- Arrest van 28 november 2012

28/11/2012 - P.12.1054.F

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Tenzij de overschrijdingen van de wettelijk toegestane snelheid door automatisch werkende toestellen zijn vastgesteld, waardoor ze bij artikel 62 van de Wegverkeerswet aan een bijzonder bewijsmiddel zijn onderworpen, worden ze door de strafrechter in feite beoordeeld, gesteund op de hem regelmatig voorgelegde gegevens waarover de partijen vrij tegenspraak hebben kunnen voeren; het feit alleen dat de rechter de mate van de overschrijding niet nauwkeurig vaststelt, belet hem niet te oordelen of de telastlegging al dan niet verantwoord is (1). (1) Zie Cass. 2 maart 2011, AR P.10.0586, AC 2011, nr. 175.

Arrest - Integrale tekst

Nr. P.12.1054.F

G. L.,

Mr. Isabelle Baldo, advocaat bij de balie te Luik.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de correctionele rechtbank te Hoei van 4 mei 2012.

De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan.

Afdelingsvoorzitter Frédéric Close heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Damien Vandermeersch heeft geconcludeerd.

II. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Eerste middel

Tenzij de overschrijdingen van de wettelijk toegestane snelheid door automatisch werkende toestellen zijn vastgesteld en artikel 62 Wegverkeerswet dienvolgens een bijzonder bewijsmiddel voorschrijft, worden ze door de strafrechter in feite beoordeeld, op basis van de hem regelmatig voorgelegde gegevens waarover de partijen vrij tegenspraak hebben kunnen voeren.

Het feit alleen dat de rechter de mate van de overschrijding niet nauwkeurig vast-stelt, belet hem niet het al dan niet bestaan van de inbreuk te beoordelen.

Het middel dat van het tegendeel uitgaat, faalt naar recht.

Tweede middel

Geen enkele wettelijke bepaling verbiedt de rechter om de snelheid van een voer-tuig af te leiden uit de vaststellingen van een bevoegd agent, die met name ge-grond zijn op de aanwijzingen van een tachograaf.

Aangezien dat meetwerktuig wettig geen bijzonder bewijsmiddel uitmaakt, is het niet onderworpen aan de ijkverrichtingen die bij artikel 16 IJkwet zijn opgelegd.

Het middel faalt naar recht.

Ambtshalve onderzoek van de beslissing over de strafvordering

De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt het cassatieberoep.

Veroordeelt de eiser tot de kosten.

Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, tweede kamer, te Brussel, door afdelingsvoorzitter Frédéric Close, de raadsheren Benoît Dejemeppe, Pierre Cornelis, Gustave Steffens en Françoise Roggen, en in openbare terechtzitting van 28 november 2012 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Frédéric Close, in aanwezigheid van advocaat-generaal Damien Vandermeersch, met bijstand van griffier Tatiana Fenaux.

Vertaling opgemaakt onder toezicht van raadsheer Luc Van hoogenbemt en overgeschreven met assistentie van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky.

De afgevaardigd griffier, De raadsheer,

Vrije woorden

  • Snelheidsovertreding

  • Bewijs

  • Vaststellingen door automatisch werkende toestellen

  • Ander bewijsmateriaal

  • Inaanmerkingneming door de rechter

  • Voorwaarde

  • Verplichting om de snelheid nauwkeurig te bepalen