het verwijzingsarrest en is bijgevolg niet ontvankelijk.

Het arrest bevat bovendien geen enkele wetschending of nietigheid waarvan het Hof, in de huidige stand van de zaak, kennis moet nemen.

C. In zoverre het cassatieberoep gericht is tegen de beslissing waarbij de ge-vangenneming van de eiser wordt bevolen

Tweede middel

De eiser verwijt de kamer van inbeschuldigingstelling dat zij de onmiddellijke tenuitvoerlegging van zijn gevangenneming heeft bevolen, zonder dat zij nauw-keurig op zijn conclusie heeft geantwoord.

Nadat de kamer van inbeschuldigingstelling gewezen heeft op het feit dat de eiser herhaalde zware slagen ten laste zijn gelegd, op de hevigheid waarmee de wurging is uitgevoerd, op het verbergen van de bloedsporen en op zijn narcistische per-soonlijkheid, heeft zij geoordeeld dat er grond was om, gezien de gegevens eigen aan de zaak, de vereisten van openbare veiligheid en het gevaar dat de inverden-kinggestelde oplevert, de onmiddellijke tenuitvoerlegging te bevelen die het openbaar ministerie gevorderd heeft.

Met die overwegingen, die uitleggen waarom de kamer van inbeschuldiging-stelling geweigerd heeft de invrijheidstelling onder voorwaarden in te willigen waarom de eiser verzocht, omkleedt zij haar beslissing regelmatig met redenen en verantwoordt zij die beslissing naar recht.

Het middel kan niet worden aangenomen.

De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt het cassatieberoep.

Veroordeelt de eiser tde kosten.

Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, tweede kamer, te Brussel, door afdelingsvoorzitter ridder Jean de Codt, de raadsheren Benoît Dejemeppe, Pierre Cornelis, Gustave Steffens en Françoise Roggen, en in openbare terechtzitting van 12 september 2012 uitgesproken door afdelingsvoorzitter ridder Jean de Codt, in aanwezigheid van advocaat-generaal Raymond Loop, met bijstand van griffier Tatiana Fenaux.

Vertaling opgemaakt onder toezicht van raadsheer Francis en overgeschreven met assistentie van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky.

De afgevaardigd griffier, De raadsheer,

Vrije woorden

  • Beslissing tot verwijzing

  • Onregelmatigheid of verzuim

  • Gebrek aan motivering