- Arrest van 7 januari 2013

07/01/2013 - S.11.0024.F

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
De weerslag die de wijziging van de afhankelijkheidscategorie kan hebben op het vlak van de tegemoetkoming van verzorging en bijstand in de handelingen van het dagelijks leven die het rusthuis verstrekt aan zijn rusthuisgasten, rechtvaardigt een toch alleszins moreel belang van laatstgenoemden waardoor zij in de zin van artikel 17 van het Gerechtelijk Wetboek kunnen optreden om beslissingen aan te vechten die hun afhankelijkheidscategorie wijzigen (1). (1) Zie de concl. van het O.M. in Pas. nr. ..

Arrest - Integrale tekst

Nr. S.11.0024.F

RIJKSINSTITUUT VOOR ZIEKTE- EN INVALIDITEITSVERZEKE-RING,

Mr Willy van Eeckhoutte, advocaat bij het Hof van Cassatie,

tegen

1. J. S.,

2. B. S.,

3. F. S.,

4. W. S.,

optredend als erfgenamen van M. P.

5. M. V.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het arbeidshof te Brussel van 15 september 2010.

Advocaat-generaal Jean Marie Genicot heeft op 26 november 2012 een conclusie ter griffie neergelegd.

Raadsheer Alain Simon heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Jean Marie Genicot is gehoord in zijn conclusie.

(...)

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Eerste onderdeel

Het arrest oordeelt dat de rusthuisbewoners, gelet op de weerslag die de wijziging van de afhankelijkheidscategorie kan hebben op het vlak van de tegemoetkoming van verzorging en bijstand in de handelingen van het dagelijks leven die het rust-tehuis hen verstrekt, er op zijn minst een moreel belang bij hebben dat hun afhan-kelijkheidscategorie nauwkeurig wordt bepaald.

Het arrest verantwoordt aldus naar recht zijn beslissing dat de verweerders van een belang, in de zin van artikel 17 Gerechtelijk Wetboek, doen blijken om in rechte op te treden tegen de beslissingen die hun afhankelijkheidscategorie wijzi-gen.

Het onderdeel kan niet worden aangenomen.

Tweede onderdeel

Artikel 18, eerste lid, Gerechtelijk Wetboek maakt het bestaan van een reeds ver-kregen en dadelijk belang om in rechte op te treden niet ondergeschikt aan het niet-instellen van een vordering door een andere houder van het recht waarvan de miskenning wordt aangevoerd.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt de voorziening.

Veroordeelt de eiser in de kosten.

Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, derde kamer, te Brussel, door afde-lingsvoorzitter Albert Fettweis, de raadsheren Martine Regout, Alain Simon, Mireille Delange en Michel Lemal, en in openbare terechtzitting van 7 januari 2013 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Albert Fettweis, in aanwezigheid van advocaat-generaal Jean Marie Genicot, met bijstand van griffier Fabienne Gobert.

Vertaling opgemaakt onder toezicht van raadsheer Geert Jocqué en overge-schreven met assistentie van griffier Johan Pafenols.

De griffier, De raadsheer,

Vrije woorden

  • Burgerlijke zaken

  • Inleiding

  • Voorwaarden

  • Hoedanigheid

  • Belang

  • Aangevoerd subjectief recht

  • Betwisting

  • Rusthuis

  • Rusthuisgast

  • Afhankelijkheidscategorieën

  • Wijziging