- Arrest van 18 januari 2013

18/01/2013 - F.11.0151.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
De verplichting tot bewaring en voorlegging van de boeken en stukken met betrekking tot de uitgeoefende werkzaamheid, geldt ook voor een door de belastingplichtige, buiten enige wettelijke verplichting, bijgehouden reservatieboek, vermits dergelijk boek betrekking heeft op de uitgeoefende werkzaamheid (1). (1) Zie de concl. van het O.M.

Arrest - Integrale tekst

Nr. F.11.0151.N

SLAGMOLEN nv, met zetel te 3660 Opglabbeeek, Molenweg 177,

eiseres,

met als raadsman mr. Herman Segers, advocaat bij de balie van Hasselt, met kan-toor te 3580 Beringen, Hasseltsesteenweg 136,

tegen

BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Financiën, met kabinet te 1000 Brussel, Wetstraat 12-14, voor wie optreedt de gewestelijk direc-teur van de btw te Hasselt, met kantoor te 3500 Hasselt, Voorstraat 43, bus 40,

verweerder,

vertegenwoordigd door mr. Antoine De Bruyn, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Dalstraat 67, waar de verweerder woonplaats kiest.

II. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwerpen van 6 september 2011.

Advocaat-generaal Dirk Thijs heeft op 26 oktober 2012 een schriftelijke conclusie neergelegd.

Afdelingsvoorzitter Eric Stassijns heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Dirk Thijs heeft geconcludeerd.

III. CASSATIEMIDDELEN

De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, drie middelen aan.

IV. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Eerste middel

2. Artikel 60, § 1, tweede lid, Btw-wetboek bepaalt dat belastingplichtigen en niet-belastingplichtige rechtspersonen tot de in het eerste lid van dat wetsartikel omschreven bewaarverplichting ook gehouden zijn ten aanzien van de andere boeken en stukken met betrekking tot de uitgeoefende werkzaamheid.

Artikel 61, § 1, eerste lid, Btw-wetboek bepaalt dat eenieder is gehouden de boe-ken, facturen, kopieën van facturen en andere stukken of hun kopieën, die hij overeenkomstig artikel 60 moet bewaren, op ieder verzoek van de administratie die de belasting over de toegevoerde waarde onder haar bevoegdheid heeft, zon-der verplaatsing en zonder onnodig uitstel, voor te leggen teneinde de juiste hef-fing van de belasting in zijnen hoofde of in hoofde van derden te kunnen nagaan.

3. Deze verplichting tot bewaring en voorlegging geldt derhalve ook voor een door de belastingplichtige, buiten enige wettelijke verplichting, bijgehouden re-servatieboek, vermits dergelijk boek betrekking heeft op de uitgeoefende werk-zaamheid.

In zoverre het middel voorhoudt dat er met betrekking tot een vrijwillig bijgehou-den reservatieboek geen overleggingsplicht bestaat, faalt het naar recht.

4. In zoverre het middel voorhoudt dat de appelrechters in het arrest een essen-tieel element in hun beoordeling niet hebben nagegaan door zonder meer te stellen dat de eiseres gehouden is om haar reservatieboek over te leggen zonder aan te duiden welk reservatieboek over welk jaar diende te worden voorgelegd, kan het niet worden aangenomen daar er tussen de partijen in het geding geen twijfel of betwisting bestond over de vraag welk reservatieboek bedoeld was.

5. In zoverre het middel schending aanvoert van artikel 14, §§ 1 en 2, Btw-wetboek dat werd opgeheven door artikel 5 van de wet van 27 december 1977, is het niet ontvankelijk.

Tweede middel

6. Het arrest oordeelt dat de door de fiscale ambtenaar uitgevoerde controle geen schending inhoudt van enig beginsel van behoorlijk bestuur en overeenkom-stig de wet is uitgevoerd. Daarmee beantwoordt het het bedoelde verweer.

7. De appelrechters oordelen dat de eiseres wettelijk gehouden was het door haar bijgehouden reservatieboek op verzoek van de controleambtenaar over te leggen. Zij beantwoorden aldus het bedoelde verweer.

8. Het middel mist in zoverre feitelijke grondslag.

Derde middel

9. Het middel dat voorhoudt dat niet is aangetoond dat het reservatieboek toe-behoort aan de eiseres dan wel aan de afgevaardigde bestuurder van de eiseres, verplicht het Hof tot een onderzoek van feiten, waarvoor het niet bevoegd is en is mitsdien niet ontvankelijk.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt het cassatieberoep.

Veroordeelt de eiseres in de kosten.

Bepaalt de kosten voor de eiseres op 112,15 euro en voor de verweerder op 429,01 euro.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samen-gesteld uit afdelingsvoorzitter Eric Stassijns, als voorzitter, en de raadsheren Beatrijs Deconinck, Geert Jocqué, Filip Van Volsem en Bart Wylleman, en in openbare rechtszitting van 18 januari 2013 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Eric Stassijns, in aanwezigheid van advocaat-generaal Dirk Thijs, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche.

K. Vanden Bossche B. Wylleman F. Van Volsem

G. Jocqué B. Deconinck E. Stassijns

Vrije woorden

  • Controlemaatregelen

  • Btw-werkzaamheid

  • Boeken en stukken

  • Verplichting tot bewaring en voorlegging