- Arrest van 6 november 2012

06/11/2012 - P.12.0363.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Voor de toepassing van artikel 33, §2, Wegverkeerswet is niet vereist dat de bestuurder, die, wetende dat zijn voertuig op een openbare plaats oorzaak dan wel aanleiding tot een ongeval is geweest, de vlucht neemt om zich aan de dienstige vaststellingen te onttrekken, daarenboven weet dat het ongeval voor een ander slagen, verwondingen of de dood tot gevolg heeft gehad (1). (1) Cass. 7 okt. 1986, AR 857, AC 1986-1987, nr. 68.

Arrest - Integrale tekst

Nr. P.12.0363.N

S. J. A. M.,

beklaagde,

eiseres,

met als raadsman mr. Joost Peeters, advocaat bij de balie te Antwerpen.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de correctionele rechtbank te Antwerpen van 23 januari 2012.

De eiseres voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan.

Raadsheer Peter Hoet heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Marc Timperman heeft geconcludeerd.

II. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Middel

1. Het middel voert schending aan van artikel 149 Grondwet en van artikel 33 Wegverkeerswet, evenals miskenning van het algemeen rechtsbeginsel "unus testis, nullus testis": er is sprake van tegenstrijdige verklaringen en slechts één getuige legt een voor de eiseres belastende verklaring af; één geïsoleerde verklaring, die geen steun vindt in ander bewijsmateriaal is onvoldoende om de eiseres te veroordelen; minstens is er twijfel en geldt het in dubio pro reo-beginsel; het be-streden vonnis is fout en tegenstrijdig gemotiveerd; het vluchtmisdrijf vereist de kennis van betrokkenheid bij een ongeval met gekwetsten; slechts een week na het ongeval verklaarde een inzittende door het ongeval te zijn verwond; de eiseres heeft zich nooit wetens en willens onttrokken aan enige vaststelling noch aan enig gekwetst persoon; minstens diende de telastlegging te worden heromschreven naar een inbreuk op artikel 52 Wegverkeersreglement.

2. Behoudens andersluidende, te dezen niet toepasselijke wettelijke bepaling, beoordelen de rechters in feite, mitsdien onaantastbaar, de bewijswaarde van de hen overgelegde gegevens waarover de partijen verweer hebben kunnen voeren.

Niets belet hen daartoe geloof te hechten aan een bepaalde verklaring en de ande-re, zelfs daarmee strijdige verklaringen te verwerpen.

In zoverre faalt het middel naar recht.

3. Het middel preciseert niet hoe en waardoor het bestreden vonnis tegenstrij-dig is gemotiveerd.

In zoverre is het middel onnauwkeurig en mitsdien eveneens niet ontvankelijk.

4. Voor de toepassing van artikel 33, § 2, Wegverkeerswet is niet vereist dat de bestuurder, die, wetende dat zijn voertuig op een openbaar plaats oorzaak dan wel aanleiding tot een ongeval is geweest, de vlucht neemt om zich aan de dienstige

vaststellingen te onttrekken, daarenboven weet dat het ongeval voor een ander slagen, verwondingen of de dood tot gevolg heeft gehad.

Het middel dat van een andere rechtsopvatting uitgaat, faalt in zoverre naar recht.

5. Voor het overige komt het middel op tegen de onaantastbare feitelijke be-oordeling van de rechter of vereist het een onderzoek van feiten, waarvoor het Hof niet bevoegd is, en is het in zoverre niet ontvankelijk.

Ambtshalve onderzoek van de beslissing op de strafvordering

6. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt het cassatieberoep.

Veroordeelt de eiseres tot de kosten.

Bepaalt de kosten op 57,92 euro.

K. Vanden Bossche

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samen-gesteld uit eerste voorzitter Etienne Goethals, als voorzitter, en de raadsheren Filip Van Volsem, Alain Bloch, Peter Hoet en Antoine Lievens, en op de openbare rechtszitting van 6 november 2012 uitgesproken door eerste voorzitter Etienne Goethals, in aanwezigheid van advocaat-generaal met opdracht André Van Ingel-gem, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche.

A. Lievens P. Hoet

A. Bloch F. Van Volsem

E. Goethals

Vrije woorden

  • Vluchtmisdrijf

  • Bestanddelen