- Arrest van 21 december 2012

21/12/2012 - D.12.0011.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
De beslissing van de raad van beroep van de Orde der geneesheren, waarbij aan een geneesheer een schorsing wordt opgelegd voor langer dan één jaar, die vermeldt dat ze werd gewezen met de 'vereiste meerderheid van stemmen', laat niet toe uit te maken of de beslissing werd genomen bij gewone meerderheid van stemmen dan wel bij de door artikel 32, tweede lid, van het KB van 6 februari 1970, vereiste meerderheid van minstens twee derde der stemmen, zodat het Hof zijn wettigheidstoezicht niet kan uitoefenen.

Arrest - Integrale tekst

Nr. D.12.0011.N

X.,

eiser,

vertegenwoordigd door mr. Pierre van Ommeslaghe, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1050 Brussel, Louizalaan 106, waar de eiser woonplaats kiest,

tegen

ORDE DER GENEESHEREN, publiekrechtelijk rechtspersoon, met zetel te 1030 Brussel, de Jamblinne de Meuxplein 35,

verweerster.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen de beslissing van de raad van beroep van de Orde der geneesheren van 5 maart 2012.

Raadsheer Alain Smetryns heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Dirk Thijs heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDEL

De eiser voert in zijn verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Ontvankelijkheid van het cassatieberoep

1. Het openbaar ministerie werpt ambtshalve een middel van niet-ontvankelijkheid op van het cassatieberoep, waarvan overeenkomstig artikel 1097, eerste lid, Gerechtelijk Wetboek kennis werd gegeven: het cassatieberoep werd niet ter kennis gebracht van de Minister tot wiens bevoegdheid de Volksgezond-heid behoort, van de voorzitter van de nationale raad en van een ondervoorzitter.

2. Krachtens artikel 26, 2°, van het koninklijk besluit nr. 79 van 10 november 1967 betreffende de Orde der geneesheren wordt het cassatieberoep per aangete-kend stuk en binnen een termijn van vijftien dagen ter kennis gebracht van de Mi-nister tot wiens bevoegdheid de Volksgezondheid behoort, van de voorzitter van de nationale raad en van een ondervoorzitter. Het verzuim dit voorschrift na te le-ven, kan worden geregulariseerd.

3. De eiser heeft de stukken neergelegd waaruit blijkt dat hij thans de voorge-schreven kennisgevingen heeft verricht.

Het middel van niet-ontvankelijkheid van het cassatieberoep moet worden ver-worpen.

Middel

4. Krachtens artikel 26, tweede lid, van het koninklijk besluit van 6 februari 1970 tot regeling van de organisatie en de werking der raden van de Orde der ge-neesheren wordt de beslissing van de provinciale raad gewezen bij meerderheid van stemmen. De beslissingen houdende schrapping op de lijst van de Orde of de schorsing voor langer dan één jaar, van het recht om de geneeskundige praktijk uit te oefenen worden evenwel gewezen bij meerderheid van minstens twee derde der stemmen.

Krachtens artikel 32, eerste lid, van voormeld koninklijk besluit beraadslaagt en beslist de raad van beroep volgens de regels bepaald bij artikel 12 van dit besluit.

Krachtens artikel 32, tweede lid, van dit besluit is nochtans een meerderheid van twee derde vereist om de schrapping uit de lijst van de Orde of om de schorsing voor meer dan één jaar uit te spreken.

5. De bestreden beslissing van de raad van beroep, waarbij aan de eiser een schorsing wordt opgelegd van 20 maanden, vermeldt dat ze werd gewezen met de "vereiste meerderheid van stemmen".

6. Deze vermelding laat niet toe uit te maken of de beslissing werd genomen bij gewone meerderheid van stemmen dan wel bij meerderheid van minstens twee derde der stemmen zodat het Hof zijn wettigheidstoezicht niet kan uitoefenen.

In zoverre het middel de schending aanvoert van artikel 149 Grondwet, is het ge-grond.

Dictum

Het Hof,

Vernietigt de bestreden beslissing.

Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van de vernie-tigde beslissing.

Veroordeelt de verweerder in de kosten.

Verwijst de zaak naar de anders samengestelde raad van beroep van de Orde der geneesheren met het Nederlands als voertaal.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samen-gesteld uit afdelingsvoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, afdelingsvoorzitter Eric Stassijns, en de raadsheren Alain Smetryns, Koen Mestdagh en Geert Jocqué, en in openbare rechtszitting van 21 december 2012 uitgesproken door afdelingsvoor-zitter Eric Dirix, in aanwezigheid van advocaat-generaal Dirk Thijs, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche.

K. Vanden Bossche G. Jocqué K. Mestdagh

A. Smetryns E. Stassijns E. Dirix

Vrije woorden

  • Raad van beroep

  • Geneesheer

  • Schorsing voor langer dan één jaar

  • Vereiste meerderheid van minstens twee derde der stemmen

  • Wettigheidstoezicht door het Hof